Pagina delen

Visie Landelijk Gebied Zutphen

Het college van burgemeester & wethouders stelt voor :

1. de “Visie Landelijk Gebied Zutphen” gewijzigd vast te stellen;

2. de zienswijzennota “Visie Landelijk Gebied Zutphen”, d.d. september 2015, en de nota met ambtshalve wijzigingen, d.d. juni 2015, vast te stellen.

Inhoud

Inleiding/aanleiding

De ontwerp “Visie Landelijk Gebied Zutphen” heeft zes weken ter inzage gelegen van 26 maart 2015 tot en met 6 mei 2015 voor het indienen van schriftelijke en/of mondelinge zienswijzen. Tijdens deze termijn zijn zeven zienswijzen ontvangen.

Aanleiding

In de Strategische Agenda 2015-2018 is opgenomen een visie voor het landelijk gebied op te stellen, met als doel koers vast te leggen voor de komende jaren.

Gedurende het proces tot opstellen van de visie landelijk gebied is meerdere keren gesproken met een in het leven geroepen adviesgroep. Deze adviesgroep bestaat uit mensen met een passie voor het buitengebied, als landgoedeigenaar enz. Ook belangenorganisaties en wijk/dorpsraden zijn in de adviesgroep vertegenwoordigd. De adviesgroep telt circa 25 mensen.

In de eerste helft van 2014 is gesproken aan de hand van een opgestelde discussienota. Zowel met de adviesgroep, maar ook met de brede samenleving, partners en het forum. Er is een open discussie geweest over de verschillende onderwerpen. De uitkomsten van deze bijeenkomsten zijn input geweest voor de daadwerkelijk op te stellen ontwerp-visie landelijk gebied. De tweede helft van 2014 is de daadwerkelijke ontwerp visie landelijk gebied geschreven. De ontwerp-visie betreft het ruimtelijk beleid voor het landelijk gebied. Deze ontwerp-visie is in februari 2015 vervolgens besproken met de adviesgroep. Een verslag van deze bijeenkomst is bijgevoegd.

De ontwerp-visie landelijk gebied bevat naast de visie zelf ook een publieksversie. Deze schetst een beknopte visie op hoofdlijnen. Nu heeft de ontwerp-visie dus zes weken ter inzage gelegen en zijn er zeven zienswijzen ingediend.

 

Beoogd effect

Een visie voor het landelijk gebied van de gemeente Zutphen die ruimte creëert voor initiatieven van derden (uitnodigingsplanologie) voortbordurend op de kwaliteiten van het gebied en die als basis dient voor het ruimtelijk beleid in onder andere bestemmingsplannen.

 

Argumenten

1.1. De “Visie Landelijk Gebied Zutphen” sluit aan bij de bestuurlijke koers.

De “Visie Landelijk Gebied Zutphen” geeft invulling aan de Strategische Agenda 2015-2018 en sluit aan bij de bestuurlijke koers zoals verwoord in het Collegeakkoord 2014-2018 “Krachten bundelen”. De visie is tot stand gekomen door een participatietraject met de samenleving en biedt ruimte voor initiatieven die daaruit voortkomen, zonder daarbij de kwaliteiten van het buitengebied te verliezen. De gemeente heeft daarbij voornamelijk een verbindende, uitnodigende en faciliterende rol. 

1.2. De “Visie Landelijk Gebied Zutphen” past binnen de Strategische Visie.

De visie sluit aan bij de Strategische Visie. De Strategische Visie benoemt  de ruimtelijke kwaliteit van de stad Zutphen liggend in de nationaal landschapsdriehoek Veluwe, IJsselvallei en Achterhoek. Met de IJssel als krachtige blauwe verbindingsader tussen stad en natuur, maar ook tussen stad en regio. Zutphen kent een grote verbondenheid met zowel het groene achterland, als met de omliggende steden. Dat maakt Zutphen tot aantrekkelijke stad om te wonen, te bezoeken (recreëren) en om te werken. De visie sluit aan op het DNA van Zutphen, en zoomt specifiek voor het buitengebied in op een toekomstbestendig buitengebied.  

2.1 Zienswijzen op de ontwerp “Visie Landelijk Gebied Zutphen” leiden tot aanpassingen van de visie.

Tijdens de inzage periode zijn zes schriftelijke zienswijzen ingediend en één mondelinge zienswijze (waarvan verslag is gemaakt).

Samenvatting zienswijzen inclusief reactie

Twee zienswijzen gaan over het thema natuur en landschap. Deze zienswijzen zijn vrijwel uniform. De reactie op hoofdlijnen benoemt de visie onevenwichtig en niet in lijn met het Landschapsontwikkelingsplan (LOP). De zienswijze beschrijft het belang van natuur waarvoor ook zekerheden moeten zijn in de toekomst. De zienswijze benoemt dat de gemeente daar als handhaver van de landschappen een belangrijke rol in heeft.

Hierop is aangegeven dat de visie is opgesteld in samenspraak met een adviesgroep (waar inspreker lid was). In de adviesgroep was veel waardering voor het stuk. Ruimte voor initiatieven en behoud van de kwaliteiten van het landelijk gebied zijn in evenwicht. Het LOP is één van de bouwstenen van de visie. De visie geeft richting aan de toekomst van het landelijk gebied in de volle breedte (landschap, natuur, cultuurhistorie, economische ontwikkelingen e.d.). Landschap is één van de thema’s in de visie en heeft in de visie een vergelijkbare plek als de andere thema’s.

De rol van de gemeente in relatie tot natuur is veranderd. Daar waar de gemeente in het verleden in het STUIT een eigen programma voerde en uitvoering aan het LOP (landschapsontwikkelingsplan) voor ogen had, hoort dit nu niet meer tot de kerntaken van de gemeente. Natuurwaarden worden nu vooral beschermd door provinciaal beleid. De gemeente Zutphen neemt deel aan de overleggen waarin de provincie natuurbeleid uitwerkt in een gebiedenatlas en werkt hierin samen met regionale partners. Particuliere initiatieven worden waar dat kan gefaciliteerd. De gemeente onderschrijft de zorg voor natuur en weegt natuurbelangen mee in afweging van alle andere (economische) belangen.

Met de indiener van deze zienswijze is een gesprek gevoerd. Naar aanleiding van dit gesprek is een verduidelijkende tekst in de visie opgenomen. De tekst verduidelijkt de erkenning van kwaliteiten van het landelijk gebied. De tekst is opgenomen in de zienswijzennota.

Verder bevatten deze zienswijzen veel gedetailleerde vragen ter verduidelijking en/of tekstuele aanpassing. Deze zijn beantwoord in de zienswijzennota.

Eén zienswijze vraagt om een verwijzing op te nemen naar het plan Berkeldreef. Deze verwijzing wordt niet opgenomen, daar het plan niet binnen de begrenzing van de visie valt. Wel is de gemeente op de hoogte van dit plan en is over dit plan contact met de initiatiefnemer.

Eén zienswijze betreft de hoogspanningsleidingen. De zienswijze gaat in op de impact die hoogspanningsleidingen hebben op de identiteit van het landelijk gebied. De leidingen zijn niet opgenomen in de visie. De zienswijze vraagt ze op te nemen in de visie, en als de gemeente van mening is dat ze verstorend werken de gemeente samen met inspreker en andere inwoners naar oplossingen moet zoeken. Daarop is aangegeven dat de thema’s in de visie zijn bepaald door de adviesgroep, de consultatieronde en het forum.  Aan de hand van de discussienota zijn vervolgens deze thema’s bediscussieerd. Hoogspanningsleidingen zijn hier niet naar voren gekomen. Datzelfde geldt voor bijvoorbeeld infrastructuur en waterlopen. Verder zijn ten aanzien van de hoogspanningsleidingen uitspraken gedaan door het gemeentebestuur en kennen gesprekken hierover een eigen proces. Derhalve wordt dit onderwerp niet gekoppeld aan de visie.

Eén zienswijze gaat over de inspirerende zones in de visie op hoofdlijnen en de zorg over waardebehoud van de agrarische gronden. Daarop is aangegeven dat het bij inspirerende zones gaat om zones die bedoeld zijn als inspiratie voor de ontwikkeling van het landelijk gebied in de toekomst. De kaart zegt niets over de voortzetting en ontwikkeling van de huidige aanwezige functies. De ontwikkeling van deze functies wordt op geen enkele wijze beperkt. Bijbehorende vraag is om de hoek Boggelaar-Hoekendaalseweg-Dennendijk op te nemen in de agrarische zone. Daarop is aangegeven dat deze percelen deel uitmaken van het Gelders Natuurnetwerk en het Gelders Ontwikkelingsgebied en beter passend zijn in de landgoederen en natuurzone. Tot slot wordt gesteld dat als functies bij voormalige agrarische bedrijven veranderen hier ook snel internet bij hoort. Daarop is geantwoord dat de gemeente een digitale dienstverlening en duurzame ontwikkeling in het landelijk gebied faciliteert. Snel internet/glasvezel is niet opgenomen in de visie als zelfstandig onderwerp, maar is bestuurlijk onder de aandacht.

Eén zienswijze gaat over de standpunten over duurzaamheid en natuur in de visie en de zorgen dat deze ambitie teniet wordt gedaandoor uitbreidingsmogelijkheden van recreatiemogelijkheden en het ondersteunen van de economische belangen van de agrarische sector en de daarmee gepaard gaande schaalvergroting. De zienswijze gaat met name over de consequenties, gevolgschade van de potentiële ontwikkelingen. Niet alle aspecten uit de zienswijze worden hier genoemd, hieronder worden de punten beschreven die op de essentie van de visie ingaan.

De zienswijze vraagt om de steun aan schaalvergroting te herzien en de voorkeur te geven aan grondgebonden, kleinschalige en biologische land- en tuinbouw. Megastallen moeten worden voorkomen. De gevolgschade van groei is onaanvaardbaar voor volksgezondheid, dierenwelzijn en de natuur. Mestvergisters moeten worden uigesloten. De zienswijze vraagt de tegenstrijdigheden tussen invloed van de agrarische sector op het landschap en transportbewegingen op te lossen ten voordele van de verduurzaming. Met de indiener van deze zienswijze is een gesprek gevoerd, waarin met name de essentie van de zienswijze is verduidelijkt.

Inhoudelijk is op deze zienswijze geantwoord dat de visie ruimte biedt voor zowel groei van bedrijven als ruimte biedt voor bedrijven om vergaand of minder vergaand in te spelen op duurzaamheid. Het ruimtelijk beleid stuurt niet expliciet op biologische veehouderij. De groei van de biologische land- en tuinbouw wordt bepaald door de marktvraag. Vanuit de Omgevingsverordening stuurt de provincie Gelderland op kwaliteit van plannen waarbij de groei van een bedrijf de basis is voor verduurzaming (innovatie). De adviesgroep heeft ook aangeven dat veehouderijen op bestaande locaties uitzicht moeten hebben op grond, juist ook om te kunnen investeren in de toepassing van nieuwe technieken die milieuwinst opleveren. De provincie gaat een zogeheten Plussensysteem uitwerken, waarbij een van de doelen is bijdragen aan transitie duurzame veehouderij. Dit plussensysteem wordt opgezet om verder invulling te geven aan ontwikkelruimte van agrarische bedrijven irt weging/score op het gebied van milieu, dierenwelzijn, volksgezondheid en ruimtelijke kwaliteit. Ook kan hier worden gedacht aan water, klimaat en biodiversiteit. Primair doel is duurzame ontwikkeling van het landelijk gebied en en sturing op kwaliteit van plannen. Tav dit zogeheten plussenbeleid neemt de gemeente Zutphen deel aan dit proces en volgt deze ontwikkelingen. De provincie zal dit plussenbeleid opnemen in haar verordening en daarmee wordt dit uitgangspunt voor de gemeenten. Derhalve wordt in deze visie geen verdere uitwerking gegeven aan dit punt (geen extra regels), maar wordt dit tezamen met de Gelderse (regio)gemeenten verder uitgewerkt. Hierbij hoort de mogelijke gevolgschade bij deze discussie. Ter verduidelijking zal in de visie een tekst worden opgenomen over dit plussenbeleid.

De beantwoording ten aanzien van megastallen geeft aan dat nu geen megastallen aanwezig zijn in de gemeente Zutphen. Deze worden door de beperking in de milieu- of natuurwetgeving, samen met de doelstelling uit de visie (ontwikkeling mits de ruimtelijke kwaliteit, het dierenwelzijn of de volksgezondheid verbetert of minimaal gelijk blijft) voorkomen.

Vergisting van biomassa kan een een bijdrage leveren aan de doelstelling voor hernieuwbare energie. De wijze waarop dat gebeurt is nog volop in ontwikkeling. Op dit moment maakt het huidige bestemmingsplan buitengebied en het huidige provinciale beleid mestvergisters onder voorwaarden al mogelijk, juist omdat deze technologie in de toekomst kansrijk wordt geacht. Ook is al het een en ander mogelijk op grond van het Besluit Omgevingsrecht (vergunningsvrij). De gemeente Zutphen heeft aandacht voor de mogelijke gevolgen. De GGD heeft een notitie opgesteld waarop nader wordt ingegaan op vergisting en de risico’s. Onder andere deze notitie zal bij uitwerking van dit onderwerp richting bestemmingsplan worden betrokken. Om aan te geven dat het nadrukkelijk over kleinschalige initiatieven gaat wordt dit in de tekst van de visie verduidelijkt.

Tot slot is groei versus toename van transportbewegingen binnen de definitie van duurzame veehouderij-ontwikkeling gebracht. Een bedrijf moet een goede verhouding van het aantal dieren hebben en de oppervlakte cultuurgrond waar dit bedrijf over beschikt. Duurzame ontwikkeling hoort ook in het nader uit te werken plussenbeleid thuis.

Eén zienswijze doet het aanbod aan de gemeente om daar waar de gemeente kansen ziet (leden van) de werkgroep Stadsnatuur van Atelier3D te betrekken bij toekomstige invullingen van het landelijk gebied. De gemeente is regelmatig in gesprek met Atelier 3D. Tijdens deze gesprekken kunnen eventuele kansen worden besproken.

De zienswijzen hebben tot enkele tekstuele aanpassingen van de visie geleid. Er zijn geen inhoudelijke wijzigingen aangebracht. Niet alle zienswijzen, of onderdelen daarvan, hebben een ruimtelijke relevantie. Enkel ruimtelijk relevante punten kunnen uiteindelijk worden vertaald naar een bestemmingsplan. De volledige inhoud van de reacties en het gemeentelijke commentaar daarop zijn weergegeven in de ‘Zienswijzennota’ behorende bij de visie (zie bijlage) en deeluitmakend van dit voorstel.

De zienswijzen vormen geen aanleiding het plan niet verder in procedure te brengen.

2.2 Ambtshalve zijn er redenen om de visie landelijk gebied aan te passen

Er zijn ambtshalve redenen om de visie landelijk gebied aan te passen. Een overzicht is in de bijlage Ambtshalve wijzigingen opgenomen. Het betreft met name tekstuele aanpassingen. Daarnaast wordt de zonering op de kaart “Visie in Hoofdlijnen” aangepast rond de Leestense Laak met als doel een logische zone-indeling. De beschrijving van de cultuurhistorische ontwikkeling wordt gecomplementeerd. De kaart “Landschapstypen” op pagina 42 wordt rond het gebied van de Voorsterallee aangepast. De directe omgeving van de oprijlaan naar Huize de Voorst behoort tot het essenlandschap en wordt in dit landschapstype opgenomen. Hoofdstuk 5 wordt verduidelijkt zodat duidelijk wordt dat met duurzaamheidsaspecten zowel milieukwaliteit als ruimtelijke kwaliteit wordt bedoeld. Tot slot wordt in hoofdstuk 7 bij het onderwerp recreatie het thema sport toegevoegd. Hierdoor ontstaat een logische koppeling tussen beide thema’s.

 

Kanttekeningen

2.1.Er wordt niet tegemoet gekomen aan alle zienswijzen

Niet alle zienswijzen worden overgenomen. Voor deze insprekers is er geen mogelijkheid voor bezwaar of beroep. Voor insprekers bestaat wel de mogelijkheid in te spreken tijdens de behandeling in het forum.

2.2. In de "Visie Landelijk Gebied Zutphen" wordt de ontwikkeling van grote windturbines, solarvelden en integrale opgave bij Eefde-West niet meegenomen

De ontwikkeling van grote windturbines en solarvelden hebben een inhoudelijke relatie met de “Visie Landelijk Gebied Zutphen”. Vanuit de visie is er erkenning voor beide onderwerpen. Echter, voor beide ontwikkelingen geldt ook een eigen traject waarin afweging van deze ontwikkelingen plaatsvindt. Om de discussie hierover zuiver te kunnen houden zijn grote windturbines (waarbij een grote opgave ligt) en solarvelden uit de visie gelaten.

De integrale opgave die in Eefde-West ligt maakt geen onderdeel uit van de Visie Landelijk Gebied. De Visie Landelijk Gebied opgesteld vanuit het perspectief van het landelijk gebied. Als rondom Eefde-West ontwikkelingen aan de orde zijn, wordt dit los van de Visie Landelijk Gebied opgepakt.
 

Communicatie/Vervolgtraject/Uitvoering

Het besluit tot vaststelling van de visie wordt bekendgemaakt op de gemeentepagina van de Zutphense Koerier, het digitale gemeenteblad (via www.overheid.nl) en op de website van de gemeente. Tegen dit besluit staat geen bezwaar of beroep open.

Met de visie is de gemeente open en transparant naar haar burgers welke standpunten zij heeft ten aanzien van het landelijk gebied van de gemeente Zutphen. De “Visie Landelijk Gebied Zutphen” wordt na vaststelling vertaald in een nieuw bestemmingsplan voor het landelijk gebied van de gemeente. Aan deze wettelijke verplichting om een bestemmingsplan eens in de 10 jaar te herzien, kan dan invulling worden gegeven. Met de visie en het bestemmingsplan zijn de kaders waarbinnen ontwikkelingen mogelijk zijn dan ook duidelijk. Daarmee geeft de gemeente vorm aan de uitnodiging aan een ieder om in ons buitengebied te wonen, te werken, deze mooi te houden en te maken, en tegelijkertijd scheppen deze instrumenten duidelijkheid in beoordeling van initiatieven, willekeur wordt voorkomen en kwaliteit van het buitengebied (gebiedsDNA) wordt behouden.

 

Bijlagen

1.“Visie Landelijk Gebied Zutphen”

2. Publieksversie“Visie Landelijk Gebied Zutphen”

3. Zienswijzen

4. Zienswijzennota “Visie Landelijk Gebied Zutphen” d.d. september 2015

5. Ambtshalve wijzigingen van fase ontwerpvisie naar fase vaststelling visie d.d. juni 2015

6. Verslag adviesgroep bijeenkomst Visie Landelijk Gebied 17 februari 2015

Bijlagen

Ontwerp

Besluit

Griffienummer: 2015-0174

De raad van de gemeente zutphen,


gelezen het voorstel van het college van burgemeester & wethouders van 29 oktober 2015 met nummer 58727



b e s l u i t :

1. de “Visie Landelijk Gebied Zutphen” gewijzigd vast te stellen;

2. de zienswijzennota “Visie Landelijk Gebied Zutphen”, d.d. september 2015, en de nota met ambtshalve wijzigingen, d.d. juni 2015, vast te stellen.

Aldus besloten in de openbare vergadering van

de raad van de gemeente zutphen,

gehouden op:



de voorzitter, de griffier,

Behandeld in Forum van 16 november 2015 Naar boven

Toelichting griffie

In de Strategische Agenda 2015-2018 is aangegeven om een visie voor het landelijk gebied op te stellen, met als doel koers vast te leggen voor de komende jaren. Deze visie voor het landelijk gebied van de gemeente Zutphen beoogt ruimte te creëren voor initiatieven van derden (uitnodigingsplanologie) voortbordurend op de kwaliteiten van het gebied en dient als basis voor het ruimtelijk beleid in onder andere bestemmingsplannen.

In de eerste helft van 2014 is gesproken aan de hand van een opgestelde discussienota. Zowel met de adviesgroep, maar ook met de brede samenleving, partners en het forum. De uitkomsten van deze bijeenkomsten zijn input geweest voor de daadwerkelijk op te stellen ontwerp-visie landelijk gebied. De tweede helft van 2014 is de daadwerkelijke ontwerp visie landelijk gebied geschreven. De ontwerp-visie betreft het ruimtelijk beleid voor het landelijk gebied. Deze ontwerp-visie is in februari 2015 vervolgens besproken met de adviesgroep.

De ontwerp “Visie Landelijk Gebied Zutphen” heeft zes weken ter inzage gelegen van 26 maart 2015 tot en met 6 mei 2015 voor het indienen van schriftelijke en/of mondelinge zienswijzen. Tijdens deze termijn zijn zeven zienswijzen ontvangen.

Voorgesteld wordt de “Visie Landelijk Gebied Zutphen” gewijzigd vast te stellen, en om de zienswijzennota “Visie Landelijk Gebied Zutphen”, d.d. september 2015, en de nota met ambtshalve wijzigingen, d.d. juni 2015, vast te stellen.

Het vaststellen van beleid is op grond van artikel 110 lid 1 onder b van de Gemeentewet  een bevoegdheid van de gemeenteraad.

Raadsadviseur: M van den Berg-Platzer

Datum 16-11-2015 Tijd 19:00 - 20:00
Zaal
Commissiekamer
Behandeling
Oordeelsvormend
Openbaarheid
Openbaar
Voorzitter
G.M.M. Ritzerveld
Griffier
T.U. Post
Aanwezig namens Naam
BurgerbelangA. Verwoort
SPH.M.H. Giesen
D66H. Brouwer
PvdAF.J.G.M. Manders
GroenLinksC. Oosterhoff
StadspartijD. Bogerd
VVDH. Hissink
CDAG.H. Brunsveld
ChristenUnieR.A. Klein Bennink
BewustZWA.W. Jansen
Lijst van VlietF. van Vliet

Verslag van de vergadering

De voorzitter opent de vergadering en heet iedereen welkom.

De heer Grotenhuis spreekt in namens Stichting Waardevol Warnsveld en de Vogelwerkgroep Zutphen e.o.

De voorzitter geeft gelegenheid voor het stellen van verhelderende vragen aan de inspreker.

CDA: Wat bedoelt u met compensatie?

De heer Grotenhuis geeft aan dat er compensatie moet komen voor natuur en landschap als deze aangetast worden.

VVD: U zet natuur en landschap recht tegenover agrarisch ondernemen.

PvdA: U zegt dat er met deze visie megastallen kunnen komen. Klopt dat?

De heer Grotenhuis geeft aan dat hij megastallen juist wil voorkomen.

De voorzitter geeft het woord aan het college.

Het college geeft aan dat het opstellen van de visie een langdurig proces is geweest. Veel mensen zijn blij met de visie. De essentie is uitnodigingsplanologie: de gemeente doet het niet meer zelf, private partijen mogen initiatieven nemen. Doel van de visie is om een koers te bepalen. De visie is niet bedoeld om details te regelen; het gaat om de hoofdlijnen. Wat betreft de inhoud willen we landschappelijke elementen behouden. We hebben zienswijzen ontvangen en hebben daarnaar geluisterd.

GroenLinks: We hebben bezwaar tegen de visie, met name paragraaf 3.2 over de agrarische bedrijven. Wij vinden megastallen niet te combineren met behoud van natuur en landschap. Kleine landschapselementen gaan dan verloren en koeien blijven binnen.

VVD: U heeft een doemscenario voor ogen. Er komen haast geen nieuwe stallen meer bij. Het gaat hier om lokaal beleid. Er verandert niets.

GroenLinks: We moeten inzetten op landbouw zoals die nu is. We moeten streven naar landbouw in combinatie met natuur en landschap. Niet opschrijven dat we willen concurreren op wereldschaal. Ik verwacht veel aan- en afvoer naar grote bedrijven, met veel verkeersbewegingen tot gevolg.

Lijst Van Vliet: Positief dat er ruimte is voor initiatieven van derden. Graag extra inspanningen zodat er extra werk komt in Zutphen. Jammer dat bij de visie de discussie over hoogspanningsleidingen, snel internet en de windmolens bij Eefde niet zijn meegenomen. Megastallen vinden wij niet wenselijk. Bestaande bedrijven moeten wel kunnen uitbreiden. Een open en transparante visie vinden wij prima.

CDA: Lezen wij en GroenLinks wel dezelfde visie? Ik lees iets anders over megastallen.

GroenLinks: Lees de nota. Daar staat dat agrariërs de ruimte moeten krijgen.

CDA: In de zienswijzennota lees ik dat er geen megastallen gaan komen.

Stadspartij: Ik leg dat anders uit. We zijn afhankelijk van wat de provincie toelaat. De gemeente moet ook een standpunt innemen.

CDA: Wij hebben een vraag aan het college: hoe moeten we dit lezen in de visie?

Het college zegt dat er in theorie een megastal kan komen.

GroenLinks: Als we geen megastallen willen, moeten we dat opschrijven.

VVD: Er is vrijheid van ondernemen. Wat is overigens een megastal? Daar is veel onduidelijkheid over.

D66: Ik lees in de visie dat er een megastal mogelijk is. Maak dat heel duidelijk in de visie.

GroenLinks: In de visie moeten we aangeven wat we willen, in bestemmingsplannen werken we dat vervolgens uit.

BewustZW: De gemeente kan afwijken van regels. Laten we in de visie opschrijven wat we willen.

PvdA: In de gehele visie staan goede zaken; laten we ons nu niet beperken tot megastallen.

VVD: De agrarische bouwkavels moeten niet alleen groter worden in verband met megastallen, maar ook vanwege de dierwelzijnseisen.

GroenLinks: De overheid moet duidelijk aangeven wat de kaders zijn. Wij zijn voor een duurzame ontwikkeling van de landbouw.

BewustZW: Hoort daar ook volksgezondheid bij?

GroenLinks: Er zijn luchtwassers op stallen, waardoor er minder uitstoot is. Het gaat mij om de vervoersbewegingen en het behoud van natuur en landschap.

BewustZW: Veel kleine agrarische bedrijven maken samen één groot bedrijf.

GroenLinks: Daar zijn wettelijke regels voor.

De voorzitter vraagt of er opmerkingen zijn over andere onderwerpen dan de megastallen.

BewustZW: Jammer dat de hoogspanningsleidingen niet in de visie zijn opgenomen.

Het college geeft aan dat er in deze collegeperiode geen sprake kan zijn van verkabeling. Het Comité is welkom, ik spreek hen regelmatig.

BewustZW: In de visie moeten de doelstellingen staan, dus ook iets over verkabelen.

Het college geeft aan dat we samen de thema’s van de visie bepaald hebben en toen zijn de hoogspanningsleidingen niet naar voren gekomen.

Lijst Van Vliet: Er moet snel internet komen.

Het college stelt dat daar geen geld voor is. We kijken wel naar mogelijkheden voor ondersteuning.

BewustZW: Dit is een visie. Bij de uitvoering hoef je uiteindelijk pas te kijken naar geld.

Burgerbelang: Is er contact met LTO?

College: Ik betrek ze erbij.

VVD: Er ligt een goede visie. Veel mensen zijn gehoord. Wij zien graag meer kansen voor ondernemers in het buitengebied.

ChristenUnie: Fijn dat snel internet onderzocht wordt. GroenLinks kan een amendement indienen over haar zorgpunten.

GroenLinks: Dat kan een goed idee zijn.

Stadspartij: Wij vinden een groot deel van de visie goed. Wij willen dat de natuur en flora en fauna sterker benadrukt worden. Hoogspanningsleidingen graag verwoorden in algemene termen.

PvdA: Het probleem zit, wat ons betreft, bij de megastallen. Wanneer is iets een megastal?

ChristenUnie: In het bestemmingsplan kunnen megastallen geregeld worden.

D66: Wij sluiten ons aan bij het GroenLinks-initiatief.

Burgerbelang: Wij ook.

CDA: Wij vinden het een evenwichtig document. De belangen zijn goed afgewogen.

SP: Wij zijn het niet eens met GroenLinks.

De ambtelijke ondersteuning stelt dat de visie uitgaat van ruimte voor ondernemers. Daarbij is het DNA van het gebied van belang. Natuur en landschap zijn daarbij meegenomen, net als cultuurhistorie en andere belangen. Het provinciaal beleid wordt gauw duidelijk, duurzaamheid is daarin meegenomen. Ook innovatie is van belang. Voor megastallen zijn verschillende definities. Het gaat in ieder geval om grote stallen/bedrijven.

Lijst Van Vliet: Waarom zijn de windmolens niet meegenomen in de visie?

Het college geeft aan dat dat een apart project is. Dat wordt buiten de visie om geregeld.

GroenLinks: De visie geeft een te rooskleurig beeld. Het college geeft niet een reëel beeld. We moeten helder zijn in wat we willen.

VVD: Laten we reëel zijn: er zijn erg weinig grote landbouwbedrijven met koeien.

De ambtelijke ondersteuning licht nog toe dat door milieu- en natuurregels agrarische bedrijven al stevig op slot zitten.

Stadspartij: In het kader van het provinciale Plusbeleid heb ik al eens een puntensysteem gesuggereerd. Het zou fijn zijn als wij daar ook iets mee gaan doen.

D66 geeft nogmaals aan dat ook zij zich aansluiten bij het standpunt van GroenLinks.

De voorzitter constateert ten slotte dat de visie voldoende is bediscussieerd en dat het voorstel rijp is voor behandeling in de raad. Hij bedankt iedereen en sluit de vergadering.

Bijlagen

Advies

Voldoende besproken. Verder debat in de raad

Behandeld in Raad 30 november 2015 (21:30 - 23:00) Naar boven

 
Datum 30-11-2015 Tijd 21:30 - 23:00
Zaal
Raadzaal
Openbaarheid
Openbaar
Voorzitter
J.A. Gerritsen
Griffier
G.A.J. Winters

Verslag van de vergadering

Zie de bijlage.

Bijlagen

Besluit

Aangenomen
Het voorstel is aangenomen met 21 stemmen voor en 6 tegen uitgebracht. De fracties van GL en de Stadspartij stemden tegen, de overige fracties stemden voor.
Geen amendementen ingediend