Pagina delen

Toepassen coördinatieprocedure windturbines De Mars-Twentekanaal Noord

Het college van burgemeester & wethouders stelt voor :

De gemeentelijke coördinatieregeling op grond van artikel 3.30 Wet ruimtelijke ordening van toepassing te verklaren voor de realisering van de windturbines in het gebied De Mars/Twentekanaal Noord, en in ieder geval de volgende besluiten te coördineren: de voorbereiding en bekendmaking van een bestemmingsplan (inclusief plan MER) en/of omgevingsvergunningen (op grond van artikel 2.12 Wet algemene bepalingen omgevingsrecht).

Inhoud

Inleiding/aanleiding

IJsselwind en het Waterschap Rijn en IJssel zijn van plan in het gebied De Mars/Twentekanaal Noord gezamenlijk drie windturbines te realiseren. Hierover bent u al verschillende keren geïnformeerd en op 25 september 2017 heeft u besloten het initiatief van IJsselwind en het Waterschap Rijn en IJssel tot het realiseren van de windturbines verder te (onder)steunen.

Om de procedure voor realisering van projecten zoals windturbines zo efficiënt mogelijk te laten lopen heeft de gemeente de mogelijkheid (op basis van artikel 3.30 van de Wet ruimtelijke ordening) om de besluiten die nodig zijn voor de realisering van een project gelijktijdig in procedure te brengen. In dit geval gaat het om het bestemmingsplan (inclusief MER) en de omgevingsvergunning bouwen en milieu die nodig zijn voor de realisering van de windturbines. Deze werkwijze zorgt voor samenhang tussen de te nemen besluiten en dat maakt de procedure overzichtelijk voor de belanghebbenden, waaronder de initiatiefnemer en omwonenden. Om de gecoördineerde procedure te kunnen volgen is het nodig dat de gemeenteraad voor dit specifieke geval de coördinatieregeling van toepassing verklaart.

Beoogd effect

Door toepassing van de coördinatieprocedure kunnen de benodigde besluiten voor de realisatie van drie windturbines in het gebied De Mars/Twentekanaal Noord zorgvuldig en efficiënt plaatsvinden.

Argumenten

1.1 De gemeentelijke coördinatieregeling kan worden toegepast omdat Gedeputeerde Staten van Gelderland hebben besloten dat artikel 9f, eerste en tweede lid, van de Elektriciteitswet 1998 niet van toepassing is voor de realisatie van drie windturbines in het gebied De Mars/Twentekanaal Noord.

Op basis van artikel 9f lid 1 van de Elektriciteitswet 1998 zijn Gedeputeerde Staten aangewezen tot het toepassen van de provinciale coördinatieregeling ten aanzien van de benodigde uitvoeringsbesluiten voor de aanleg of uitbreiding van windenergieparken met een capaciteit van tenminste 5 maar niet meer dan 100 megawatt. Hieronder valt het project voor de drie geplande drie windturbines in het gebied De Mars/Twentekanaal Noord. Gedeputeerde Staten kunnen besluiten de provinciale coördinatieregeling niet van toepassing te verklaren op grond van artikel 9f lid 6 van de Elektriciteitswet 1998. Op 7 november 2017 hebben zij besloten de provinciale coördinatieregeling niet van toepassing te verklaren voor de windturbines in het gebied De Mars/Twentekanaal Noord omdat zij geen versnelling of andere aanmerkelijke voordelen verwachten indien zij zelf een deel van de besluitvorming, zijnde de omgevingsvergunning, op zich nemen (zie bijlage 1). Dit gelet op het feit dat de gemeente al bezig is met de procedure voor het bestemmingsplan en de procedure voor belanghebbenden inzichtelijker wordt wanneer ze zoveel mogelijk met één bevoegd gezag te maken hebben. Dit betekent dat de gemeente bevoegd gezag is geworden voor uitvoeringsbesluiten, onder de voorwaarde dat de gemeentelijke coördinatieregeling wordt toegepast.

1.2 Coördinatie zorgt voor vereenvoudiging in de procedure voor burgers – belanghebbenden – belangstellenden.

In artikel 3.30 van de Wet ruimtelijke ordening is de gemeentelijke coördinatieregeling opgenomen. Deze maakt het mogelijk om de verschillende besluiten die samenhangen met de realisatie van een project te coördineren. Deze regeling geeft de gelegenheid de voor de realisering van de windturbines benodigde bestemmingsplanherziening en ontwerpomgevingsvergunning(en) gecombineerd in procedure te brengen. Zonder coördinatie zouden hiervoor afzonderlijke procedures moeten worden doorlopen met verschillende proceduretijden. Dit kan een zeer versnipperd en onoverzichtelijk beeld voor de burger en belanghebbenden opleveren. Door het toepassen van de coördinatieregeling kan de procedure aanmerkelijk worden verkort.

Het bestemmingsplan en de omgevingsvergunning(en) worden gelijktijdig voorbereid volgens de bestemmingsplanprocedure. Er kan dan in één keer op alle gecoördineerde ontwerpbesluiten worden gereageerd. Daarna neemt de gemeenteraad een besluit over het bestemmingsplan en besluit het college over de omgevingsvergunning(en). In de beroepsprocedure worden het vaststellingsbesluit en de beslissing op de aanvraag om de vergunningen vervolgens behandeld als één besluit. Dit betekent dat slechts één rechtsgang nodig is, namelijk rechtstreeks beroep bij de Afdeling bestuursrecht­spraak van de Raad van State (AbRvS) in plaats van afzonderlijk beroep voor het bestemmingsplan bij de AbRvS én afzonderlijk beroep bij rechtbank en AbRvS voor de omgevingsvergunning.

1.3 Coördinatie leidt tot een procedurele versnelling.

Het idee van het gecoördineerd voorbereiden en nemen van besluiten is dat dit kan leiden tot een procedurele versnelling. Het zelfstandig en op verschillende momenten publiceren van ontwerp- en definitieve besluiten neemt meer tijd in beslag dan het gezamenlijk en tegelijkertijd behandelen. Vroegtijdige afstemming en de behandeling tegelijkertijd door dezelfde rechter draagt bij aan een heldere en kortere procedure. Bovendien wordt door het toepassen van de coördinatieregeling de termijn voor de AbRvS om te beslissen op de beroepen verkort naar maximaal zes maanden, in plaats van één jaar.

Kanttekeningen

1.1 De aanvraag omgevingsvergunning moet in een vroegtijdig stadium volledig duidelijk zijn.

Aangezien alle te coördineren besluiten tegelijkertijd in procedure gaan, moet er op het moment van procedurestart een gedetailleerde uitwerking van het bouwplan zijn. Met andere woorden, de initiatiefnemers moeten tijdig een volledig ontvankelijke aanvraag om omgevingsvergunning gereed hebben, zodat de ontwerpomgevingsvergunning(en) gelijktijdig met het ontwerpbestemmingsplan ter inzage kan worden gelegd. De initiatiefnemers hebben aangegeven dit haalbaar te achten.

1.2 Niet alle benodigde vergunningen kunnen worden gecoördineerd.

De gemeentelijke coördinatieprocedure is alleen van toepassing op besluiten die door de gemeente worden genomen. Andere voor de realisering benodigde besluiten, zoals een ontheffing of vrijstelling Wet Natuurbescherming, dienen te worden verleend door het desbetreffende bevoegd gezag, zoals de provincie of het rijk. Wel kunnen deze procedures eventueel op elkaar worden afgestemd.

Communicatie/Vervolgtraject/Uitvoering

Het besluit om de coördinatieregeling van toepassing te verklaren zal worden gepubliceerd. Het coördinatiebesluit staat op de negatieve lijst van de Algemene wet bestuursrecht, waardoor tegen dit besluit geen bezwaar of beroep mogelijk is. Het gaat hier om een procedurele beslissing. De inhoudelijke beoordeling van het project vindt plaats in het kader van de vaststelling/verlening van de gecoördineerde besluiten.

Bijlagen

Brief Gedeputeerde Staten van Gelderland d.d. 7 november 2017 (zaaknummer 2017-001702)

Bijlagen

Ontwerp

Besluit

Griffienummer: 2018-0004

De raad van de gemeente zutphen,


gelezen het voorstel van het college van burgemeester & wethouders van 10 januari 2018 met nummer 115127


gelet op artikel 3.30 Wet ruimtelijke ordening


b e s l u i t :

De gemeentelijke coördinatieregeling op grond van artikel 3.30 Wet ruimtelijke ordening van toepassing te verklaren voor de realisering van de windturbines in het gebied De Mars/Twentekanaal Noord, en in ieder geval de volgende besluiten te coördineren: de voorbereiding en bekendmaking van een bestemmingsplan (inclusief plan MER) en/of omgevingsvergunningen (op grond van artikel 2.12 Wet algemene bepalingen omgevingsrecht).

 

Aldus besloten in de openbare vergadering van

de raad van de gemeente zutphen,

gehouden op:



de voorzitter, de griffier,

Behandeld in Technisch Blok 29 januari 2018 Naar boven

Toelichting griffie

IJsselwind en het Waterschap Rijn en IJssel zijn van plan in het gebied De Mars/Twentekanaal Noord gezamenlijk drie windturbines te realiseren. Hierover bent u al verschillende keren geïnformeerd en op 25 september 2017 heeft u besloten het initiatief van IJsselwind en het Waterschap Rijn en IJssel tot het realiseren van de windturbines verder te (onder)steunen.

Om de procedure voor realisering van projecten zoals windturbines zo efficiënt mogelijk te laten lopen heeft de gemeente de mogelijkheid (op basis van artikel 3.30 van de Wet ruimtelijke ordening) om de besluiten die nodig zijn voor de realisering van een project gelijktijdig in procedure te brengen.  Om de gecoördineerde procedure te kunnen volgen is het nodig dat de gemeenteraad voor dit specifieke geval de coördinatieregeling van toepassing verklaart.

De raad wordt voorgesteld De gemeentelijke coördinatieregeling op grond van artikel 3.30 Wet ruimtelijke ordening van toepassing te verklaren voor de realisering van de windturbines in het gebied De Mars/Twentekanaal Noord, en in ieder geval de volgende besluiten te coördineren: de voorbereiding en bekendmaking van een bestemmingsplan (inclusief plan MER) en/of omgevingsvergunningen (op grond van artikel 2.12 Wet algemene bepalingen omgevingsrecht).

Raadsadviseur: M van den Berg-Platzer

 
Datum 29-01-2018 Tijd 20:00 - 20:30
Zaal
Commissiekamer
Openbaarheid
Openbaar
Voorzitter
A.IJ. Pepers
Griffier
H Nijkamp
Notulist
More Support
Aanwezig namens Naam
BurgerbelangE. van Beek - van Heerde
SPG.J.N. Müller
D66H. Brouwer
PvdAF.J.G.M. Manders
GroenLinksG.V.C. Boldewijn
StadspartijD. Bogerd
VVDH.M.J. Siebelink
CDA
ChristenUnieR.A. Klein Bennink
BewustZW
Lijst van Vliet
Fractie Pepers en Verwoort

Verslag van de vergadering

1. Opening

De voorzitter opent de vergadering en heet alle aanwezigen van harte welkom.

2. Algemeen spreekrecht

De voorzitter geeft de inspreker, mevrouw Das, de mogelijkheid om het woord te voeren namens de bewoners van de Waterstraat in Zutphen. (De inspreekreactie is bijgevoegd bij het verslag).

Reacties fracties

De PvdA heeft naar aanleiding van op het eerder ontvangen schrijven van een aantal bewoners vanochtend een gesprek gehad met een van de betrokken ambtenaren. Hij begrijpt de frustratie van betrokkenen. De gedachte om de straat aan de zijde van de Marspoortstraat af te sluiten, stuit echter op onoverkomelijke bezwaren van de hulpdiensten. Wel is er een toezegging gedaan ten aanzien van plaatsing van een zogenaamde ‘Victor-veiligheidspop’. Voorts is aangegeven dat de overlast drie maanden zal duren. De situatie blijkt lastig op te lossen.

Inspreker bevestigt desgevraagd dat er overleg op ambtelijk niveau heeft plaatsgevonden. De bewoners willen graag dat de kern van het probleem wordt aangepakt en zijn niet gecharmeerd van halve oplossingen.

Het CDA vraagt wat de bewoners als een mogelijke oplossing zien.

Inspreker verwijst naar de toegezegde ‘Victor-veiligheidspop’. Dit dient tot vermindering van de rijsnelheid, maar kan niet echt als een oplossing worden gezien. Op de suggestie om de toegang tot de Waterstraat te beperken tot bestemmingsverkeer, is nog geen reactie ontvangen. De gemeente zou aanwonenden een brief kunnen verstrekken waarmee ze kunnen aantonen ter plaatse te moeten zijn. Dit schrijven zouden zij zichtbaar in de auto kunnen leggen ten behoeve van eventuele controle. Desgevraagd bevestigt inspreker dat de Waterstraat eigenlijk voorbehouden is voor   éénrichtingsverkeer. Door het sluipverkeer wordt alle regelgeving genegeerd en wordt de straat van beide zijden ingereden.

GroenLinks concludeert dat inspreker eigenlijk een beroep doet op de gemeentelijke handhaving.

Inspreker antwoordt bevestigend.

GroenLinks informeert naar de terugkoppeling vanuit de gemeente en vraagt of inspreker inmiddels duidelijk is geworden wat er al dan niet mogelijk is in de ontstane situatie.

Inspreker antwoordt dat de terugkoppeling soortgelijke maatregelen bevat als in de eerste fase. Deze maatregelen zijn echter al ontoereikend gebleken. In de dagelijkse praktijk is sprake van bijna-ongelukken en moeten fietsers uitwijken naar het smalle trottoir.

De VVD vraagt of ten aanzien van de geschetste problematiek – naar mening van inspreker – een stap in de goede richting wordt gezet als er meer toezicht wordt geregeld.

Inspreker vreest dat hier alleen maar bevestigend op kan worden geantwoord als er continu sprake zou zijn van de aanwezigheid van verkeersregelaars.

3. Aankondiging moties en amendementen

Er worden geen moties en amendementen aangekondigd.

4. Toezeggingenlijsten

Er zijn geen vragen of opmerkingen zijn naar aanleiding van voorliggende toezeggingenlijsten.

4a. Toezeggingenlijst Forum 29 januari 2018

4b. Toezeggingenlijst Raad 29 januari 2018

5. Vermoedelijke hamerstukken

5a. Toepassen coördinatieprocedure windturbines De Mars-Twentekanaal Noord

De SP stelt vast dat de coöordinatieprocedure de plaatsing van turbines bij het Twentekanaal zal vergemakkelijken. De fractie wenst hier niet aan mee te werken aangezien de SP geen voorstander is van deze windturbines en zal dan ook tegen het voorstel stemmen. De fractie heeft geen behoefte aan een debat bij raadsbehandeling; een stemverklaring kan volstaan.

De voorzitter concludeert dat het voorstel als bespreekstuk voor de raadsvergadering zal worden geagendeerd.

6 Motie: Statiegeldalliantie

De voorzitter geeft aan dat voorliggende motie is ingediend door de fracties van D66, GroenLinks, de Stadspartij, het CDA en Burgerbelang. De motie wordt oordeelsvormend voorgelegd. De voorzitter geeft het woord aan de indiener.

D66 geeft een korte toelichting op voorliggende motie. Het zwerfafval in de vorm van flesjes en blikjes blijkt een hardnekkig probleem. Ondanks campagnes is het niet gelukt om de hoeveelheid zwerfafval drastisch te verminderen. Spreker wijst op de gevolgen van het plastic afval, zoals ‘plastic soep’ en verlies van kostbare grondstoffen. De Tweede Kamer heeft steun gegeven aan een voorstel om in een periode van drie jaar dit zwerfafval terug te brengen met negentig procent. Dit is mogelijk door terug te gaan naar de bron van het afval. De Statiegeldalliantie pleit voor statiegeld op blikjes en flesjes. Onderzoek en bijvoorbeeld de praktijk in Noorwegen en Duitsland heeft aangetoond dat statiegeld een heel effectief middel is tegen zwerfafval. Dit afval kan gerecycled worden. Die alliantie omvat een honderdtal verenigingen, bedrijven en gemeenten in Nederland en Vlaanderen. Gemeenten kunnen niet zelf statiegeld opleggen, terwijl ze wel met de last en de kosten van dit afval worden geconfronteerd. Door hierin als gemeenten samen op te trekken, kan druk worden uitgeoefend op de besluitvorming in de Tweede Kamer; de besluitvorming over dit onderwerp is voorzien op 15 maart a.s.

De Stadspartij verwijst naar het nieuwsitem dat er landelijk een probleem zou zijn met het recyclen van plastic. De fractie is benieuwd hoe de landelijke situatie zich verhoudt tot de Zutphense situatie en vraagt of het mogelijk is hier meer druk op te zetten. Natuurlijk is het voorkomen en opruimen van zwerfafval belangrijk, maar ook de recycling is van belang.

De voorzitter constateert dat er vanuit de overige fracties geen vragen ter verheldering worden voorgelegd en biedt het College de gelegenheid om te reageren.

Het College antwoordt dat het plastic dat in Zutphen wordt verzameld vervolgens naar Rotterdam gaat voor recycling. Wanneer de lopende afspraken van Circulus-Berkel aflopen, wordt bezien of er milieukundig betere opties zijn. De gemeente Zutphen participeert in het project ‘Schoon belonen’. Met de financiële middelen die de gemeente in dit kader ontvangt, kunnen de afvalcoaches worden betaald. Deze coaches worden ingezet voor scholen en sportverenigingen. Hieraan heeft de gemeente zich geconformeerd. Dit project is twee jaar geleden gestart en zal nog twee jaar doorlopen. Vanwege het lopende project acht de wethouder het nu niet het juiste moment om voorliggende motie te steunen. Ze is bereid om over deze motie in overleg te gaan met Circulus-Berkel en met de overige gemeenten binnen het samenwerkingsverband.

De PvdA meent dat genoemd project en de motie Statiegeldalliantie parallel aan elkaar kunnen lopen.

De voorzitter geeft aan dat het op dit moment slechts gaat over een conclusie of de motie al dan niet voldoende is besproken en geagendeerd kan worden voor raadsbehandeling. Het is niet de bedoeling om hierover op dit moment een debat te voeren.

D66 licht toe dat de motie vooral is gericht op beïnvloeding van besluitvorming in het Kamerdebat op 15 maart. Dit betreft een totaal ander traject dan waar de wethouder op doelt. Het feit dat veel gemeenten zich bij de Statiegeldalliantie hebben aangesloten, mag worden gezien als een duidelijk signaal. Naast acties zoals ‘Schoon belonen’ biedt de Statiegeldalliantie een mogelijkheid om de oplossing van het afvalprobleem dichterbij te brengen.

De voorzitter acht voorliggende motie voldoende besproken. De motie is rijp voor raadsbehandeling.

7. Lijst ingekomen stukken Raad 29 januari 2018

De Stadspartij wijst op de ingekomen zienswijze onder C.2; deze zienswijze betreft de wijziging op het bestemmingsplan Driesteek 7 (09-01-2018 / Vergunningen & Handhaving / 112079). De fractie wil graag tevens de de schriftelijke reactie aan de omwonenden ter inzage ontvangen voor het Forum. De lijst ingekomen stukken zal hier op worden aangepast.

8. Lijst ter inzage liggende stukken Technisch Blok 29 januari 2018

Geen opmerkingen.

9. Forumverslag 15-01-2018

Wordt vastgesteld.

10. Sluiting

Bijlagen

Advies

Voldoende besproken, vermoedelijk hamerstuk in de raad

Behandeld in Raad 29 januari 2018 (21:30 - 23:00) Naar boven

 
Datum 29-01-2018 Tijd 21:30 - 23:00
Zaal
Burgerzaal
Openbaarheid
Openbaar
Voorzitter
A. Vermeulen
Griffier
G.A.J. Winters

Verslag van de vergadering

Zie de bijlage.

Bijlagen

Besluit

Aangenomen
Stemverklaring afgelegd door de SP.
Geen amendementen ingediend