Pagina delen

Evaluatie referendumverordening

Het college van burgemeester & wethouders stelt voor :

  1. kennis te nemen van de Notitie Evaluatie Referendumverordening;
  2. De Referendumverordening voor de gemeente Zutphen 2005 te wijzigen conform bijgevoegde wijzigingsverordening.

Inhoud

Inleiding/aanleiding

Op 21 november 2005 is de Referendumverordening voor de gemeente Zutphen 2005 (hierna: de Referendumverordening) vastgesteld. Deze verordening is op 1 januari 2006 in werking getreden. In het raadsvoorstel dat aan de vaststelling van deze verordening ten grondslag ligt, is voorgesteld om deze vijf jaar na de datum van inwerkingtreding te evalueren. Dit is tot nu toe niet gebeurd. Inmiddels zijn er wel drie verzoeken voor het organiseren van een referendum geweest. Twee van deze verzoeken hadden betrekking op hetzelfde onderwerp, te weten IJsselsprong. Het derde verzoek had betrekking op het Broederenklooster. Aan de hand van deze verzoeken en de daarbij opgedane ervaringen is bekeken of een aanpassing dan wel het intrekken van de verordening gewenst is. Hiervoor is als onderlegger de notitie ‘Evaluatie referendumverordening’ opgesteld.

 

Beoogd effect

Evaluatie van de Referendumverordening en actualisering van deze verordening.

 

Argumenten

1.1 Met het ter kennisname aanbieden van de notitie wordt een toezegging nagekomen.

Bij de behandeling van het referendumverzoek IJsselsprong is toegezegd dat teruggekomen wordt op deze verordening. Daarnaast is bij het vaststellen van de verordening voorgesteld om de verordening te evalueren. Met de notitie Evaluatie Referendumverordening wordt deze toezegging nagekomen.

1.2 De uitkomst van de evaluatie is vastgelegd in de notitie ‘Evaluatie referendumverordening’

In de notitie `Evaluatie referendumverordening’ wordt naast een korte inleiding en schets van de voorgeschiedenis van de verordening ingegaan op de ervaringen met referendumverzoeken, de vraag of de verordening moet worden ingetrokken dan wel aangepast moet worden en mogelijke aanpassingen.

1.3 Zowel de landelijke ontwikkelingen als de in de notitie benoemde argumenten pleiten voor behoud van de Referendumverordening.

De evaluatie is van belang voor het antwoord op de vraag of de Referendumverordening al dan niet gehandhaafd wordt. Uit de ervaringen die opgedaan zijn bij de drie verzoeken blijkt dat zich daarbij knelpunten voordeden. Enkele van deze knelpunten kunnen verholpen worden door de verordening aan te passen. Of een aanpassing van de verordening aan de orde is, is bekeken in het licht van de landelijke ontwikkelingen en de argumenten die voor dan wel tegen behoud van de verordening pleiten. Geconcludeerd is dat zowel de landelijke ontwikkelingen als de in de notitie benoemde argumenten voor behoud van de Referendumverordening pleiten. Een aanpassing van de verordening ligt voor de hand. 

2. Aanpassing van de verordening is nodig om enkele ondervonden knelpunten op te lossen.

Een aantal van de knelpunten die tijdens de twee referendumverzoeken aan het licht zijn gekomen, zijn op te lossen door de verordening aan te passen. Het gaat hierbij om de volgende knelpunten:

  • het betrekken van eerdere raadsbesluiten bij een referendumverzoek;
  • de gemeenteraad wordt in een te laat stadium betrokken bij de besluitvorming over een correctief referendum;
  • onduidelijkheid over het budget; en
  • wijziging van het onderliggende raadsbesluit tijdens de procedure.

Daarnaast zijn enkele wijzigingen opgenomen die het gevolg zijn van de gewijzigde vergaderstructuur van de raad (forum in plaats van commissies) en zijn typefouten verbeterd.

In de bijgevoegde concept wijzigingsverordening zijn voorstellen verwerkt om de verordening aan te passen op deze punten. Verwacht wordt dat met de aanpassing de belangrijkste knelpunten ondervangen worden.

 

Kanttekeningen

2. Niet alle ondervonden knelpunten kunnen door aanpassing van de verordening worden opgelost.

Knelpunten die niet met een aanpassing van de verordening opgelost kunnen worden, hebben vooral betrekking op de voorbereiding dan wel de besluitvorming. Hierop zijn onder andere de algemene beginselen van behoorlijk bestuur van toepassing. Het gaat dan met name om zorgvuldigheid en motivering. De op deze punten ondervonden problemen zijn niet op te lossen met een aanpassing van de verordening.

Ook het knelpunt dat ziet op de vraagstelling is niet op te lossen. Hierbij speelt mee dat de vraagstelling duidelijk is vastgelegd in artikel 12 van de Referendumverordening. Standaard luidt de vraag bij een referendum: Bent u het eens met het raadsvoorstel c.q. raadsbesluit? Op deze vraag kan alleen met ja of nee geantwoord worden. Enkel in bijzondere gevallen kan de raad gemotiveerd van deze vraag afwijken.

 

Communicatie/Vervolgtraject/Uitvoering

Nadat de wijzigingsverordening is vastgesteld, wordt deze op de gebruikelijke wijze bekendgemaakt. De gewijzigde verordening treedt op de 1e dag na de bekendmaking in werking.

 

Bijlagen

1. Notitie Evaluatie Referendumverordening

2. Concept wijzigingsverordening

 

Stukken die ter inzage liggen

 1. De Referendumverordening voor de gemeente Zutphen 2005

Bijlagen

Ontwerp

Besluit

Griffienummer: 2015-0019

De raad van de gemeente zutphen,


gelezen het voorstel van het college van burgemeester & wethouders van 23 januari 2015 met nummer 51343


dat het Referendumverordening voor de gemeente Zutphen 2005 geëvalueerd is;

dat naar aanleiding van de evaluatie enkele wijzigingen gewenst zijn;

gelet op artikel 149 van de Gemeentewet;


b e s l u i t :

de Referendumverordening voor de gemeente Zutphen 2005 te wijzigen conform bijgevoegde wijzigingsverordening.

Aldus besloten in de openbare vergadering van

de raad van de gemeente zutphen,

gehouden op:



de voorzitter, de griffier,

Behandeld in Forum van 9 februari 2015 Naar boven

Toelichting griffie

Het college vraagt de raad kennis te nemen van de Notitie Evaluatie Referendumverordening. Tevens vraagt het college de raad om de Referendumverordening voor de gemeente Zutphen 2005 te wijzigen conform bijgevoegde wijzigingsverordening. Het wijzigen van verordeningen is een bevoegdheid van de raad. In hetzelfde Forum wordt gesproken over het Initiatiefraadsvoorstel van de ChristenUnie van 19 januari 2010 tot intrekking van de referendumverordening. Het voorstel is toen aangehouden in afwachting van de evaluatie van de referendumverordening door het college.

Raadsadviseur: G Pletzers

Datum 09-02-2015 Tijd 20:00 - 21:00
Zaal
Shrewsburykamer
Behandeling
Hamerstuk
Openbaarheid
Openbaar
Voorzitter
M.G.S. Siemes
Griffier
D. Kastelein
Aanwezig namens Naam
BurgerbelangE. van Beek - van Heerde
SPE.C.L. Verhoog
D66W.M. Voorham
PvdAF.J.M. Heitling
GroenLinksC. Oosterhoff
StadspartijC.R.L. van Toor
VVDB. van der Veen
CDAG.H. Brunsveld
ChristenUnieA. Oldenkamp
BewustZWA.W. Jansen

Verslag van de vergadering

De voorzitter opent de vergadering en heet de aanwezigen welkom. Hij licht kort de behandelwijze toe. Het gaat om twee aanverwante zaken namelijk: een Initiatiefvoorstel tot intrekking van de Referendumverordening voor de gemeente Zutphen 2005 en een evaluatie van deze zelfde verordening.

Allereerst krijgt het college het woord om de evaluatie toe te lichten. Het college geeft aan dat het referendum een nuttig middel kan zijn maar dat het aan de raad is om deze daadwerkelijk te gebruiken. De afgelopen jaren is dit niet gebeurd.

De ChristenUnie krijgt vervolgens de gelegenheid om het initiatiefvoorstel tot intrekking toe te lichten. De fractie van de ChristenUnie vraagt zich af wat we nu eigenlijk doen met de verordening. In de afgelopen jaren is hij met uitzondering van het IJselsprongdossier niet gebruikt. En in dat laatste geval is er voor gekozen om niets te doen met de uitslag. Het hebben van een referendumverordening wekt verwachtingen die niet waargemaakt worden. De fractie roept de overige fracties op om met drie geschikte referendumonderwerpen te komen.

D66 vraagt aan de ChristenUnie of zij het referendum überhaupt wel als een geschikt middel zien om tot besluitvorming te komen.

De ChristenUniefractie antwoord dat men van mening is dat een dergelijke dure regeling als overbodig wordt gezien. Wel is het nodig om de mening van de burger op te halen. Dit kan echter op andere manieren, bijvoorbeeld via een internetpoll of middels inspreekrecht. Met de referendumverordening doen we niets.

De VVD wil van de ChristenUnie weten of men principiële bezwaren heeft tegen referenda of dat het fractie gaat om de slechte toepassing van de verordening.

De ChristenUnie geeft aan dat in het uit 2010 stammende initiatiefvoorstel staat dat de raad een voortrekkersrol heeft. Als er een zinvolle gelegenheid is voor een referendum dan doet de raad er echter niets mee.

De Stadspartij merkt op dat de raad beslist of er wel of geen referendum komt.

De ChristenUnie geeft aan dat dit niet helemaal klopt. Bij een burgerinitiatief waarbij voldoende handtekeningen worden opgehaald moet een referendum worden uitgeschreven. Er wordt verwezen naar het dossier van de IJsselsprong. De raad mag zelf een raadgevend referendum organiseren. Bij de zaak rondom het Broederenklooster had dit gekund maar het is niet gebeurd.

D66 merkt op dat de ChristenUnie dit ook niet heeft gedaan.

De ChristenUnie fractie merkt op dat men principieel tegen de referendumverordening is en dat men er daarom niet om gevraagd heeft.

De voorzitter vraagt of de forumleden nog vragen hebben aan het college met betrekking tot de evaluatie.

Groen Links geeft aan dat het rijk werkt aan nieuwe wetgeving omtrent referenda. De koppeling met de Zutphense situatie is onduidelijk.

Het college geeft aan dat handhaven van de verordening logisch zou zijn daar het rijk toch gaat vragen dat er een referendumverordening zal moeten zijn.

De ChristenUnie beschouwt het nog niet als zeker dat het rijk dit daadwerkelijk zal vragen. Bovendien is met het huidig voorliggende initiatiefvoorstel de verordening zo weer in werking te stellen. Referenda kosten geld en het onderhouden ook. Bovendien hebben we nog alle tijd als het tot wetgeving komt.

De Fractie Jansen verwacht pas over twee a drie jaar een parlementair akkoord. Er zijn afgelopen jaren een aantal mogelijkheden geweest om een referendum te houden . De IJsselsprong was wel een apart geval waarbij een gang naar de rechter nodig was. Bij moeilijke dossiers is raadplegen verstandig. Handhaaf daarom de verordening. Deze past goed bij de nieuwe bestuurscultuur.

Groen Links geeft aan voor meer burgerparticipatie te zijn maar twijfelt of het referendum daar nu zo geschikt voor is.

De ChristenUnie geeft aan dat de nieuwe bestuurscultuur er al is. De politiek zit al met de burger om tafel. Het handhaven kost geld en schept de plicht om met onderwerpen te komen

De fractie Jansen merkt op dat men vijf jaar geleden niet de discussie omtrent het Broederenklooster had kunnen voorzien. Waarom niet de verordening behouden?

De ChristenUnie geeft aan dat de raad tien jaar lang niets met de verordening heeft gedaan.

De fractie van D66 merkt op dat de ChristenUnie zegt tegen de verordening te zijn maar dat men wel met voorbeelden komt waaroor het referendum een geschikt middel zou zijn. De verordening wordt niet vaak gebruikt maar is in de ogen van D66 niet hetzelfde als een internetpoll.

Het CDA geeft aan dat het referendum geen nuance kent: het is ja of nee. Daarom is er de volksvertegenwoordiging.

Groen Links zegt altijd voor een referendumverordening te zijn geweest maar dat men nu twijfels heeft. Doordat referenda niet besluitvormend zijn kan dit een koude douche zijn voor de burgers.

D66 is van mening dat referenda net als de volksvertegenwoordiging een afgeleide van de democratie zijn en dat het middel bij grote spanningen soms het beste recht kan doen aan een onderwerp.

De voorzitter geeft het woord aan het college.

Het college geeft aan in deze discussie geen standpunt in te nemen maar heeft wel een paar opmerkingen. Het referendum over de IJsselsprong ging eerste instantie niet door. Nadat door de uitspraak van de rechter het referendum weer terug bij de raad lag was deze overbodig doordat de woningbouw al was ingeperkt.

De ChristenUnie is van mening da het tijdspad iets anders lag. Ten tijde van de uitspraak door de rechter was er nog geen sprake van inschrompeling van de woningbouw. Voor het juiste tijdsperspectief moeten we wellichte handelingen van de rad nakijken.

Het college geeft aan dat het goed is dat referenda weinig nuance kennen. Een Ja/Nee referendum organiseren is al ingewikkeld genoeg.

De ChristenUnie geeft aan dat D66 de tegenstrijdigheid die D66 suggereerde in het standpunt van de ChristenUnie ten aanzien van het referendum en het noemen van geschikte onderwerpen een niet ebstaande is. De ChristenUnie is geen voorstander van referenda en zal er nooit om vragen. Het is aan de politiek om de knopen door te hakken.

De geeft aan eveneens principieel tegen het referendum te zijn. Probleem met de huidige regeling is dat de politiek het sowieso nooit gebruikt.

D66 geeft aan dat men voor de IJsselsprongplannen was maar tevens voor het referendum heeft gestemd. Ook bij een burgerinitiatief over het Broederenklooster zouden we dit gesteund hebben.

Het CDA merkt op dat Burgerbelang met een voorstel kwam.

D66 geeft aan dat een fractie niet om een correctief referendum kan vragen na de besluitvorming. Dit is een initiatief dat alleen vanuit de burgerij genomen kan worden.

De PvdA geeft aan dat men altijd tegen de verordening was. De politiek neemt de besluiten en kan daar ook op afgerekend worden.

De SP vindt het jammer als dit invloedsmiddel van de burgerij zou verdwijnen. Het moet niet te licht ingezet worden maar feedback van de burger kan heel zinvol zijn.

Burgerbelang is voor de verordening. Het is een zwaar middel dat niet te licht ingezet moet worden. Dat de raad het niet wil gebruiken is de keuze van de raad. Het kan nuttig zijn om dit wel in te zetten. Als een partij achteraf wordt afgerekend op besluitvorming is dit ook wel een beetje mosterd na de maaltijd.

De Stadspartij kan mee in het betoog van de SP. Het referendum betekent democratie.

De ChristenUnie merkt dat als er partijen zijn die voor het referendum zijn ze dit middel ook moeten gebruiken. Dit is de afgelopen tien jaar niet gebeurd.

D66 en Stadsbelang geven beide aan principieel voor te zijn.

Burgerbelang merkt op dat moeilijke dossiers niet van te voren kunnen worden voorzien.

Het college geeft aan dat het correctief referendum vanuit de bevolking moet komen. Er zin minimaal 70 handtekeningen voor nodig. Daarna moet de raad haar standpunt bepalen.

De voorzitter concludeert dat beide punten afdoende zijn besproken en dat ze behandeld kunnen worden in de raad.

Advies

Voldoende besproken. Verder debat in de raad

Behandeld in Raad 9 maart 2015 (21:30 - 23:00) Naar boven

 
Datum 09-03-2015 Tijd 21:30 - 23:00
Zaal
Raadzaal
Openbaarheid
Openbaar
Voorzitter
J.A. Gerritsen
Griffier
G.A.J. Winters

Verslag van de vergadering

Zie de bijlage.

Bijlagen

Besluit

Aangehouden
Geen amendementen ingediend

Behandeld in Raad 23 maart 2015 (21:30 - 23:00) Naar boven

 
Datum 23-03-2015 Tijd 21:30 - 23:00
Zaal
Raadzaal
Openbaarheid
Openbaar
Voorzitter
J.A. Gerritsen
Griffier
G.A.J. Winters

Verslag van de vergadering

Zie de bijlage.

Bijlagen

Besluit

Aangehouden
Het voorstel wordt pas weer geagendeerd wanneer meer duidelijkheid is ontstaan over de landelijke ontwikkelingen op dit gebied.
Geen amendementen ingediend

Behandeld in Raad 15 juni 2015 (21:30 - 23:00) Naar boven

 
Datum 15-06-2015 Tijd 21:30 - 23:00
Zaal
Raadzaal
Openbaarheid
Openbaar
Voorzitter
J.A. Gerritsen
Griffier
G.A.J. Winters

Verslag van de vergadering

Zie de bijlage.

Bijlagen

Besluit

Aangehouden
Geen amendementen ingediend

Behandeld in Raad 21 september 2015 (21:30 - 23:00) Naar boven

 
Datum 21-09-2015 Tijd 21:30 - 23:00
Zaal
Raadzaal
Openbaarheid
Openbaar
Voorzitter
J.A. Gerritsen
Griffier
G.A.J. Winters

Verslag van de vergadering

Zie de bijlage.

Bijlagen

Besluit

Aangenomen
Het voorstel is aangenomen met 18 stemmen voor en 8 stemmen tegen uitgebracht.
Amendement(en) ingediend maar niet aangenomen

Amendement(-en):