Pagina delen

Concept-Regiovisie en uitvoeringsagenda 'Samen tegen huiselijk geweld, aanpak huiselijk geweld 2020 tot en met 2023'

Het college van burgemeester & wethouders stelt voor :

Kennis te nemen van de concept-Regiovisie en de Uitvoeringsagenda 'Samen tegen huiselijk geweld, aanpak huiselijk geweld 2020 tot en met 2023' en hiermee in te stemmen via de bijgevoegde brief “Zienswijze op de Regiovisie 2020-2023”.

Inhoud

Inleiding/aanleiding

De veertien gemeenten in de regio Noord -Veluwe en Midden-IJssel/Oost-Veluwe werken samen in de aanpak van huiselijk geweld. Eens per vier jaar stellen de regiogemeenten samen een regiovisie op. Hierin staat hoe de regionale samenwerking bij de aanpak van huiselijk geweld vorm krijgt via onze ambities, doelen en regionale en lokale acties.

De huidige regiovisie ‘Transformatieagenda Huiselijk geweld en Kindermishandeling 2016 t/m 2019’ is afgelopen. Voor de jaren 2020 t/m 2023 is daarom een nieuwe regiovisie opgesteld. Deze geeft antwoord op de vraag welke keuzes we regionaal maken in onze aanpak van huiselijk geweld en bouwt voort op de fundamenten van onze oude Transformatieagenda 2016 t/m 2019. De Regiovisie en Uitvoeringsagenda 'Samen tegen huiselijk geweld, aanpak huiselijk geweld 2020 tot en met 2023', hierna te noemen Regiovisie; is tot stand gekomen in samenspraak met de regiogemeenten, organisaties, ervaringsdeskundigen en cliëntvertegenwoordigers. Daarnaast hebben de ministeries van Justitie en Veiligheid en Volksgezondheid, Welzijn en Sport samen met de Vereniging Nederlandse Gemeenten het meerjarenprogramma ‘Geweld hoort nergens thuis 2018-2021’ gepresenteerd. Het doel van dit programma is om huiselijk geweld en kindermishandeling terug te dringen en duurzaam op te lossen. Als gemeenten hebben wij de taak om de actiepunten uit dit programma te vertalen naar een regioaanpak. In onze Regiovisie 2020 tot en met 2023 sluiten we aan bij de actielijnen uit het programma en maken we inzichtelijk hoe we met deze actielijnen in onze regio aan de slag gaan. Veel volwassenen en kinderen in Nederland zijn immers thuis niet veilig. De kans dat iemand te maken krijgt met huiselijk geweld is groter dan de kans op welke andere vorm van geweld dan ook. In de regiovisie staat waar we nu staan en wat onze doelen en ambities voor de komende jaren zijn.

In de Uitvoeringsagenda worden de ambities vertaald naar regionale en lokale acties, waarbij we flexibel in willen spelen op actuele vraagstukken. Deze agenda wordt zo nodig tijdens de looptijd geactualiseerd.

Beoogd effect

Het gaat erom huiselijk geweld eerder te signaleren, terug te dringen en te stoppen, de schade van het geweld te beperken en de cirkel van geweld, de overdracht van generatie op generatie, duurzaam te doorbreken. We richten ons op iedereen die betrokken is bij huiselijk geweld: slachtoffers, plegers en omstanders.

Argumenten

1.1 De Regiovisie maakt een effectieve gezamenlijke aanpak van huiselijk geweld mogelijk

De aanpak van huiselijk geweld is een wettelijke verplichting voor gemeenten. Ons beleid voor de aanpak van huiselijk geweld vloeit voort uit de Wmo 2015, de Jeugdwet, de Wet Tijdelijk Huisverbod en de Wet Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling. Gemeenten hebben de verantwoordelijke opdracht om huiselijk geweld en kindermishandeling terug te dringen en duurzaam op te lossen. De Regiovisie 'Samen tegen huiselijk geweld, aanpak huiselijk geweld 2020 t/m 2023' bouwt voort op de  vorige Regiovisie ‘Transformatieagenda Huiselijk geweld en Kindermishandeling 2016 t/m 2019’ en is tot stand gekomen met inbreng van alle betrokken partijen bij de aanpak van huiselijk geweld.

De ambities in onze vorige regiovisie zijn nog onverkort geldig. We richten ons op iedereen die betrokken is bij huiselijk geweld: slachtoffers, plegers en omstanders. We bieden hen wat nodig is om huiselijk geweld terug te dringen en te stoppen; de schade van geweld te beperken; en de geweldscirkel duurzaam te doorbreken (intergenerationele overdracht).

Hier gaan we voor:

  • We willen voorkomen dat huiselijk geweld ontstaat, in welke vorm dan ook.
  • Iedereen die betrokken is bij huiselijk geweld of kindermishandeling is in staat om zorgen/problemen bespreekbaar te maken en doet dit ook.
  • Iedereen die beroepshalve te maken krijgt met (mogelijke) situaties van huiselijk geweld of kindermishandeling weet welke (specialistische) ondersteuning beschikbaar is en kent de weg.
  • Dit geldt voor alle vormen van huiselijk geweld en voor de specifieke doelgroepen.
  • Voor slachtoffers is de veiligheid altijd duurzaam geborgd, er is passende hulp beschikbaar en plegers worden passend aangepakt.
  • We zorgen dat de partijen binnen zorg en straf met elkaar in overleg gaan over de aanpak van huiselijk geweld, zodat die aanpak in samenhang tot stand komt.

Uitgangspunt en rode draad in de aanpak is:

  • Veiligheid voorop: gefaseerde ketensamenwerking; eerst directe veiligheid regelen, daarna starten met hulpverlening;
  • Integrale sturing: De inzet van partners op de leefgebieden hulp/zorg en veiligheid/straf moet beter op elkaar worden afgestemd.

Deze ambitie en doelen zijn vertaald naar een aanpak waarin we drie actielijnen onderscheiden:

  1. Huiselijk geweld eerder en beter in beeld. Het is belangrijk om huiselijk geweld vroegtijdig te signaleren. Zo beperken we de schade van eventuele trauma’s op de ontwikkeling van kinderen. En verkleinen we de kans op intergenerationele overdracht.
  2. Huiselijk geweld stoppen en duurzaam oplossen. Huiselijk geweld is een complexe en vaak hardnekkige problematiek. Het lukt hulpverleners onvoldoende om de hulp te richten op het bespreken en stoppen van het geweld. De veiligheid voor het hele gezin moet voorop staan tijdens het hulpverleningstraject. Dat is een kwestie van lange adem.
  3. Extra aandacht voor specifieke doelgroepen.  Actielijnen 1 en 2 gelden voor de aanpak van alle vormen van huiselijk geweld. Daarnaast richten we ons de komende vier jaar op een aantal specifieke doelgroepen voor wie extra aandacht nodig is. We onderscheiden: sociale steun aan kinderen, Plegeraanpak, Slachtoffers seksueel geweld, ouderenmishandeling, mensenhandel en complexe scheidingen.

Met deze 3 actielijnen wordt aangesloten bij de landelijke actielijnen van het programma ‘Geweld hoort nergens thuis’. Zo werken we op verschillende niveaus aan de aanpak en versterken we elkaar. De 3 actielijnen zijn vertaald naar een aantal thema’s waar we in onze aanpak ons op richten. Deze thema’s zijn opgehaald bij betrokkenen bij de aanpak van huiselijk geweld.

1.2 De uitvoeringsagenda maakt concreet hoe de Regiovisie gerealiseerd kan worden

Bij de regiovisie is ook een Uitvoeringsagenda ‘Samen tegen huiselijk geweld’, Aanpak huiselijk geweld 2020 t/m 2023’ (hierna: uitvoeringsagenda) opgesteld. De uitvoeringsagenda beschrijft hoe we de ambities in onze regiovisie gaan realiseren. Per thema staan de doelen uit de Regiovisie zo concreet mogelijk uitgewerkt in regionale en lokale acties. Ook geeft de Uitvoeringsagenda aan wie daarbij betrokken zijn, hoe de financiering verloopt en wanneer de acties moeten zijn uitgevoerd. De regionale acties en lokale acties zijn van elkaar afhankelijk. Met de regionale acties bepalen we de prioriteit en de richting. In de lokale acties vertalen we de aanpak naar de uitvoering. De Uitvoeringsagenda is een dynamisch document: flexibiliteit is nodig. Om in te spelen op actuele thema’s, aan te sluiten bij initiatieven van uitvoeringspartners en om rekening te kunnen houden met financiële (on)mogelijkheden. Tijdens de looptijd wordt de Uitvoeringsagenda daarom zo nodig geactualiseerd.

Kanttekeningen

1. De Regiovisie is geen garantie dat de aanpak van Huiselijk geweld slaagt:

De aanpak van huiselijk geweld is complex en hardnekkig. Het vraagt een lange adem, misschien wel veel langer dan de looptijd van deze regiovisie. Het risico bestaat, dat ondanks al onze ambities en inspanningen het onvoldoende lukt om huiselijk geweld eerder en beter in beeld te brengen en duurzaam te stoppen.

2. De aanpak van Huiselijk geweld kost geld en capaciteit:

Met passen en meten lukt het de regio om de begroting rond te krijgen. Of dit de komende jaren ook lukt is afwachten. Landelijk ontstaat er steeds meer druk om uitnames uit de Decentralisatie- uitkering Vrouwenopvang (zie financiën) te doen om de ambities rondom preventie en verbetering van de kwaliteit van werken te betalen. Daarbij geldt ook hoe meer aandacht we vragen voor dit onderwerp hoe groter het beroep dat op de kernpartners wordt gedaan. Met de daarbij behorende budgettaire vraagstukken. Daarom moeten we keuzes maken. Een belangrijk criterium hierbij is of we kunnen aansluiten bij initiatieven vanuit de samenleving en/of uitvoeringspartners. In de Uitvoeringsagenda maken we inzichtelijk welke kosten gemoeid zijn met de activiteiten, waar we dekking kunnen vinden uit de bestaande middelen en waar we lokaal op zouden moeten investeren.

Risico’s

Ondanks de Aanpak huiselijk geweld blijft huiselijk geweld wel mogelijk:

Zoals ook bij kanttekeningen is aangegeven, is een goede Regiovisie over aanpak Huiselijk geweld, nog geen garantie dat Huiselijk geweld kan worden teruggedrongen of dat er geen escalaties meer voorkomen. Huiselijk geweld speelt zich immers veelal onzichtbaar af, achter de voordeur. Vaak is huiselijk geweld een onderdeel van een meervoudige problematiek. Huiselijk geweld zichtbaar en bespreekbaar maken is vaak al lastig. Het is eveneens complex om op de juiste en zorgvuldige wijze interventies te plegen. Interventies die enerzijds afdoende zijn om de onveiligheid te stoppen, maar anderzijds geen persoonlijke vrijheden en rechten overschrijden.

Landelijk beleid op Huiselijk geweld is ontworpen volgens een ketenaanpak, waarbij de ketenpartners eigen taken en verantwoordelijkheden hebben. Deze ketenpartners moeten wel goed op elkaar aansluiten om effectief te zijn. Dit vraagt een continue afstemming. Ook de financiering van de aanpak komt uit meerdere bronnen en moet zorgvuldig worden ingezet en verantwoord.

Met de Regiovisie Aanpak Huiselijk geweld die nu voorligt, brengen we de landelijke, regionale en lokale richtlijnen bij elkaar en stellen we dezelfde uitvoeringsagenda vast. Dit helpt in de samenwerking en daarmee ook in de sterke aanpak.

Communicatie/Vervolgtraject/Uitvoering

De concept-Regiovisie is door centrumgemeente Apeldoorn voorbereid en wordt door alle 14 regiogemeenten vastgesteld in ongeveer hetzelfde tijdspad. De projectgroep Regiovisie van Apeldoorn wil de eventuele "wensen en bedenkingen" van alle regiogemeenten ontvangen vóór 19 maart 2020. Deze inbreng zal vervolgens door hen worden verwerkt in de definitieve Regiovisie. De wensen- en bedenkingen procedure is niet verplicht voor deze Regiovisie. Om binnen het tijdspad van Apeldoorn de aandachtspunten vanuit Zutphen in te kunnen brengen, wordt de concept- Regiovisie besproken in de forumvergadering van 17 februari 2020. De daar genoemde aandachtspunten worden vervolgens ambtelijk ingebracht in de projectgroep Regiovisie. De definitieve versie van de Regiovisie wordt vervolgens vastgesteld via de Raadsvergadering van 11 mei 2020.

We bespreken de concept-Regiovisie en de Uitvoeringsagenda 'Samen tegen huiselijk geweld, aanpak huiselijk geweld 2020 tot en met 2023' ook met de Brede Adviesraad Sociaal Domein (BASD), zodat hun advies betrokken kan worden bij het opstellen van de definitieve Regiovisie en Uitvoeringsagenda 'Samen tegen huiselijk geweld, aanpak huiselijk geweld 2020 tot en met 2023.

Rapportage/evaluatie

De Regiovisie wordt elke 4 jaar opnieuw opgesteld, waarbij de voorgaande visie wordt geëvalueerd. De Regiovisie is voorzien van een Uitvoeringsagenda, waarin de benodigde regionale en lokale acties staan. Deze acties kennen ieder een eigen tijdspad dat moet worden gevolgd en gemonitord. Monitoring vindt ook plaats aan de hand van de financiële verantwoording van de pilots en van de ketenpartners zoals Veilig Thuis en Moviera. Om een indruk te krijgen van aantallen, is hierbij een overzicht van de dienstverleningsaantallen ten behoeve van Zutphen van Veilig Thuis toegevoegd, uit de jaarverantwoording van 2018 (bijlage Veilig Thuis 2018).

Financiën

De concept-Regiovisie en Uitvoeringsagenda worden binnen de bestaande begroting uitgevoerd. De middelen hiervoor komen uit verschillende budgetten:

De gemeente Apeldoorn ontvangt als centrumgemeente de Decentralisatie- uitkering Vrouwenopvang (DUVO). Deze wordt in zijn geheel ingezet voor de regionale taken aanpak huiselijk geweld. Apeldoorn ontvangt als centrumgemeente de volgende voorlopige DUVO-bedragen (gebaseerd op de septembercirculaire 2019):

in 2020: € 3.660.543
in 2021: € 3.778.304
in 2022: € 3.778.304
in 2023: € 3.778.304

Daarnaast ontvangt centrumgemeente Apeldoorn vanuit het landelijke programma ‘Geweld hoort nergens thuis’ projectsubsidies voor onze regio voor de uitvoering van regionale projecten in 2020 en 2021.

Tevens verstrekken de gemeenten jaarlijks subsidie aan de Stichting Veilig Thuis voor het uitvoeren van de wettelijke taken in het kader van de aanpak Huiselijk geweld; zoals het hebben van een Meldpunt Huiselijk geweld. In onze begroting is hiervoor een structurele kostenpost opgenomen (6710102, subsidieverlening over 2020 aan Veilig Thuis bedraagt € 270.030,00).

Bijlagen

  • Regiovisie 'Samen tegen huiselijk geweld, aanpak huiselijk geweld 2020 tot en met 2023'
  • Uitvoeringsagenda 'Samen tegen huiselijk geweld, aanpak huiselijk geweld 2020 tot en met 2023'
  • Conceptbrief Zienswijze op de Regiovisie 2020-2023
  • VT cijfers 2018 Zutphen

Bijlagen

Ontwerp

Besluit

Griffienummer: 2020-0007

De raad van de gemeente zutphen,


gelezen het voorstel van het college van burgemeester & wethouders van 28 januari 2020 met nummer 157992



b e s l u i t :

Kennis te nemen van de concept-Regiovisie en de Uitvoeringsagenda 'Samen tegen huiselijk geweld, aanpak huiselijk geweld 2020 tot en met 2023' en hiermee in te stemmen via de bijgevoegde brief “Zienswijze op de Regiovisie 2020-2023”.

Aldus besloten in de openbare vergadering van

de raad van de gemeente zutphen,

gehouden op:



de voorzitter, de griffier,

Behandeld in Forum van 17 februari 2020 Naar boven

Toelichting griffie

De veertien gemeenten in de regio Noord -Veluwe en Midden-IJssel/Oost-Veluwe werken samen in de aanpak van huiselijk geweld. Eens per vier jaar stellen de regiogemeenten samen een regiovisie op. Hierin staat hoe de regionale samenwerking bij de aanpak van huiselijk geweld vorm krijgt via ambities, doelen en regionale en lokale acties.

De huidige regiovisie ‘Transformatieagenda Huiselijk geweld en Kindermishandeling 2016 t/m 2019’ is afgelopen. Voor de jaren 2020 t/m 2023 is daarom een nieuwe regiovisie opgesteld. Deze geeft antwoord op de vraag welke keuzes regionaal worden gemaakt in de aanpak van huiselijk geweld en bouwt voort op de fundamenten van de Transformatieagenda 2016 t/m 2019.

Het beoogde effect van de nieuwe regiovisie is het huiselijk geweld eerder te signaleren, terug te dringen en te stoppen, de schade van het geweld te beperken en de cirkel van geweld, de overdracht van generatie op generatie, duurzaam te doorbreken. De visie richt zich op iedereen die betrokken is bij huiselijk geweld: slachtoffers, plegers en omstanders. In de Uitvoeringsagenda zijn de ambities vertaald naar regionale en lokale acties.

Het college vraagt de raad te besluiten kennis te nemen van de concept-Regiovisie en de Uitvoeringsagenda 'Samen tegen huiselijk geweld, aanpak huiselijk geweld 2020 tot en met 2023' en hiermee in te stemmen via de brief “Zienswijze op de Regiovisie 2020-2023”.

Raadsadviseur: B.M. Duizer

Datum 17-02-2020 Tijd 20:30 - 21:00
Zaal
Burgerzaal
Behandeling
Oordeelsvormend
Openbaarheid
Openbaar
Voorzitter
A. van Dijk
Griffier
J Kerkhof
Aanwezig namens Naam
GroenLinksI Kleinrensink
SPS.G.J.G. de Groen
PvdAJ.A. Giezen
BurgerbelangE Yildirim
D66I van Dijk
VVDH. Hissink
CDAH Haringsma
StadspartijC.R.L. van Toor
BewustZW
ChristenUnieR.A. Klein Bennink

Verslag van de vergadering

D66: Elke vier jaar is er een nieuwe regiovisie; we bouwen voort op de vorige regiovisie maar een goede evaluatie van de vorige regiovisie ontbreekt. Wanneer zijn we straks tevreden? Hoe zien we of huiselijk geweld is afgenomen als gevolg van de regiovisie? Wanneer is de aanpak een succes? Welke meetbare resultaten kunnen we in beeld brengen? Hoe gaan we het meten?

VVD: Wat is er verbeterd, zijn er minder meldingen?

SP: Wordt er meer huiselijk geweld gemeld?

College:

  • Vergelijkingscijfers van 4 jaar geleden zijn niet voorhanden, toen bestond Veilig Thuis in de huidige vorm nog niet
  • De huidige visie bouwt voort op de vorige. Het voornaamste verschil is dat er nu 14 aandachtspunten benoemd zijn, met een eigen ambassadeur.
  • De echte uitdaging zit in het verbeteren van de ketenaanpak. Die is doorslaggevend. We constateren dat de samenwerking in de keten onvoldoende is, waardoor de aanpak onvoldoende van de grond komt.
  • College waarschuwt voor te hoge verwachtingen in termen van cijfers.
  • College wil in ieder geval bereiken dat gezinnen geen last hebben gehad van een gebrek aan samenwerking tussen partijen die horen te helpen.
  • College wil minder escalaties en minder herhaalde meldingen.
  • De huidige toename van de meldingen komt naar verwachting door de verplichte meldcode voor professionals en de vereenvoudigde procedure voor melden.
  • Meer meldingen betekent niet per se meer huiselijk geweld. Voorheen was het er waarschijnlijk ook, maar hadden we dit niet in beeld. Door de toename aan meldingen neemt wel de werkdruk toe.
  • Het operationaliseren van de doelstellingen neemt het college mee in de bespreking binnen de regio.

VVD: Gaat het lukken met de huidige capaciteit en met de huidige budgetten?

CDA: Het is een ernstig onderwerp voor de samenleving. Er wordt gesproken over passen en meten, gaat dat lukken?

College: Deze regiovisie is geen verhaal voor geld. Het gaat vooral om houding en gedrag; elkaar opzoeken, beter weten te vinden en vertrouwen. College heeft gesproken met de directeur van Veilig Thuis. Wat vooral nodig is, is echte samenwerking in de ketenaanpak. Er vinden pilots plaats om de ketensamenwerking te versterken en van elkaar te leren. Het gaat daarbij om de vraag hoe effectiever kan worden samengewerkt, ieder vanuit de eigen deskundigheid.

PvdA: Geldt de integrale aanpak breed, ook horizontaal?

CDA: Wat is de rol van het onderwijs?

College: De gewenste integrale benadering komt ook terug in ons lokale jeugdbeleid. Onderwijs krijgt daarin wel een belangrijke rol, moet bijvoorbeeld melden. Maar het onderwijs is geen kern-ketenpartner in de aanpak van huiselijk geweld.

D66: Is er wel genoeg budget voor een verbeterde ketensamenwerking?

College: Er is krapte over het hele sociaal domein. Maar een verbeterde ketensamenwerking is niet alleen een kwestie van geld. Het begint bij houding en gedrag. Elkaar opzoeken en vertrouwen, in plaats van het onderzoek naar een gezin in de keten (vrijwillige hulp, drang en dwang) steeds opnieuw te doen. Pas als blijkt dat dat niet voldoende is, kan de vraag over financiële middelen aan de orde komen.

Stadspartij: We zijn blij met deze visie. Maar er wordt veel gesproken over de ketenpartners. Wie zijn dat? En wat doen ze? We zien bij de definitieve regiovisie graag een overzicht van de namen van de betreffende organisaties en een beschrijving van wat ze doen. Plus een beschrijving hoe we deze ketenpartners dan stimuleren tot betere samenwerking.

College: Stelt voor om dit via een aangepaste brief als zienswijze op de regiovisie op te nemen. De aangepaste brief komt beschikbaar voor behandeling van het voorstel in de raad.

De voorzitter concludeert dat alle fractie met dit voorstel instemmen. Het onderwerp is voldoende behandeld en kan door voor besluitvorming in de raad.

Advies

Voldoende besproken. Verder debat in de raad

Behandeld in Raad 9 maart 2020 (19:30 - 23:00) Naar boven

 
Datum 09-03-2020 Tijd 19:30 - 23:00
Zaal
Burgerzaal
Openbaarheid
Openbaar
Voorzitter
A. Vermeulen
Griffier
G.A.J. Winters

Verslag van de vergadering

Zie de bijlage.

Bijlagen

Besluit

Aangenomen
Geen amendementen ingediend