Broederenklooster - bedrijfsplan en aanvraag krediet

Onderwerp Broederenklooster...

Zoekresultaten

Wordt geladen...

Broederenklooster - bedrijfsplan en aanvraag krediet

Onderwerp Broederenklooster - bedrijfsplan en aanvraag krediet
Programma11. Kunst en cultuur
ForumOordeelsvormend
Portefeuillehouder J.G.A. La Rose
Inlichtingen bij L. van der Poel
0575 58 72 20 l.vanderpoel@zutphen.nl
Soort bevoegdheidKaderstellend
BeleidsvrijheidRuim
Programmabegrotingswijziging2014-4
Het college van burgemeester & wethouders stelt voor :
  1. in te stemmen met het bedrijfsplan, programma van eisen en plan van aanpak fondswerving Broederenklooster;
  2. een krediet van € 7.360.000,-- beschikbaar te stellen voor de realisering van het Broederenklooster;
  3. een bedrag van € 480.000,-- van de Reserve onderhoud gebouwen over te hevelen naar de Reserve duurzame voorzieningen Broederenklooster;
  4. het college op te dragen de realisatie van het Broederenklooster voortvarend ter hand te nemen.

Inhoud

Inleiding/aanleiding

Het project Broederenklooster betreft het samenbrengen van de activiteiten van de stedelijke musea, bibliotheek, archeologie, VVV en horeca in een vernieuwde aantrekkelijke en op de toekomst gerichte accommodatie.

Er zijn investeringen nodig zijn om de bibliotheek en de twee gemeentelijke musea hun functie te laten behouden voor de stad. En dat alles in een tijd waar de gemeente zich genoodzaakt ziet om een structurele bezuiniging op deze voorzieningen door te voeren. Uit onderzoek (Gerard Marlet) blijkt dat juist het behoud en versterken van voorzieningen van groot belang is voor de aantrekkelijkheid van de stad Zutphen. Via de investering in het Broederenklooster worden de culturele voorzieningen versterkt én een structurele bezuiniging gerealiseerd.

In het Broederenklooster worden het Stedelijk Museum Zutphen, museum Henriette Polak,  de bibliotheek, de toeristische informatiefunctie en archeologische dienst samengebracht. De samenvoeging en (ver)nieuwbouw wordt gebruikt om de voorzieningen beter te laten aansluiten bij de actuele en toekomstige vraag én om functies op het gebied van gastheerschap toe te voegen en cultureel erfgoed te versterken. De topstukken van het Regionaal Archief Zutphen en de Archeologische dienst worden er ook tentoongesteld. Het Broederenklooster moet de plek worden voor inwoners en bezoekers van Zutphen waar informatie, beleving en ontmoeting op een aansprekende manier samenkomen.

Ook de provincie Gelderland is enthousiast over het gemeentelijk plan en stelde een forse bijdrage beschikbaar.

Aan de hand van een visiedocument, structuurplan en diverse uitwerkingen op onderdelen, heeft de raad op 17 juni 2013 het beslisdocument vastgesteld en de vervolgopdracht geformuleerd.

  1. Variant 1 uit te werken binnen de inhoudelijke, ruimtelijke en financiële kaders, wat betekent:
    1. Een architect te selecteren voor het vervaardigen van een VO op basis van variant 1 en het structuurplan van Bierman/Henket.
    2. De gebruikers opdracht te geven beheer en organisatie uit te werken op basis van ‘interne verzelfstandiging’
    3. De gebruikers opdracht te geven een bedrijfsplan te maken binnen de gegeven kaders
    4. Een voorstel uit te werken voor de sponsoring voor de bekostiging van de inrichtingskosten
    5. Een voorstel uit te werken voor dekking van de frictiekosten
  2. Een krediet van € 800.000 beschikbaar te stellen voor de voorbereidingskosten.

Inmiddels is het programma van eisen met kostenraming aangepast aan de besluitvorming, zijn het bedrijfsplan en plan van aanpak voor fondswerving beschikbaar, en kunnen wij u een voorstel over de haalbaarheid van het Broederenklooster voorleggen.

In het convenant met de samenwerkende partijen is de ambitie als volgt verwoord:

Het Broederenklooster is dé plek voor inwoners en bezoekers van Zutphen waar informatie, beleving en ontmoeting op een aansprekende manier samenkomen.

Twee musea, de archeologische dienst, de openbare bibliotheek en de VVV verzorgen in een historische setting samen met partners van binnen én buiten de stad, een boeiend en afwisselend activiteitenprogramma voor jong en oud. Het Broederenklooster is een interactieve open leeromgeving waarin Zutphen en haar geschiedenis, lezen, mediawijsheid en kunst- en cultuurbeleving centraal staan. Met gebruikmaking van verschillende media, educatie- en presentatietechnieken krijgt de bezoeker te zien wat Zutphen bijzonder maakt als stad van historie en cultuur. En natuurlijk is iedereen ook van harte welkom, om alleen wat te lezen, te ontdekken of om informatie te halen en/of te genieten van een hapje of drankje.

Het Broederenklooster wordt naast een cluster met het accent op kunst en cultuurhistorie van de stad, ook een laagdrempelige ontmoetingsplek waar iedereen kan binnenkomen voor ontmoeting, verblijven, ontdekken, leren en ontspannen. Tevens is het de plek waar bezoekers van de stad worden ontvangen en informatie kunnen vinden over Zutphen. Alle deelnemende partijen, en vooral de bezoekers, zullen hier de synergie-effecten van de samenwerking gaan ervaren. In het bedrijfsplan wordt toegelicht hoe deze meerwaarde wordt gevonden zowel in de ontvangst- en publieksfuncties als in de huisvesting en facilitaire zaken. Vervolgens wordt via de samenwerking een aantrekkelijker maatschappelijk- en cultureel programma aangeboden en de verblijfsfunctie versterkt via een horecavoorziening.

Na de keuze van de gemeenteraad voor variant 1(inclusief aspecten van variant 3) is het programma van eisen voor de bouw uitgewerkt. Op basis van dit programma van eisen is ook de bouwkostenberekening aangepast. Het eerder door de gemeente geraamde bedrag is kaderstellend voor de stichtingskosten van het Broederenklooster.

De participanten hebben samen met het adviesbureau BMC een bedrijfsplan opgesteld voor het Broederenklooster. In dit bedrijfsplan zijn de samenwerkingsmogelijkheden in de publieksgerichte functies en de back office onderzocht. Het adviesbureau Van Dooren heeft een plan van aanpak opgesteld voor de fondsenwerving en sponsoring om de inrichtingskosten te financieren.

Beoogd effect

Realisering van het Broederenklooster als een laagdrempelige ontmoetingsplek (poort naar de stad)  waar inwoners en bezoekers van Zutphen kunnen binnenkomen voor informatie, ontmoeting en ontspanning én als een centrum voor lezen en leren én ontdekken van cultureel erfgoed van Zutphen en moderne kunst.

Argumenten

1.1  Het bedrijfsplan toont aan dat met het Broederenklooster de dienstverlening aan inwoners en bezoekers van Zutphen wordt verbeterd met minder inzet van middelen

In de begroting Broederenklooster is rekening gehouden met gezamenlijke lasten voor gezamenlijke projecten, het beheer en onderhoud van het gebouw en de publieksservice in de centrale ontvangstruimte. Deze uitgaven worden gedekt door bijdragen van de participanten op basis van de geraamde lasten die zij hiervoor zouden hebben bij voortzetting van hun zelfstandige exploitaties. Hierbij zal een synergievoordeel gaan ontstaan. Er zijn na ingebruikneming van het Broederenklooster inkomsten geraamd uit de horecaverpachting en verhuur van de gemeenschappelijke ruimten.

De gerealiseerde bezuiniging is terug te vinden in de afzonderlijke begrotingen van de Stedelijke Musea en de Graafschap bibliotheken en bestaat uit verlaging van kosten voor huisvesting, personeel en collectie en verhoging van opbrengsten in de musea.

1.2. Indien niet wordt gekozen voor het Broederenklooster zullen ook investeringen nodig zijn in de bestaande gebouwen zonder dat de nu voorgestane meerwaarde wordt gerealiseerd.

De stedelijke musea en bibliotheek behoeven groot onderhoud en investeringen in de huisvesting. Met name in het museum Henriette Polak ontbreken volwaardige facilitaire- en depot voorzieningen en er zijn problemen in de toegankelijkheid voor minder validen. Ook voldoen de accommodaties niet meer aan de actuele vraag op het gebied van gastheerschap, educatie en beleving. De archeologische dienst is tijdelijk gehuisvest in Warnsveld en gebruikt elders opslagruimte. Indien niet wordt gekozen voor investering in het Broederenklooster, dan kan de taakstellende bezuiniging alleen worden gerealiseerd via sluiting van één van de musea en voortzetting van de gebrekkige huisvesting van de voorzieningen. Ook lijkt sluiting van de vestiging van de bibliotheek in het Warnshuus dan onvermijdelijk. Bovendien kan de bibliotheek de omslag naar toekomstbestendige dienstverlening niet maken en kan zij de open leeromgeving niet realiseren.

1.3 Het Broederenklooster is een  plek voor gastheerschap, kennis en ontmoeting voor iedereen  en een poort naar de cultuurhistorie van Zutphen.

De centrale ontvangst brengt gastheerschap en gelegenheid tot ontmoeting voor zowel inwoners als bezoekers van de gemeente. In de centrale ontvangstruimte kan eenieder terecht met vragen over de stad en over de activiteiten in het Broederenklooster. Het gastheerschap en dienstverlening van de VVV functie wordt verbonden aan de receptie van de andere participanten. Vanuit deze laagdrempelige ontvangstruimte worden bezoekers indien gewenst doorverwezen naar de domeinen van bibliotheek, kunst en cultureel erfgoed en naar bezienswaardigheden in de stad.

1.4 Naast het bestaande cultureel aanbod, biedt het Broederenklooster meer op het gebied van cultuurhistorie van de stad.

In het Broederenklooster komen activiteiten samen die de cultuurhistorie van Zutphen laten zien en toegankelijk maken voor iedereen. Het aanbod van culturele activiteiten kan worden versterkt en uitgebreid. De geschiedenis van Zutphen kun je in het Broederenklooster beleven. Hier zijn de belangrijke archeologische vondsten en archiefstukken over onze rijke (cultuur)historie samengebracht met de museale collectie. Het Broederenklooster kan daarmee een belangrijke rol spelen bij de promotie van de stad Zutphen met haar cultuurhistorische identiteit.

1.5 Het Broederenklooster biedt een aantrekkelijker programma door combinatie van bestaande activiteiten én door nieuwe functies

De bestaande organisaties van VVV, bibliotheek, musea en archeologie worden samengebracht in een op de toekomst gerichte aantrekkelijke accommodatie, waardoor zij elkaar versterken en zelf ook sterker worden. De bibliotheek kan hier haar doelen, zoals ‘een leven lang leren’ realiseren. De gezamenlijke huisvesting biedt kansen voor inhoudelijke en ruimtelijke synergievoordelen. De verwachting is dat de bestaande instellingen hierdoor meer publiek uit de stad, regio en het land kunnen trekken.

Ook worden er nieuwe functies toegevoegd via de horeca, multifunctionele- en projectruimte. De inwoners en toeristische bezoekers kunnen gebruik maken van de horecavoorziening. Bezoekers kunnen in de multifunctionele ruimte kennis nemen van beelden en films van de stad en culturele functies.

Uit onderzoek (Lagroup – december 2012) blijkt in Zutphen een markt voor een groei van het filmhuisaanbod. Filmtheater Luxor heeft eind 2012 besloten niet als participant deel te nemen in het Broederenklooster omdat een tweede filmzaal daar niet rendabel te exploiteren is. Samen met filmtheater Luxor wordt nu onderzocht of deze functie wel via incidenteel medegebruik haalbaar is in het Broederenklooster. Het zichtbaar maken van het werkproces archeologie zal een nieuwe groep (ook jonge) bezoekers aantrekken. Ook de bijzondere ‘schatten’ die aanwezig zijn in het Regionaal Archief Zutphen en bij Archeologie zullen worden tentoongesteld.

1.6 De gezamenlijke bedrijfsactiviteiten in het Broederenklooster zullen worden ondergebracht in een samenwerkingsorganisatie

Uitgangspunt voor het Broederenklooster is dat zowel het gebouw als de archeologische en museale collecties eigendom blijven van de gemeente Zutphen. De participanten in het Broederenklooster willen samenwerken aan publieksgerichte activiteiten en in het (huurders) beheer van het gebouw. In het bedrijfsplan wordt voorgesteld hiertoe een juridisch zelfstandige rechtspersoon, te weten een stichting, op te richten. Deze stichting wordt bestuurd door vertegenwoordigers van de bibliotheek, musea, archeologie en VVV onder een onafhankelijk voorzitter. In deze samenwerkingsorganisatie worden afspraken gemaakt over de exploitatie van de gezamenlijke accommodatie en het gezamenlijk programma. De stichting Broederenklooster en de afzonderlijke participanten krijgen door (interne) verzelfstandiging meer ruimte voor het ontwikkelen van (cultureel) ondernemerschap.

1.7 Het programma van eisen en de bijbehorende bouwkostenraming sluiten aan bij de door de gemeenteraad gegeven inhoudelijke, ruimtelijke en financiële kaders.

De gemeenteraad heeft op 17 juni 2013 besloten tot een verdere voorbereiding van het project Broederenklooster conform het schetsontwerp variant 1 van Bierman Henket, waarbij aspecten van variant 3 worden meegenomen. Het programma van eisen is op grond hiervan herijkt en uitgewerkt. In het programma van eisen zijn de functionele, ruimtelijke en technische uitgangspunten beschreven.

1.8 Het Gideon monument met zijn herdenkingsfunctie blijft behouden

Bij de besluitvorming rond het Broederenklooster hebben verschillende groeperingen met succes gepleit voor behoud van het Gideon monument op de huidige locatie en de gelegenheid tot herdenkingen bij dit monument. Het behoud en de functie van het monument vormen een uitgangspunt voor de architect. In de ontwerpfase wordt deskundigheid in de omgang met herdenkingsplaatsen betrokken. In de afgelopen periode is gesproken met de vertegenwoordigers van de diverse gremia die zich hebben uitgesproken bij de voorbereiding van de besluitvorming in juni 2013. Ook tijdens de ontwerpfase zullen deze vertegenwoordigers worden betrokken.

1.9 Aanvullende aspecten uit variant 3 zijn opgenomen conform de toezegging in de raad op 17 juni 2013

Aan de gemeenteraad is toegezegd dat de positieve punten in variant 3 te weten de ruimte voor het Gideonmonument en de herdenkingen alsmede de transparantie van de nieuwbouw, worden meegenomen in het voorlopig ontwerp gebaseerd op variant 1. Tevens is toegezegd dat tijdens het ontwerpproces een of meerdere adviseurs worden betrokken die zijn gespecialiseerd in de omgang met geheugenplaatsen en de persoonlijke en sociaalhistorische ervaring, opdat de identificatie en de betekenisgeving, verbonden aan Gideonmonument en Kloosterhof, onderdeel worden van het Broederenklooster-project.

De door de raad gegeven uitgangspunten worden meegenomen in het ontwerpproces. In het programma van eisen is opgenomen dat de ruimte rond het Gideon monument voldoende moet zijn om ongeveer 400 bezoekers van herdenkingen te ontvangen. In de raming van stichtingskosten is rekening gehouden met de benodigde expertise.

1.10 De participanten in het Broederenklooster kunnen instemmen met het programma van eisen.

De vertegenwoordigers van Graafschap bibliotheken, Stedelijke Musea Zutphen en archeologische dienst maakten deel uit van het projectteam dat het programma van eisen heeft voorbereid. De VVV werd hierbij ambtelijk vertegenwoordigd vanwege het ontbreken van een rechtspersoon. De participanten stemmen in met het voorliggende programma van eisen.

1.11 Het plan van aanpak voor fondswerving en sponsoring stelt dat de financiering van de inrichting van het Broederenklooster kan worden gerealiseerd met externe middelen

De organisaties die momenteel deel uitmaken van het Broederenklooster hebben vooral afzonderlijk bekendheid onder hun doelgroepen. Dit is lokaal en regionaal en in beperkte mate landelijk. Als geheel is het nu nog niet 'vermarkt' en dus nog onbekend. Maar juist de 'som der delen' biedt zeer goede kansen om Zutphen aantrekkelijker te maken, voor inwoners en ook voor bezoekers van de stad. Het plan van aanpak voor fondswerving adviseert de komende periode eerst te gebruiken om het Broederenklooster een positie te geven in de lokale en regionale gemeenschap. Met de voortgang van het ontwerp en de gezamenlijke programma’s ontstaan betere kansen om de activiteiten en betekenis van het Broederenklooster te formuleren en visualiseren. Ondertussen worden ook plannen voor crowdfunding uitgewerkt.

1.12 De frictiekosten in 2015 en 2016 worden binnen de bestaande begroting en ramingen opgevangen

De door de gemeente aan stedelijke musea en Graafschap bibliotheken opgelegde bezuinigingen waren gekoppeld aan de in gebruikneming van het Broederenklooster in 2015. Volgens de huidige planning kan het Broederenklooster eerst in het najaar van 2016 in gebruik worden genomen. Aan musea en bibliotheek is gevraagd met voorstellen te komen om de bezuinigingen tijdelijk te realiseren in de periode dat het Broederenklooster niet beschikbaar is. De beide participanten werken momenteel voorstellen uit over een beperking van de openstelling van het stedelijk museum en de omvang van de collectie en organisatie van de bibliotheek. Er wordt hierbij ingezet op tijdelijke maatregelen die geen afbreukrisico met zich meebrengen voor het Broederenklooster.

Naast de structurele bezuiniging zijn er ook frictiekosten bij de overgang naar het Broederenklooster. De voorbereiding van de toekomstige exploitatie wordt betrokken bij de stichtingskosten ten laste van het investeringsbudget. De kosten voor verhuizing zullen binnen de begrotingen van de participanten worden opgevangen.

2.1 Het Broederenklooster kan worden gerealiseerd binnen de daartoe gereserveerde gelden

De benodigde investering in het Broederenklooster is geraamd en begrensd op € 8.480.000. De raad heeft in 2011 en 2012 voorbereidingskredieten beschikbaar gesteld tot € 320.000 en op 17 juni 2013 een voorbereidingskrediet van € 800.000. Het laatstgenoemde krediet betrof ook de restauratie van de daken van het stedelijk museum.

Er is voor de realisering van het Broederenklooster een aanvullend krediet nodig van € 7.360.000.

De gemeente heeft hiervoor eerder € 4.000.000 gereserveerd. Er is € 480.000 beschikbaar via de gemeentebegroting voor groot onderhoud aan het gebouw en € 4.000.000 is opgenomen in het stadscontract met de provincie Gelderland.

 

3.1 Het geplande groot onderhoud wordt meegenomen in de vernieuwbouw van het Broederenklooster

In het project zit uitvoering van € 480.000 groot onderhoud aan het stedelijk museum. Dit zou oorspronkelijk via de begroting ten laste van de Reserve onderhoud gebouwen worden gerealiseerd. Nu het in het totaalkrediet is opgenomen is het noodzakelijk dat € 480.000 uit de Reserve onderhoud gebouwen wordt toegevoegd aan de Reserve duurzame voorzieningen Broederenklooster ter dekking van kapitaallasten van genoemde groot onderhoud. De restauratie van de daken van het stedelijk museum is inmiddels gestart en gefinancierd ten laste van het daartoe opgenomen bedrag in het voorbereidingskrediet van € 800.000.

4.1  De benodigde herziening van het bestemmingsplan is gestart

De verschillende onderzoeken ter voorbereiding van het ontwerp bestemmingsplan zijn afgerond. Eind januari wordt de herziening van het bestemmingsplan aan u voorgelegd, waarmee de nieuwbouw van het Broederenklooster ruimtelijk mogelijk kan worden.

4.2 Het bedrijfsplan en de bouw worden  uitgevoerd samen met de participanten in het Broederenklooster

Bij de voorbereiding van het bedrijfsplan hebben de participanten van het Broederenklooster het initiatief genomen. De gemeente heeft als eigenaar het voortouw bij de realisering van het gebouw. Er is een convenant opgesteld om de samenwerking te bekrachtigen. De betrokken partijen zullen na besluitvorming het vervolgtraject samen ter hand nemen.

4.3 De toekomstige exploitatie in het Broederenklooster vraagt nieuw cultureel ondernemerschap

Naast de voorbereiding van de samenwerking in publieksdiensten en facilitaire zaken is er meer nodig om het Broederenklooster tot een succes te maken. De exploitatie van deze voorziening vraagt cultureel ondernemerschap van alle betrokken partijen. Via bewustwording en scholing wordt hier samen aan gewerkt. Voor het gemeentebestuur betekent dit ook het op afstand blijven van de bedrijfsvoering.

Kanttekeningen

1.1 Het bedrijfsplan is een papieren plan en daarmee nog niet gerealiseerd

In het bedrijfsplan worden de synergiemogelijkheden en de ontwikkelingskansen voor het Broederenklooster beschreven. Via gezamenlijk gebruik van ruimte bij publieksontvangst en bedrijfsvoering kunnen voordelen worden behaald. Deze samenwerking moet nog verder vorm krijgen bij de voorbereiding en realisatie van de toekomstige exploitatie van het Broederenklooster.

Er wordt berekend dat de inkomsten van de Musea kunnen groeien. Deze hogere inkomsten worden gerealiseerd via verkopen in de museumwinkel, nieuwe activiteiten, sponsoring, de verhoging tot marktconforme tarieven en een stijging van het aantal bezoekers. Deze raming is gebaseerd op de exploitatiecijfers van vergelijkbare musea. De opbrengsten van nieuwe functies als horeca en multifunctionele zaal zijn voorzichtig geraamd.

1.2 Er is nog geen horeca-exploitant en geen VVV organisatie

In 2012 is de VVV organisatie failliet gegaan. Om het gastheerschap en informatieverstrekking aan toeristisch bezoekers en inwoners te continueren heeft de gemeente deze dienstverlening voortgezet in combinatie met de receptiefunctie in het Stedelijk Museum. In samenwerking met een aantal organisaties in de stad wordt op dit moment gewerkt aan een volwaardige toeristische informatievoorziening. In het programma van eisen is rekening gehouden met de VVV functie wat betreft gastheerschap en toeristische informatie. Hier kunnen synergie effecten bereikt worden in de centrale ontvangst ruimte en winkel in het Broederenklooster. In de meerjarenbegroting van het Broederenklooster is rekening gehouden met een formatieplaats personele inzet en een bijdrage in huisvestingskosten ten laste van de gemeentesubsidie.

Wat betreft de horecafunctie is uitgegaan van een zelfstandige exploitatie. De horeca exploitant betaald een vaste pachtsom en zorgt voor de centrale ontvangst in de avonduren wanneer de andere participanten geen programma hebben. Na uw besluitvorming wordt een horeca exploitant gezocht zodat deze zo spoedig mogelijk kan bijdragen in de ontwerpfase. In het bedrijfsplan is rekening gehouden met de pachtinkomsten uit horeca, zoals eerder berekend door het extern adviesbureau Kloosterhuis.

1.3 De multifunctionele zaal vormt in het bedrijfsplan een nieuwe en onzekere exploitatie

De multifunctionele zaal vormt een alternatief voor de huidige refter in het Stedelijk Museum. Tevens is er hier gelegenheid voor lezingen en presentaties door de participanten. Door de combinatie met een projectieruimte is de zaal te gebruiken voor het visualiseren van de aantrekkelijke stad voor de toeristische bezoeker en kan ze aanvulling bieden bij verbeelding van de museumcollectie. In overleg met filmtheater Luxor wordt onderzocht of een gebruik als filmzaal gedurende vaste tijden haalbaar is. De horeca-exploitant kan gebruik maken van deze zaal. Omdat er nog geen ervaring is, is de toekomstige exploitatie een kans en risico. De multifunctionele zaal is in omvang teruggebracht om het exploitatierisico te beperken.

1.4 De frictiekosten in 2015 en 2016 worden binnen de bestaande begroting en ramingen opgevangen

De door de gemeente aan stedelijke musea en Graafschap bibliotheken opgelegde bezuinigingen waren gekoppeld aan de in gebruikneming van het Broederenklooster in 2015. Volgens de huidige planning kan het Broederenklooster eerst in het najaar van 2016 in gebruik worden genomen. Aan musea en bibliotheek is gevraagd met voorstellen te komen om de bezuinigingen tijdelijk te realiseren in de periode dat het Broederenklooster niet beschikbaar is. De beide participanten werken momenteel voorstellen uit over een beperking van de openstelling van het stedelijk museum en de omvang van de collectie en organisatie van de bibliotheek. Er wordt hierbij gezocht naar tijdelijke maatregelen die geen afbreukrisico met zich meebrengen voor het Broederenklooster.

Naast de structurele bezuiniging zijn er ook frictiekosten bij de overgang naar het Broederenklooster. De voorbereiding van de toekomstige exploitatie wordt betrokken bij de stichtingskosten ten laste van het investeringsbudget. De kosten voor verhuizing zullen binnen de begrotingen van de participanten worden opgevangen.

1.5 Het bewaken van de inhoudelijke, financiële en ruimtelijke kaders is ook in de volgende fasen van het project Broederenklooster essentieel.

Het programma van eisen voor het Broederenklooster vormt een goede basis voor de ontwerpfase. De bouwkostenraming geeft aan dat realisatie binnen de financiële kaders mogelijk moet zijn. De selectie van de architect verloopt volgens plan. Daarmee is de opgave niet gemakkelijk geworden. Ook tijdens de volgende fasen van ontwerp en bouwvoorbereiding achten wij een adequate begeleiding nodig om de inhoudelijke, financiële en ruimtelijke kaders te bewaken. De huidige projectorganisatie voorziet hierin.

1.6 De actuele context is niet ideaal voor het werven van fondsen

Als gevolg van de economische crisis worden er veel verzoeken ingediend voor extra bijdragen van landelijke fondsen. Dat gaat ook over voorzieningen en activiteiten die eerder gesubsidieerd werden van overheidswege. Het feit dat onderdelen van het Broederenklooster door de gemeente worden geëxploiteerd kan een belemmering vormen. De naamsbekendheid van het Broederenklooster is nog beperkt omdat het Broederenklooster nog niet bestaat. Met de voortgang van de planvorming ontstaan betere kansen om de activiteiten en betekenis van het Broederenklooster te formuleren en visualiseren.

Uitvoering/Communicatie/Vervolgtraject

Eind januari 2014 wordt het ontwerp bestemmingsplan ter inzage gelegd. In februari 2013 kan de architect staren met de voorbereiding van het voorlopig ontwerp. De voorbereiding en aanbesteding van de horeca-exploitatie en de bouw kunnen dan ook van start.

Er is inmiddels opdracht verstrekt voor de restauratie van de daken van het Broederenklooster.

Het voorlopig ontwerp voor het Broederenklooster wordt afgerond in mei 2014. De realisatie van de bouw is gepland van oktober 2014 tot en met september 2016.

In de maand december 2013 is gestart met een digitale nieuwsbrief naar betrokkenen en geïnteresseerden met als doel om regelmatig te informeren over de vorderingen met betrekking tot het project.

Rapportage/evaluatie

Rapportage over de voortgang van realisatie wordt verstrekt via de bestuursrapportages.

Financiën

De stichtingskosten voor het Broederenklooster zijn geraamd op € 8.480.000.  Deze investering wordt gefinancierd door:

Bijdrage gemeente ten laste van Reserve duurzame voorzieningen Broederenklooster:        € 4.000.000

Bijdrage provincie Gelderland                                                                                         € 3.550.000

Geldlening provincie Gelderland                                                                                     €    450.000

Reserve onderhoud gebouwen                                                                                       €    480.000

In het project zit uitvoering van € 480.000 groot onderhoud aan het stedelijk museum. Dit zou oorspronkelijk via de begroting ten laste van de Reserve onderhoud gebouwen worden gerealiseerd. Nu het in het totaalkrediet is opgenomen is het noodzakelijk dat € 480.000 uit de Reserve onderhoud gebouwen wordt toegevoegd aan de Reserve duurzame voorzieningen Broederenklooster ter dekking van kapitaallasten van genoemde groot onderhoud.

Om de investering te financieren heeft de provincie naast haar bijdrage ad € 3.550.000 een lening toegezegd ter hoogte van € 450.000. De geraamde kosten van deze lening ad € 25.875 zijn meegenomen in het bedrijfsplan Broederenklooster i.o. en worden daarmee doorberekend aan de gebruikers ervan.

Met de investering in het Broederenklooster wordt een bezuiniging gerealiseerd op de begrotingen van de Musea Zutphen en Graafschap bibliotheken van € 500.000. Deze bezuiniging wordt bereikt door:

Musea Zutphen (ten opzichte van begroting 2011):

- Aankoopbudget                                                                                  €     25.000
- Dienstverlening door vrijwilligers                                                           €    114.600
- Baten bezoek, activiteiten en winkel                                                     €      77.000
- Overige inkomsten                                                                             €      11.000
- Verlaging productielasten en organisatielasten                                       €      32.400

Graafschap bibliotheken:

Via verlaging van de subsidie:

2012                                                                                                       €  25.000
2013                                                                                                       €  95.000
en in 2015                                                                                               € 120.000

Bijlagen

Bedrijfsplan Broederenklooster i.o. met meerjarenbegroting – BMC d.d. 2 januari 2014

Programma van eisen Broederenklooster met bijlagen – BBN  d.d. 18 december 2013

Samenvatting advies Plan van aanpak fondswerving – VDA d.d. 27 december 2013

Stukken die ter inzage liggen

Collegevoorstel d.d. 2 januari 2014

Convenant samenwerking Broederenklooster

Vertrouwelijk:

Stichtingskostenraming Broederenklooster - BBN

Plan van aanpak fondswerving - VDA

Bijlagen

13348 Broederenklooster PvE Bijlagenboek
13348 PvA spons Broederenklooster samenv
13348 Broederenklooster Programma van Eisen definitief
13348 - 2014-4
bedrijfsplan definitief
Antwoorden openstaande vragen forum 10-01-2014
Antwoorden op politieke vragen Burgerbelang broederenklooster
Antwoorden op technische vragen Burgerbelang broederenklooster
Antwoorden op vragen PvdA Broederenklooster
Antwoorden op vragen CDA Broederebnklooster

Ontwerp

Besluit

Griffienummer: 2013-0191

De raad van de gemeente zutphen,


gelezen het voorstel van het college van burgemeester & wethouders van 3 januari 2014 met nummer 13348;



b e s l u i t :

  1. in te stemmen met het bedrijfsplan, programma van eisen en plan van aanpak fondswerving Broederenklooster;
  2. een krediet van € 7.360.000,-- beschikbaar te stellen voor de realisering van het Broederenklooster;
  3. een bedrag van € 480.000,-- van de Reserve onderhoud gebouwen over te hevelen naar de Reserve duurzame voorzieningen Broederenklooster;
  4. het college op te dragen de realisatie van het Broederenklooster voortvarend ter hand te nemen.

Aldus besloten in de openbare vergadering van

de raad van de gemeente zutphen,

gehouden op:



de voorzitter,de griffier,

Forum van 13 januari 2014


Toelichting griffie:
Op 17 juni 2013 is door de raad op basis van het Beslisdocument Broederenklooster een keuze is gemaakt over de uit te werken variant. Gekozen is voor variant 1 met elementen van variant 3. Het college heeft vervolgens op 4 november 2013 de procedure en planning voor het maken van het bedrijfsplan en van de voorbereiding van de bouw gepresenteerd in het Forum. Het bedrijfsplan is begin januari 2014 gereed en samen met de bijbehorende kredietaanvraag staat het op de agenda voor de inhoudelijke discussie.
Raadsadviseur: G.A.J. Winters

Datum: 13-01-2014
Tijd: 19:00 - 21:00
Zaal: Commissiekamer
Behandeling: Oordeelsvormend
Openbaarheid: Openbaar
Voorzitter: A.IJ. Pepers
Griffier: H.M.A.A. van Vliet

Aanwezig namensNaam
PvdAF.J.M. Heitling
StadspartijF.F. Spuijbroek
VVDB. van der Veen
GroenLinksC. Oosterhoff
D66W.M. Voorham
BurgerbelangR.C.M. Sueters
CDAJ. Pennings - Hanemaaijer
SPE.P.M. Gründemann
ChristenUnieA. Oldenkamp
StadsbelangB.A.M. Berg
Lijst LilianL.E. Steenvoort

Ondersteuners: mw. L van der Poel, dhr. M. Groothedde, mw. T. Wilhelm (musea), dhr. G. Huis in 't Veld (bibiliotheek), dhr. D. te Winkel (BMC)
Pers: ja
Publiek: 45 personen
Insprekers: 7 personen

Verslag van de vergadering

De voorzitter opent de vergadering. In het presidium is zojuist besloten de insprekers in afwijking van het Reglement van Orde elk maximaal 4 minuten spreektijd te geven. Over twee weken zal wederom twee uur in het forum worden uitgetrokken ter voortzetting van deze vergadering. Het laatste halfuur van die vergadering zal in beslotenheid plaatsvinden ter behandeling van de vertrouwelijke stukken. Over twee weken zal tevens het voorstel van Burgerbelang met betrekking tot het houden van een raadgevend referendum worden besproken. Behandeling in de raad wordt uitgesteld. Technische vragen kunnen na vanavond ook nog aan het college worden gesteld. Vervolgens geeft hij de zeven insprekers het woord.

De inspreekreactie van de heer J. Blijenberg is als bijlage bij dit verslag gevoegd.

Stadsbelang vraagt waarom de heer Blijenberg meent dat het aantal risico’s beperkt is. Zij wijst met name op het grote bedrag voor inrichting dat door fondsenwerving bijeen gebracht moet worden.

De heer Blijenberg antwoordt dat alle risico’s zijn geïnventariseerd en voorzien van beheersmaatregelen. Voor de fondsenwerving is een apart stuk toegevoegd. 

De inspreekreactie van mevrouw D. van Krimpen is als bijlage bij dit verslag gevoegd.

De heer A. ten Bosch spreekt in namens de stichting Henriëtte Polak. Zie bijlage.

De SP meende dat het gebouw al van de gemeente is; nu blijkt de stichting eigenaar te zijn. Dat roept de vraag op waarom de stichting het gebouw zo slecht heeft onderhouden.

De heer Ten Bosch antwoordt dat dit iets ingewikkelder in elkaar steekt: afspraak is dat de gemeente voor het gebouw en de collectie zou zorgen, zolang het een museum is; daarna valt het weer terug aan de stichting. De stichting heeft besloten het gebouw aan de gemeente te schenken. De opbrengst van de verkoop kan dan worden besteed aan de inrichting van het broederenklooster.

D66 vraagt op welke risico’s de heer Ten Bosch doelt wanneer niet besloten wordt tot bouw van het broederenklooster.

De heer Ten Bosch verwijst naar wat vorige inspreekster heeft gemeld.

Stadsbelang is getroffen door de generositeit van de stichting.

De inspreekreactie van de heer F. Nagtegaal is als bijlage bij dit verslag gevoegd.

D66 vraagt waarom hij vanaf het begin tegen het plan is geweest.

De heer Nagtegaal antwoordt dat bewoners verschillende voorstellen hebben gedaan, maar deze voorstellen zijn steeds genegeerd.

De heer C. Witbraad spreekt in namens de Vereniging Vrienden Musea Zutphen. Zie bijlage.

Burgerbelang vraagt vanwege het bevlogen betoog waarom niet eerder actie ondernomen is.

De voorzitter beschouwt dit niet als een verhelderende vraag.

De inspreekreactie van mevrouw M. Ristjouw is als bijlage bij dit verslag gevoegd.

De inspreekreactie van de heer Th. Engelen is als bijlage bij dit verslag gevoegd.

De SP vraagt waarom de heer Engelen vraagtekens zet bij horeca in het broederenklooster.

De heer Engelen heeft zo zijn twijfels over horeca in een dergelijk huis.

De ChristenUnie daagt de heer Engelen uit sponsor te worden van het broederenklooster vanwege zijn kennis over schoeisel.

De heer Engelen zegt pas uitgenodigd te zijn om te komen kijken naar schoeisel dat onlangs bij opgravingen is gevonden. Dit oude schoeisel is niet zijn terrein maar hij zegt zich wel uitgedaagd te voelen door de ChristenUnie.

Het college zegt blij te zijn met het nu voorliggende bedrijfsplan. Gezocht is naar integraliteit met meerwaarde door samenwerking. Dat is gelukt en ook de provincie  is daar positief over blijkens de forse bijdrage die zij bereid is te leveren. Er is een goede oplossing gevonden voor de gedenkplek, Gideon. Uiteraard zijn er risico’s, maar ook als de gemeente niets doet zijn die er. Het uitgangspunt van het college is niet geweest een mooi gebouw neer te zetten, maar om bezuinigingen te bereiken en synergie te bewerkstelligen. Om aan de wensen van de raad tegemoet te komen heeft het college besloten tot een combinatie van de varianten 1 en 3.

D66 vraagt welke organisatievorm wordt gekozen met in- en externe verzelfstandiging. Hoe wordt het cultureel ondernemerschap gestimuleerd en hoe gaat dat proces eruit zien.

Stadsbelang vraagt of het genereuze aanbod van het museum Henriëtte Polak invloed heeft op het bedrag dat door sponsoring bijeengebracht moet worden. Hoe wordt aandacht geschonken aan het ontwikkelen van een digitale omgeving. Daarvoor is weinig budget beschikbaar. Nu hebben de deelnemers allemaal nog een eigen website.

GroenLinks vraagt zich af of de samenwerkingsvorm wel toereikend is. Er lijkt niet iemand te zijn die “bovenaan” staat. Welke bevoegdheden krijgt de onbezoldigde, onafhankelijke voorzitter? 

Het CDA meent dat sommige risico’s nog wel erg groot zijn, vooral de gebouwgebonden kosten. Wordt er ook geld gereserveerd om uitval van personeel op te vangen. Hoe steekt de organisatie in elkaar; wat zijn de kosten voor beveiliging. Ook het bijeenbrengen van 1,2 miljoen euro voor de inrichting door middel van sponsoring lijkt een grote opgave.

De Stadspartij vraagt waarom wordt gekozen voor een stichtingsvorm. Een coöperatie of een vennootschap zou immers ook goed kunnen. Bij het zoeken naar sponsoren zou ook eens gekeken kunnen worden naar grote energieleveranciers.

Lijst Lilian merkt op dat synergie een term is die vaak wordt gebruikt om de nadelen van een fusie te verhullen. Zij heeft er geen goed gevoel bij gezien de ervaringen met de VVV.

De VVD staat niet onwelwillend tegenover het broederenklooster. Het gaat er nu om dat het voorliggende plan de fractie ervan kan overtuigen dat het project succesvol kan worden voltooid. Hoe kijkt het college aan tegen het gebaar van museum H. Polak; wat zijn daarvan de consequenties. Hoe kijkt het college aan tegen cultureel ondernemerschap en samenwerking. Is daarvan nu al sprake bij tentoonstellingen. Wat is de spin off van de samenwerking voor de binnenstad. Het aantal potentiële bezoekers is nu geraamd door een marktonderzoek. Het broederenklooster is echter pas over enige jaren gerealiseerd. Hoe houdt men dan contact met de doelgroep. Huisvesting van de VVV in broederenklooster houdt een huurdersrisico in en de toeristische functie kan ook door private partijen, zoals TIP, worden ingevuld. Hoe verhoudt zich dat tot voorliggend plan.

De PvdA merkt op dat voor haar de grens bij 4 miljoen euro ligt. Wat betekent het aanbod van H. Polak. Het cultureel ondernemerschap is van cruciaal belang. De realisering van het broederenklooster is een impuls voor de bouw. Op welke wijze borgt het college dat ook lokale en regionale bouwbedrijven in aanmerking komen. Ook zou rekening moeten worden gehouden met social return. Tenslotte vraagt zij wanneer stadpromotie betrokken wordt bij het hele proces. 

Burgerbelang zegt nog schriftelijke vragen te zullen stellen. De fractie mist ten aanzien van de risico’s antwoord op de vraag: wat als… Wat is het weerstandsvermogen. De fractie pleit voor het houden van een referendum tijdens de gemeenteraadsverkiezingen, zodat burgers zich massaal kunnen uitspreken. Zorg heeft zij ook over de andere culturele instellingen, zoals de Hanzehof, die directe concurrentie zullen ondervinden van het broederenklooster. Hoe gaat het college daarmee om. Zijn de geraamde kosten in- of exclusief BTW. Hoe hoog moet het weerstandsvermogen zijn bij verzelfstandiging. Wie betaalt de frictiekosten. Hoe wordt extra personeel bekostigd. De raming van kosten voor archeologisch onderzoek mist de fractie.

De ChristenUnie meent dat Zutphen haar eigen visitekaartje is. Er staan een aantal majeure projecten op stapel, waaronder de IJsselkade. De IJsselkade is het visitekaartje waarvan broederenklooster profiteert; niet andersom. Wat zijn de consequenties voor deze projecten als broederenklooster doorgaat. Ook de problemen die door broederenklooster worden veroorzaakt voor de Hanzehof moeten in de afwegingen worden meegenomen. Er moet geïnvesteerd worden in cultureel ondernemerschap. Die kosten moeten in dit plan inzichtelijk worden gemaakt. Lokale bedrijven moeten hun bijdrage kunnen leveren; daarvoor hebben ze nu te weinig kans gehad. De criteria van de aanbesteding moeten hierop zijn gericht.

Het college zegt dat begonnen zal worden met interne verzelfstandiging. Het is blij met het aanbod van het museum H. Polak; over de verdere uitwerking wordt nog nader overleg gevoerd. De opbrengst zal vooral gestoken worden in de inrichting van het broederenklooster ten behoeve van de collectie van H. Polak. Het scheelt veel bij het werven van fondsen. Niettemin is enige reserve op zijn plaats, omdat het pand toch eerst verkocht zal moeten worden.

Stadsbelang meent dat bij de verkoop ook voorwaarden gesteld zullen moeten worden in verband met de aanwezigheid van de schuilkapel in dat pand.

Het college antwoordt dat die kapel eigendom is van het Wijnhuisfonds. Daar zal nader over gesproken moeten worden.

De bibliotheek zet stevig in op digitalisering, maar ook het museum is daarmee al volop bezig.

De heer Huis in ’t Veld meldt dat de bibliotheek volop bezig is met digitalisering. E-participatie zal daarin een verbindende rol spelen. Er wordt een medialab ingericht, waarvan iedereen zo nodig met ondersteuning, gebruik kan maken.

Mevrouw Wilhelm zegt dat de collecties al gedigitaliseerd zijn. Ook wordt gebruikgemaakt van digitale infozuilen.

Het college meent dat de partners elkaar weten te vinden.

Het CDA merkt op dat het beschikbare budget daarvoor wel erg mager is.

Het college zegt dat het binnen de financiële marges wenst te blijven. Gekozen is voor de vorming van een stichting gezien de grote betrokkenheid van alle partners. Deze stichting krijgt een onafhankelijk voorzitter die krachtig genoeg zal zijn.

GroenLinks wijst erop dat er in den lande veel voorbeelden zijn van organisatievormen. Is daarnaar geïnformeerd en is geleerd van de fouten elders?

De ChristenUnie vraagt welke lessen geleerd zijn en welke keuzes daarom zijn gemaakt.

De heer Te Winkel zegt dat BMC veel soortgelijke processen heeft begeleid. Uit ervaring blijkt dat het blijft werken als de samenwerking vooraf geborgd wordt. Dit behoeft niet sterk geformaliseerd te zijn.

Het college merkt op dat er bij alle partners een enorme wil bestaat om tot een goed resultaat te komen. Dat is de belangrijkste factor. Veel gaat fout omdat tevoren niet goed is nagedacht over het beheer in de toekomst.

GroenLinks vraagt zich af of er wel voldoende aandacht wordt besteed aan marketing; nu lijkt de organisatie nogal naar binnen gericht.

De VVD steunt de ChristenUnie in de vraag hoe fouten die elders zijn gemaakt, kunnen worden voorkomen.

Het college antwoordt dat bijvoorbeeld de beheersvorm en de toekomstige exploitatie goed is uitgewerkt.

Mevrouw Van der Poel vult dit aan met de opmerking dat diverse voorbeelden zijn gezien. Daarom stuurt de gemeente sterk op de kosten. Voor een stichtingsvorm is gekozen, omdat deze het meest recht doet aan de gezamenlijke verantwoordelijkheid van alle participanten. Bovendien blijkt de stichting in den lande de vorm bij uitstek om fondsen te verwerven. Ook de horeca moet goed worden geregeld; daarvoor wordt externe expertise aangetrokken. Deze voorbeelden van keuzen zijn terug te vinden in de vertrouwelijke stukken.

Het college vervolgt dat door de samenwerking het risico van uitval van mensen geringer wordt, omdat de lasten gelijkmatiger zullen worden verdeeld.

Het CDA merkt op dat in het voorstel van het college staat dat het risico voor de gemeentelijke organisatie groot is.

De Stadspartij meent dat wat zich afgelopen jaren heeft afgespeeld bij stichtingen rampzalig is. Dan is een coöperatieve vereniging wellicht een beter alternatief.

De ChristenUnie meent dat het lood om oud ijzer is: het hangt meer af van de mensen die er zitten dan van de organisatievorm.

Het college zegt dat de term synergie in sommige gevallen wellicht verhullend is, maar dat is hier niet het geval. De Rembrandttentoonstelling was niet zonder goede samenwerking tot stand te brengen.

De VVD constateert dat er wel veel op papier staat, maar hoe staat het nu met het cultureel ondernemerschap.

Het college meent dat de huidige situatie het optimaal opzetten van gezamenlijke projecten belemmert. In een nieuwe organisatie worden die belemmeringen weggenomen.

Stadsbelang meent dat er nog veel moet gebeuren om tot cultureel ondernemerschap te komen. Scholing is daarbij van belang, maar er is ook voldoende professioneel kader bij nodig.

Gezien de tijd stelt de voorzitter voor de vergadering nu te schorsen. Na enige discussie wordt besloten dat het college de nog niet beantwoorde vragen schriftelijk zal beantwoorden en dat over twee weken begonnen wordt met behandeling van die antwoorden en de reactie in tweede termijn. Eventueel nog gerezen technische vragen kunnen schriftelijk aan het college worden voorgelegd.

Vervolgens schorst de voorzitter de vergadering.


Bijlagen


Advies

Onvoldoende besproken. Nogmaals in oordeelsvormende forumvergadering bespreken


Forum van 27 januari 2014


Toelichting griffie:
Op 13 januari 2014 is de bespreking van dit voorstel geschorst. Afgesproken werd dat nog uit de vergadering openstaande vragen schriftelijk worden beantwoord door het college en ook dat nog aanvullende technische vragen kunnen worden gesteld. De schriftelijke antwoorden zullen worden toegevoegd bij het voorstel op de website, zodra deze gereed komen. Bij de heropening van de vergadering zal de schriftelijke beantwoording door het college mondeling kort nader worden toegelicht. Vervolgens is er ruimte voor verkondiging van een voorlopig fractiestandpunt en onderlinge reacties. Omdat intussen ook een verzoek tot het houden van een raadgevend referendum is ingediend is gekozen voor een gecombineerde discussie in dezelfde Forumvergadering. De discussie over het referendumverzoek dient daarom ook in deze vergadering te worden gevoerd.
Raadsadviseur: G.A.J. Winters

Datum: 27-01-2014
Tijd: 19:00 - 21:00
Zaal: Commissiekamer
Behandeling: Oordeelsvormend
Openbaarheid: Openbaar
Voorzitter: A.IJ. Pepers
Griffier: H.M.A.A. van Vliet

Aanwezig namensNaam
PvdAF.J.M. Heitling
StadspartijH.I. Hamming
VVDB. van der Veen
GroenLinksC. Oosterhoff
D66W.M. Voorham
BurgerbelangR.C.M. Sueters
CDAJ. Pennings - Hanemaaijer
SPE.P.M. Gründemann
ChristenUnieA. Oldenkamp
StadsbelangB.A.M. Berg
Lijst LilianL.E. Steenvoort

Portefeuillehouder(s): , J.A. Gerritsen
Pers: ja
Publiek: 50
Insprekers: geen

Verslag van de vergadering

De voorstellen met de griffienummers 2013-0191 en 2014-0013 zijn op 27 januari gelijktijdig in het forum besproken. Dit verslag behelst dan ook beide voorstellen.

De voorzitter heropent de vergadering van 13 januari jl. Hij biedt de forumleden en de pers bij wijze van aardige geste een Broederenkloosterchocolaatje aan, gecreëerd door de heer Janson. Het college heeft de vragen die vorige keer zijn blijven liggen of naderhand nog zijn ingediend, schriftelijk beantwoord. Hij wil het college eerst de gelegenheid bieden daarop nog een toelichting te geven. Daarna zal hij het initiatiefvoorstel van Burgerbelang over het houden van een referendum aan de orde stellen. Dit voorstel zal nog hedenavond conform de referendumverordening aan de raad ter besluitvorming worden voorgelegd. Hij streeft ernaar vanaf 19.45 uur over te gaan tot behandeling van het voorstel over het bedrijfsplan en de kredietaanvraag in tweede ronde in casu een debat over de fractiestandpunten.

In het presidium is opgemerkt dat er geen behoefte meer is aan een besloten deel om de vertrouwelijk ter inzage gelegde stukken te bespreken. Na raadpleging concludeert hij dat er bij de forumleden eveneens geen behoefte bestaat aan een besloten vergadering.

De VVD verzoekt of het college helderheid kan verschaffen over De Wildeman en de vragen daarover beantwoordt, alvorens het forum overgaat tot de tweede ronde van behandeling van het voorstel.

De voorzitter zegt dat dit aansluitend kan na de toelichting van het college.

Het college zegt de vragen van het forum en de later nog schriftelijk ingediende vragen zo snel en adequaat mogelijk te hebben beantwoord, met uitzondering van de vragen over De Wildeman van de SP en VVD. Het college meent dat uit de vragen de zorg spreekt van de forumleden. Het startpunt van het voorstel is de kerntakendiscussie: bezuinigingen zijn noodzakelijk, maar ook gericht investeren en synergie genereren. Velen wijzen op het belang van cultureel ondernemerschap. Een van de eerste stappen in het vervolg op het bedrijfsplan is dit ondernemerschap verder uit te werken. Er zullen prestatie indicatoren worden ontwikkeld en er zal steeds worden geëvalueerd. Als het Broederenklooster er niet zou komen, vervalt de synergie en zal de bezuinigingstaakstelling aan de afzonderlijke partijen worden opgelegd. Het gaat het college niet om de realisering van het gebouw als doel op zich, maar als middel om bezuinigingen te bereiken en het creëren van meerwaarde door de clustering op één locatie.

De voorzitter vraagt welke vragen er leven omtrent De Wildeman.

De VVD was verwonderd over het aanbod dat de heer Ten Bosch deed namens de stichting. De fractie is van mening dat de gemeente al veel eerder contact had kunnen leggen met de stichting over de bestemming van het pand. Hoe is het aanbod meegewogen in het plan?

De PvdA meent dat slechts van belang is de vraag welk effect het aanbod van de stichting betekent voor het voorstel over het Broederenklooster.

Burgerbelang merkt op dat de vragen hierover van hun en de SP nog niet door het college zijn beantwoord. Het lijkt erop dat het college een spelletje speelt.

Stadsbelang vraagt of er al een oude afspraak met de stichting bestond; zo ja waarom heeft het college dat dan niet gemeld.

De SP vraagt of het college het wel gepast vindt dat de stichting als niet-eigenaar het aanbod doet dat zij heeft gedaan? Acht zij het ook gepast dat de stichting er per email in juni mee dreigt dat zij ook de gehele collectie zou kunnen weghalen?

Het college zegt in gesprek gegaan te zijn met de stichting na het raadsbesluit van 17 juni. Het college was zeer verrast door het aanbod in de forumvergadering van 13 januari jl. Dit aanbod is afgelopen week bevestigd door het gehele stichtingsbestuur. Eis is wel dat alles zorgvuldig en goed moet gebeuren en de stichting zou het op prijs stellen dat de ruimte waar de collectie tentoongesteld wordt naar Henriëtte Polak wordt vernoemd. Volgens de met de stichting gesloten overeenkomst heeft de gemeente niet geheel de vrije hand als eigenaar van de collectie en panden.

Stadsbelang vraagt of de overeenkomst ooit is gewraakt.

Het college antwoordt dat dit niet het geval is. Er wordt nu een nieuwe overeenkomst voorbereid.

Burgerbelang vraagt wie juridisch eigenaar is.

Het college antwoordt dat de gemeente eigenaar is van pand en collectie, maar dat in de overeenkomst is vastgelegd dat de gemeente ervoor moet zorgen zoals ze dat doet voor het Stedelijk museum. Indien gebouw en collectie uit elkaar worden getrokken, dan bestaat het risico dat het terug moet naar de stichting. Er is geen kwestie van het al dan niet gepast zijn.

De ChristenUnie wijst erop dat in de overeenkomst gesproken wordt over een nieuwe situatie; niet over het feit dat een eventuele opbrengst gestoken moet worden in de inrichting van een nieuw museum. Wat zijn de consequenties van het aanbod van de stichting. Het is de vraag of de raad erin wil meegaan. De opbrengst van het pand had meegerekend moeten worden in het investeringsplan. 

De SP wijst erop dat volgens artikel 5.8 van de overeenkomst deze voor 10 jaar geldig is. De stichting heeft derhalve nu niets meer in te brengen.

Stadsbelang meent dat de overeenkomst in dàt geval gewraakt had moeten worden, wat volgens het college niet is gebeurd. De onderhavige overeenkomst is dus nog steeds geldig.

Het college antwoordt dat de boekwaarde nihil is. In geval van onenigheid voorziet de overeenkomst in arbitrage, maar dat is niet nodig nu de stichting instemt met aanwending van de opbrengst.

D66 is van mening dat de discussie nu vooral moet gaan over het voorliggende raadsvoorstel.

De VVD meent dat er helderheid moet zijn over De Wildeman, omdat dit belangrijk is voor de oordeelsvorming over het raadsvoorstel. Het zegt iets over de zakelijkheid en zorgvuldigheid waarmee het project door het college vorm wordt gegeven.

De Stadspartij meent dat dit forum niet het gremium is waar over juridische ingewikkelde zaken moet worden gesproken.

GroenLinks wil zich graag beperken tot bespreking van het voorliggende voorstel.

De VVD meent dat de vragen die zij stelt zeer beperkt en technisch van aard zijn. Het gaat om de vraag die de PvdA naar voren heeft gebracht: wat betekent het voor dit voorstel?

De PvdA merkt op dat het daarbij vooral gaat om de financiële consequenties.

Het college meent dat het ook gaat over de uitleg van de overeenkomst. De opbrengst van het pand zal ten goede komen aan het Broederenklooster.

Burgerbelang meent dat het college de zaken omdraait. De gemeente is eigenaar van het pand. De gemeente bepaalt dan ook waar de opbrengst naartoe gaat, niet de stichting. Het lijkt erop dat het college slechts ruzie met de stichting wil voorkomen.

Het college zegt dat het morgen de schriftelijke vragen van Burgerbelang en de SP zal behandelen en daarin de aspecten die vanavond ter tafel zijn gekomen zal meenemen.

De voorzitter stelt voor aan het eind van deze vergadering te besluiten of het voorstel voldoende is besproken en of er nog een aparte beraadslaging moet plaatsvinden in het forum over De Wildeman.

De ChristenUnie is van oordeel dat de Wildeman onderdeel is van het besluit.

De VVD zegt dat, wanneer een inspreker iets belangwekkends heeft gemeld, dat betrokken moet worden bij de besluitvorming.

De voorzitter geeft vervolgens Burgerbelang het woord om het referendumverzoek toe te lichten.

Burgerbelang meent dat investeren van belang is, mits dat verantwoord gebeurt. De fractie hecht belang aan cultuur, maar niet alleen in het Broederenklooster. Ook andere sectoren vergen grote investeringen. Zo komt er ook veel op de gemeente af in het sociaal domein. Blijkens een memo van het college van 11 december 2013 haalt de Hanzehof de opgelegde bezuinigingen niet. Al in juni 2013 is de Hanzehof om een plan van aanpak gevraagd, maar dat is er nog niet. Naar eigen zeggen heeft de Hanzehof behoefte aan investeringen ten bedrage van een miljoen. Burgerbelang ziet graag van het college een integrale visie op cultuur in de stad, voordat een besluit wordt genomen over het Broederenklooster. De fractie acht een referendum noodzakelijk vanwege de grote financiële risico’s, het ontbreken van een integrale visie op cultuur, slechte ervaringen met fondsenwerving etc. Een referendum biedt de mogelijkheid bij de inwoners te peilen of het draagvlak werkelijk zo groot is als het college meent. Plannen zonder groot draagvlak zijn gedoemd te mislukken. De gelegenheid doet zich nu voor, omdat door combinatie met de gemeenteraadsverkiezingen de kosten beperkt zijn.

De SP is vóór het houden van een referendum.

Lijst Lilian meent dat de zaak zeer gecompliceerd is; de raad komt er zelf niet eens uit.

De Stadspartij meent dat dit waar is. Bovendien is het al een proces dat jaren loopt, waarbij er veel inspraak is geweest. Naar aanleiding van die inspraak is het plan ook aangepast en er is een goed bedrijfsplan opgesteld. De fractie is dan ook geen voorstander van een referendum.

Het CDA vindt het een lastige afweging. De uitslag is niet bindend. De kiezers kunnen de raad ook afrekenen bij de gemeenteraadsverkiezingen; daarvoor is een referendum niet nodig.

GroenLinks sluit zich aan bij de opvatting van Lijst Lilian. Anderhalf jaar geleden is de bevolking uitgebreid geraadpleegd. Dat heeft duidelijke reacties opgeleverd, die ook zijn verwerkt in de nu voorliggende plannen. Het is toch vreemd als nu de bevolking de vraag wordt voorgelegd of we er wel aan zullen beginnen?

De fractie van Stadsbelang is in principe vóór referenda. Stadsbelang heeft gezien de historie en de complexiteit van dit voorstel nu eveneens geen behoefte aan een referendum.

D66 zegt over het algemeen voorstander te zijn van het fenomeen referendum. Het is nu echter vreemd een referendum te houden nu het college geheel binnen de door de raad vastgestelde kaders een voorstel doet. Er bestaat ook een mogelijkheid van een correctief referendum, nadat de besluitvorming heeft plaatsgevonden; dat is echter nog niet aan de orde. Aan het initiatief van Burgerbelang liggen waarschijnlijk andere motieven ten grondslag. Een raadgevend referendum aan de start van een proces ligt voor de hand; halverwege is dit vreemd.

De ChristenUnie constateert dat er bij D66 kennelijk twijfel heerst over het fenomeen referendum. Verder wijst de fractie erop dat de Stadspartij nog niet zo lang geleden, ook ver in het proces, een referendum wilde over de IJsselsprong.

De Stadspartij merkt op dat het een correctief referendum betrof.

De ChristenUnie zegt altijd al tegen een referendum te zijn geweest. Het college heeft destijds toegezegd de verordening te zullen evalueren. Dat is nog niet gebeurd. Nu wringt ieder zich in bochten om er onderuit te komen. De vraag om een reden te geven voor een referendum is niet beantwoord. Bij de IJsselsprong is een referendum eerst afgestemd en later bij het burgerinitiatief wederom. Nu is er weer twijfel over een referendum.

GroenLinks begrijpt dat de ChristenUnie het fenomeen referendum in zijn algemeenheid aan de orde wil stellen. Het gaat nu echter om het voorstel van Burgerbelang.

De ChristenUnie constateert dat de fracties hun verantwoordelijkheid niet willen nemen ten aanzien van een referendum. Dat sterkt haar opvatting dat het referendum een problematisch instrument is. De raad zou zijn eigen verantwoordelijkheid moeten nemen.

De PvdA zegt niets te voelen voor een referendum, nu er al een zo uitgebreide inspraak heeft plaatsgevonden, die ook heeft geleid tot aanpassing van de plannen.

De VVD is evenmin voorstander van het voorgestelde referendum; de vraagstelling is te veel versimpeld. Kiezers kunnen bij de gemeenteraadsverkiezingen afrekenen.

Het college memoreert dat is afgesproken dat de referendumverordening wordt geëvalueerd, zodra de besluitvorming over structuurvisie IJsselsprong is afgerond. Het is immers tegenover degenen die om een referendum hebben verzocht niet behoorlijk gedurende het proces de verordening in te trekken of te wijzigen. Het college houdt zich aan die afspraak.

De ChristenUnie begrijpt deze stellingname en acht die ook netjes. Uit het antwoord maakt de fractie op dat het college ook niets ziet in ene referendum.

Het college zegt zich niet te zullen uitspreken daarover. Dat is aan de raad.

Burgerbelang heeft de discussie aangehoord en meent dat het een gemiste kans is. Er zou in afwachting van de uitslag van het referendum rustig gewerkt kunnen worden aan het opstellen van een integrale visie op cultuur.

De voorzitter stelt fracties in de gelegenheid hun opvattingen over het voorstel over het bedrijfsplan en de kredietaanvraag naar voren te brengen.

GroenLinks meent dat het Broederenklooster op deze locatie goed vorm gegeven kan worden. Op allerlei manieren is tegemoet gekomen aan de inspraakreacties en de deelnemende partijen verdienen het vertrouwen het project tot een goed einde te brengen. Er is voldoende om nu van start te gaan. De fractie stelt voor prestatie-indicatoren te formuleren. De raad wil daarin graag meedenken en -praten. Over ondernemerschap is slechts gesproken in het kader van de horeca; er is geen ruimte om verlies te draaien, terwijl dat juist een van de aspecten van ondernemerschap is. Niet vergeten moet worden dat het bij het Broederenklooster toch vooral om een overheidstaak gaat, waar veel overheidsgeld in gestoken wordt.

Stadsbelang onderschrijft dit laatste. Daarom dringt de fractie ook aan op externe verzelfstandiging.

Burgerbelang vraagt waar in de stukken het ondernemerschap terug te vinden is; er is eerder sprake van blind vertrouwen dat partijen het wel oplossen.

GroenLinks antwoordt dat er niet gezegd is dat er geen visie is en ondernemerschap ontbreekt. De raad geeft weinig ruimte voor ondernemerschap. Niettemin acht zij de op te richten stichting in staat om bezoekersaantallen te doen toenemen.

De SP kan zich vinden in wat de VVD in het verkiezingsprogramma heeft staan: het is te mooi om waar te zijn, het ondernemersplan ontbreekt. Als je als bankier naar het investeringsplan zou kijken ontbreken nog vele gegevens, zoals terugverdientijd van de investering, een uitgewerkt programma van eisen etc. Zutphen balanceert op het randje van onder curatelestelling; de deelnemende partners zijn ook niet draagkrachtig, zelfs afhankelijk van de gemeente. Het businessplan is boterzacht en de geloofwaardigheid is nihil. De SP stemt dan ook tegen.

Het CDA vindt het plan niet sluitend. Het moet kleinschaliger. Er is geen geld gereserveerd voor aanpassing van de omgeving en de Hanzehof moet overeind gehouden worden. Daarom steunt zij het plan niet.

GroenLinks vraagt wat het CDA voor alternatieven heeft.

Het CDA merkt op al diverse malen voorstellen te hebben gedaan, zoals het in gebruik nemen van de witte vleugel.

Stadsbelang ziet de noodzaak van het ontwikkelen van activiteiten voor het behoud van kunst en cultuur in de stad en van bezuinigingen. Stadsbelang meent dat stichtingskosten vaak nog wel zijn op te brengen, maar dat het uiteindelijk gaat om de exploitatie. Er zijn nog veel losse einden. De cijfers moeten aangepast worden aan het voorstel over de Wildeman.

Stadsbelang heeft nog steeds moeite met de omvang van het project en de spin off voor de stad. Het bevreemdt de fractie dat de kosten niet lager uitvallen nu er wordt ingeleverd op vierkante meters. De fractie ziet de gewenste ruime openingstijden niet terug in het plan, de pacht voor de horeca wordt hoog ingeschat. Vragen heeft de fractie over marketing en personeel. Is het huidige personeel voldoende toegerust? Is er al een domeinnaam vastgelegd? Er wordt te weinig gestuurd richting externe verzelfstandiging. Stadsbelang wil de bewering over de sluiting van de bibliotheek in Warnsveld van tafel hebben, mocht het Broederenklooster niet doorgaan. Is het omgekeerde evenredig waar, als het Broederenklooster wel doorgaat, blijft de bibliotheek dan zeker in het Warnshuus?

De SP merkt op dat in het rapport van BMC staat dat die vestiging dicht moet als het Broederenklooster wordt gerealiseerd.

Volgens Stadsbelang is in een eerder forum verklaard dat die vestiging moet sluiten als het Broederenklooster er niet komt, aangezien dan op andere wijze de bezuiniging moet worden gerealiseerd.

De Stadspartij was twee jaar geleden verrast door het plan van het college. Als het Broederenklooster niet wordt gerealiseerd dan is er geen sprake van een economische impuls, sluit het Henriëtte Polak museum etc. Het bedrijfsplan is goed onderbouwd en de risico’s zijn afgebakend. Het is goed bij de uitwerking prestatieafspraken te maken die de grondslag vormen voor de subsidie, zoals vermeld op pagina 30 van het bedrijfsplan. De fractie ondersteunt de opmerkingen van GroenLinks over cultureel ondernemerschap.

De VVD vraagt waar de rekening komt te liggen als de prestatieafspraken niet worden nagekomen.

De Stadspartij is benieuwd naar de opvatting van het college, nadat de prestatieafspraken zijn geconcretiseerd.

D66 meent dat het Broederenklooster een impuls is voor Zutphen. De huisvestingsproblemen worden opgelost en er ontstaan kansen om in gezamenlijkheid meer voor elkaar te krijgen dan iedere organisatie voor zich. Of het een succes wordt hangt in hoge mate samen met de vormgeving van de samenwerking. Aan de partners zou vertrouwen geschonken moeten worden hieraan gestalte te geven. De raad moet kaders stellen ten aanzien van het ondernemerschap. Een goede aansturing van de nieuwe organisatie is nodig. Eventueel zou daarvoor ene professionele kracht aangesteld moeten worden die ook korte lijntjes heeft met bijvoorbeeld de binnenstadsmanager.

De VVD spreekt dit wel aan. De fractie staat welwillend tegenover investering op deze locatie, mits er een goed plan aan te grondslag ligt en dit ook wordt uitgevoerd. Het huidige plan moet nog eens worden getoetst op doelmatigheid (is alles nodig) en op de vraag of het voldoende draagvlak heeft bij de deelnemende partijen en organisaties. Het plan is tot nu toe te weinig zakelijk beschouwd en gepresenteerd. Het plan dient volgens de fractie versoberd te worden en er moeten meer waarborgen komen voor in de organisatie.

Stadsbelang vraagt wat de VVD met dit laatste bedoelt.

De VVD antwoordt dat vast moet komen te staan of de huidige mensen voldoende kwaliteit in huis hebben voor de nieuwe organisatie. Er zou bijvoorbeeld een profielschets opgesteld kunnen worden.

De PvdA merkt op dat het plan een aantal aspecten heeft. De fractie meent dat het geloofwaardig is op het terrein van de te bereiken bezuinigingen. Ook het idee om alles onder één dak te brengen is goed. Dat is niet alleen praktisch, maar leidt ook tot synergie. Dat daaruit de conclusie wordt getrokken dat dit zal leiden tot meer bezoekers is niet vreemd. Van belang acht de fractie het dat binnen het budget gebleven wordt en dat lokale ondernemers een kans krijgen. De doelstellingen moeten smart geformuleerd worden. De investering genereert ook werk in een sector die het nu slecht heeft. De kans om de provinciale subsidie van 4 miljoen binnen te halen moet niet worden verspeeld.

Burgerbelang meent dat de coalitiepartijen niet naar de fractie hebben geluisterd. Het Broederenklooster komt echt niet op de landelijke kaart te staan. In het plan staan veel wensgedachten. Burgerbelang wil wel investeren in cultuur, maar dan wel in de breedte. Die visie ontbreekt nog. De vrees bestaat dat na dit besluit meteen de Hanzehof aan de deur staat om investeringen aan de raad te vragen. De fractie is dan ook tegen het voorstel.

D66 vraagt zich af waarom Burgerbelang dan zo pleit voor een referendum.

Lijst Lilian meent dat het plan gebaseerd is op drijfzand. De bouw zal een van de mooiste stukjes van Zutphen verstoren. Opslag van bodemvondsten etc. kan ook elders geschieden. Dan is uitbreiding niet nodig.

De ChristenUnie is van oordeel dat een goed ondernemersplan ontbreekt. Dat zou de basis moeten zijn. Het is zeker dat zich tekorten zullen voordoen. Dat kan een keuze zijn, maar het college zou daarin transparant moeten zijn. Realisering van het Broederenklooster zal leiden tot sluiting van de Hanzehof. Kies daar dan ook voor. Het pand De Wildeman zou eerst getaxeerd moeten worden en dan is het nog de vraag of het verkoopbaar is. Die duidelijkheid moet er eerst zijn.

GroenLinks begrijpt dat de ChristenUnie tegen is, maar waar is zij dan vóór? Wat moet er gebeuren met bibliotheek, de musea en archeologie? Heeft de ChristenUnie daarvoor een alternatief?

De ChristenUnie zegt vele suggesties te hebben gedaan in het verleden, maar daaraan is geen gehoor gegeven.

Het college meent dat de opvattingen van de fracties helder zijn. Positief staat men tegenover de kansen, anderzijds zijn er risico’s. De raad worstelt daarmee.

De voorzitter concludeert conform het reglement van orde, dat hij het presidium zal adviseren dat het voorstel nog niet rijp is voor behandeling in de raad.

Vervolgens schorst hij de vergadering.


Advies

Onvoldoende besproken. Nogmaals in oordeelsvormende forumvergadering bespreken


Forum van 10 februari 2014


Toelichting griffie:
Op 27 januari 2014 is de behandeling van dit voorstel geschorst, omdat nog enkele vragen over het voorstel onbeantwoord waren gebleven en omdat behoefte bestaat aan nadere duidelijkheid over de aangekondigde schenking van stichting Henriëtte Antoinette van het pand ‘De Wildeman’ aan de gemeente Zutphen. Om voordat het voorstel later deze avond in de raad aan de orde komt, ook deze vragen beantwoord te krijgen en de gewenste duidelijkheid rond de schenking is verstrekt, is over het voorstel nog een Forumbehandeling gepland.
Raadsadviseur: G.A.J. Winters

Datum: 10-02-2014
Tijd: 19:00 - 20:00
Zaal: Raadzaal
Behandeling: Oordeelsvormend
Openbaarheid: Openbaar
Voorzitter: A.IJ. Pepers
Griffier: H.M.A.A. van Vliet

Aanwezig namensNaam
PvdAF.J.M. Heitling
StadspartijH.I. Hamming
VVDB. van der Veen
GroenLinksC. Oosterhoff
D66W.M. Voorham
BurgerbelangR.C.M. Sueters
CDAJ. Pennings - Hanemaaijer
SPE.P.M. Gründemann
ChristenUnieA. Oldenkamp
StadsbelangB.A.M. Berg
Lijst LilianL.E. Steenvoort

Portefeuillehouder(s): , J.A. Gerritsen
Ondersteuners: mw. L. van der Poel
Pers: ja
Publiek: 65
Insprekers: --

Verslag van de vergadering

De voorzitter heropent de vergadering van 27 januari jl. Deze vergadering was geschorst om het college in de gelegenheid te stellen alsnog enkele vragen te beantwoorden, met name over de effecten van het gebaar van de Stichting Henriette Antoinette met betrekking tot De Wildeman. Het presidium heeft zojuist besloten dat het voorstel vanavond niet in de raad zal worden behandeld vanwege drie nieuwe stukken die de afgelopen dagen zijn geproduceerd, namelijk een motie van de SP, een amendement van VVD en ChristenUnie en een concept-amendement waarvoor D66 en GroenLinks het voortouw hebben genomen. Deze stukken zijn weliswaar nog niet tijdens een raadsvergadering ingediend, maar toch kan de tijd in deze forumvergadering worden benut om deze stukken te laten toelichten door de indieners en er vragen over te stellen.

Burgerbelang vraagt of er op die manier nog wel een mogelijkheid bestaat voor insprekers te reageren.

De voorzitter antwoordt dat amendementen bij het raadsvoorstel horen en er daarom geen mogelijkheid is tot inspreken wanneer deze tijdens de raadsvergadering worden ingediend. Bij een motie is dit wel het geval: na indiening wordt een motie immers altijd eerst behandeld in een forumvergadering.

Het college merkt op dat uit de grote belangstelling voor deze vergadering blijkt dat men hart heeft voor Zutphen. Naar aanleiding van de vragen over de organisatie stelt het college voor de eerstkomende twee jaar te werken met de stichtingsvorm. Dat is een uitstekende vorm om fondsenwerving en sponsoring gestalte te geven. Daarmee wordt meteen na het raadsbesluit begonnen. In die twee jaar wordt bezien of het ook voor de verdere toekomst een goede organisatievorm is. De kwestie rondom De Wildeman is complex. Destijds zijn pand en collectie voor een symbolisch bedrag aan de gemeente overgedragen door de Stichting Henriette Antoinette. Daaraan was de voorwaarde verbonden dat bij een scheiding van collectie en pand er een arbitraal trio zou worden ingesteld dat een bindend advies zou moeten uitbrengen of dat pand en collectie in zijn geheel terug zou moeten naar de stichting. De stichting heeft echter te kennen gegeven in te stemmen met het onderbrengen van de collectie in het Broederenklooster mits de opbrengst van het pand De Wildeman zou worden gebruikt voor de inrichting van het Broederenklooster. De waarde van de panden is nu moeilijk in te schatten, maar het college denkt dat een opbrengst van € 500.000,-- een reële schatting is.

De VVD vraagt of deze inschatting is gebaseerd op een taxatie.

Stadsbelang meent dat er een taxatie door drie onafhankelijke taxateurs wenselijk is.

Het college antwoordt dat in 2011 het pand is gewaardeerd op ruim 7 ton. Daarom lijkt een bedrag van 5 ton nu realistisch. Niettemin zegt het toe het pand te laten taxeren door een beëdigd taxateur.

Burgerbelang vraagt naar de beantwoording van de door haar ingediende schriftelijke vragen. Zij heeft geen antwoord ontvangen

Het college meent dat dat al is gebeurt, maar geeft aan dat alsnog uit te zoeken.

De voorzitter concludeert dat het voorstel nu voldoende besproken is en door kan naar de raad.Vervolgens stelt hij de motie en de amendementen aan de orde.

1. Motie SP (zie bijlage 1)

De SP leest de motie voor. Essentie is eventuele contracten die vóór de gemeenteraadsverkiezingen worden gesloten over het Broederenklooster worden voorzien van een politiek risico-clausule om zo schadeclaims te voorkomen bij het weer ontbinden van de contracten wegens een andere visie van een nieuw college 

Burgerbelang vraagt zich af of dit wel kan.

De voorzitter zegt dat inhoudelijke discussie over deze motie pas zal plaatsvinden na formele indiening.

2. Amendement ChristenUnie en VVD (zie bijlage 2)

De VVD wijst er nogmaals op dat zij voorstander is van investeren in kunst en cultuur, mits er een goed uitgewerkt plan ligt. Daarover heeft zij zorgen en wenst zij het voorliggende plan nog niet te steunen. Omdat het de taak is van de raad kaders te stellen willen VVD en ChristenUnie door middel van dit amendement een stevig financieel kader stellen. Er zal een versobering van twee miljoen euro doorgevoerd moeten worden. Gevolg is weliswaar dat één miljoen euro terugvloeit naar de provincie, maar er komt één miljoen vrij voor andere projecten die Zutphen aantrekkelijk maken met name de IJsselkade. Blijkens de publicaties in De Stentor van afgelopen dagen bestaan er niet alleen bij VVD en ChristenUnie grote twijfels over de uitvoerbaarheid van het bedrijfsplan. Vragen om een nieuw bedrijfsplan is nu niet opportuun, maar het concept Broederenklooster kan alleen een succes worden als er gekeken wordt naar het management. Daarom moet er een profiel opgesteld worden voor de toekomstige directie.

Het college constateert dat de VVD duidelijk verwoordt wat zij wenst. Het college deelt de zorgen niet in die mate. De risico’s zijn benoemd en het bedrijfsplan is met behulp van deskundige inbreng opgesteld. Een versobering van twee miljoen euro is te groot. Dat brengt het realiseren van bezuinigingen van vijf ton op de exploitatie in gevaar. Ook de synergie gaat verloren. Bovendien komt dan ook de steun die de provincie aan het plan geeft in gevaar. Daarom raadt het college dit deel van het amendement af.

Het CDA merkt op dat ook nu al een bezuiniging van € 250.000,-- in de exploitatie wordt bereikt vóór de realisering van het Broederenklooster. Er behoeft daarom na realisering nog maar eenzelfde bedrag te worden bezuinigd.

Het college meent dat dit geen goede voorstelling van zaken is, omdat de nu bereikte bezuiniging slechts mogelijk is in het zicht van de realisering van het Broederenklooster. Op lange termijn is het in de huidige situatie niet mogelijk die bezuiniging te continueren.Met het tweede deel van het amendement heeft het college geen moeite. Het college zal helder omschrijven wat het van het management van de nieuwe organisatie verwacht.

3. Concept-amendement  coalitiepartners, Stadsbelang en ChristenUnie (zie bijlage 3)

GroenLinks zegt dat de coalitiepartners gecharmeerd zijn van het voorliggende plan, maar dat zij het wenselijk achten daarvoor een breder draagvlak binnen de raad te krijgen. Daarom is in de afgelopen dagen een concept-amendement opgesteld. Het is nog niet af. Zorgen zijn er over de kosten van de bouw, de organisatiestructuur, de kwaliteitsborging en de exploitatie. In het concept-amendement zijn hiervoor oplossingen aangedragen.

De VVD vraagt of inzet van de opbrengst van De Wildeman er niet toe leidt dat degenen die zich met fondsenwerving en sponsoring gaan bezighouden, zich niet optimaal inzetten.

GroenLinks antwoordt dat de opbrengst van De Wildeman de inrichting nog mooier te maken is.

Burgerbelang vindt het jammer niet voor het overleg te zijn uitgenodigd. Wordt er ook gedacht aan terugbrengen van de omvang van het depot en is het de bedoeling een nieuw schetsplan te maken?

GroenLinks zegt dat Burgerbelang van harte wordt uitgenodigd mee te denken. Er is slechts een schetsontwerp. Aanpassingen kunnen daarom worden meegenomen in het voorlopig ontwerp. Het terugbrengen van kantoorruimte leidt tot bezuinigingen; depotruimte echter niet, omdat dat dan elders gehuurd zal moeten worden.

De ChristenUnie vraagt is hoeverre er ruimte is om het concept-amendement meer taakstellend te maken.

D66 antwoordt dat geredeneerd is vanuit de kwaliteit van het plan. Grote verschraling moet worden voorkomen. Daarom is een taakstelling lastig.

De VVD erkent dat taakstelling niet gemakkelijk is, maar er zijn normen voor kantoorruimte. De VVD stelt een financiële norm.

GroenLinks meent dat het mogelijk is een norm voor het aantal vierkante meters is te stellen, maar dat het daaraan koppelen van een prijs lastiger is, omdat het deels historische gebouwen betreft.

De VVD meent dat dit werk is voor specialisten. Hetzelfde geldt voor een depot.

GroenLinks meent dat de besparing pas kan worden berekend als het voorlopig ontwerp gereed is.

De VVD is van oordeel dat het daarom van belang is deskundigen in te schakelen vóór het ontwerp wordt gemaakt.

Burgerbelang kan zich voorstellen dat de coalitie eerst een voorlopig ontwerp wil laten maken om meer duidelijkheid te krijgen.

De ChristenUnie merkt op dat er ook nu al een koppeling is tussen het aantal m2 en de prijs. Daarom is ook nu al een bedrag te noemen.

GroenLinks vindt dit overtuigend klinken; wellicht moet dat dan ook maar gebeuren.

De VVD vraagt hoe Burgerbelang het proces voor zich ziet: moet het voorontwerp worden gemaakt voordat de raad het krediet verstrekt?

Burgerbelang beaamt dat.

GroenLinks meent dat dit nu juist niet de bedoeling van het amendement is. Besloten moet worden tot het beschikbaarstellen van het krediet, maar er worden verscherpte voorwaarden aan verbonden.

Het CDA blijft van mening dat het bedrijfsplan niet realistisch is. Dit betreft onder andere de aansturing en de bezoldiging van de voorzitter.

GroenLinks nodigt ook graag het CDA uit om mee te denken in de opstelling van het definitieve amendement.

D66 meent dat dit voor alle fracties geldt. De inzet is verbetering van het voorstel.

De Stadspartij meent dat het een belangrijk amendement is. Het gaat om het creëren van een breder draagvlak. De fractie hoopt dat de VVD niet blijft steken in het uitkleden van het plan.

Het college wil nu niet inhoudelijk reageren. Wel wijst het het forum op het programma van eisen voor wat betreft de benodigde oppervlakte. Mogelijk kan dit nog eens met een kritische blik worden bekeken.

Vervolgens sluit de voorzitter de vergadering.


Bijlagen


Advies

Voldoende besproken. Verder debat in de raad


Raad 10 februari 2014 (21:30 - 23:00)

Verslag van de vergadering

Zie de bijlage.


Bijlagen:
Handelingen raad 10 februari 2014

Besluit

Aangehouden
De behandeling van dit voorstel is uitgesteld tot de volgende raadsvergadering. Er is een amendement ingediend, maar dit wacht op de besluitvorming over het raadsvoorstel.
Amendement(en) ingediend maar niet aangenomen



Raad 24 februari 2014 (21:30 - 23:00)

Verslag van de vergadering

Zie de bijlage.


Bijlagen:
Handelingen raad 24 februari 2014

Besluit

Aangenomen

Hoofdelijke stemming
Het voorstel is na hoofdelijke stemming aangenomen met inachtneming van het aangenomen amendement met griffienummer 2014-A0003.
Aantal stemmen voor: 16
Aantal stemmen tegen: 13
Amendement(en) aangenomen



Deze pagina

  • a
  • a
  • a
  • tekstgrootte
  • Bezoekadres: 's Gravenhof 2, 7201 DN Zutphen
  • Postadres: Postbus 41, 7200 AA
  • Telefoon: 140575
  • Email: info@zutphen.nl