Pagina delen

Benoeming gemeentelijke vertegenwoordigingen en waarneming ambt burgemeester na collegevorming 2014

Het college van burgemeester & wethouders stelt voor :

  1. Te belasten met de waarneming van het ambt van burgemeester bij verhindering of ontstentenis van alle wethouders: de heer J.G.A. la Rose
  2. De volgende gemeentelijke vertegenwoordigers aan te wijzen:
    1. de heer E.P.M. Gründemann. als lid van de regioraad van de regio Stedendriehoek;
    2. de heer J.A. Gerritsen. als lid van de regioraad van de regio Stedendriehoek;
    3. de heer O.W. Bosch. als plaatsvervangend lid van de regioraad van de regio Stedendriehoek;
    4. de heer O.W. Bosch. als lid van het Algemeen bestuur van het recreatieschap Achterhoek en Liemers;
    5. mevrouw A. de Jonge, als plaatsvervangend lid van het Algemeen bestuur van het recreatieschap Achterhoek en Liemers.

.

Inhoud

Inleiding/aanleiding

Met de komst van een nieuw college moeten er ook diverse benoemingen van gemeentelijke vertegenwoordigers in besturen en dergelijke van verbonden partijen plaatsvinden. Vanuit een oogpunt van dualisme –dus om rolvermenging van raadsleden in hun controlerende rol te voorkomen- treden collegeleden als zodanig op. De meeste benoemingen worden door het college gedaan. Voor een aantal aanwijzingen is de raad het bevoegde bestuursorgaan.

Daarnaast is het gewenst gebruik te maken van de wettelijke mogelijkheid om een raadslid aan te wijzen als waarnemer van het ambt van burgemeester bij afwezigheid van alle collegeleden.

 

Beoogd effect

Voorzien in de benoeming van gemeentelijke vertegenwoordigers in besturen enzovoort van verbonden partijen.

  1. Een waarnemer aan te wijzen voor het ambt van burgemeester.

 

Argumenten

 

1.1 De aanwijzingen vinden plaats volgens de geldende regelgeving.

De wijze van benoemen (door college of raad)  is geregeld in statuten of gemeenschappelijke regelingen.

1.2 De aanwijzingen sluiten aan bij de portefeuilleverdeling en de kandidaten hebben zich bereid verklaard.

Door de wethouder aan te wijzen die het onderwerp in zijn portefeuille heeft, is op een natuurlijke wijze gewaarborgd dat de benodigde kennis aanwezig is.

2.1 Soms zijn alle locoburgemeesters tegelijk afwezig.

De Gemeentewet kent daarvoor in artikel 77 een regeling:

In lid 1 staat dat:

- het ambt van burgemeester wordt waargenomen door een door het college aan te wijzen wethouder en

- het voorzitterschap van de raad wordt waargenomen door het langstzittende lid van de raad en -als dat er meer zijn- door het oudste lid in jaren van hen.

In lid 2 staat dat bij verhindering of ontstentenis van alle wethouders het ambt van burgemeester wordt waargenomen door het langstzittende lid van de raad en -als dat er meer zijn- door het oudste lid in jaren van hen. De raad kan echter ook een ander lid van de raad met de waarneming belasten.

2.2 De waarneming van het ambt van burgemeester vraagt specifieke vaardigheden

Hoewel ernaar gestreefd wordt om een sluitend piketschema te maken met alle wethouders (=locoburgemeesters) kan het incidenteel voorkomen dat dit niet lukt. In dat geval is het gewenst dat de burgemeester voor wat betreft het ambt van burgemeester (=zijn taken als bestuursorgaan) vervangen wordt door iemand die daarmee ervaring heeft. De heer J.G.A. la Rose was tot en met 3 juli jl locoburgemeester van Zutphen en heeft daardoor al ervaring. Aan u wordt daarom voorgesteld om gebruik te maken van de mogelijkheid om hem aan te wijzen als waarnemer.

Bij voorgaande benoemingen heeft u als uitgangspunt ook gekozen voor vervangers die eerder locoburgemeester waren en die werkwijze is goed bevallen.

De heer La Rose heeft verklaard bereid te zijn deze taak op zich te nemen.

 

Kanttekeningen

De waarneming van het voorzitterschap van de raad vindt plaats conform de reguliere wettelijke regeling

Voor de waarneming van het voorzitterschap van de raad heeft het geen expliciete meerwaarde als die persoon beschikt over ervaring als locoburgemeester. Voor deze vervanging wordt daarom aangesloten bij de wettelijke regeling dat die vervanging geschiedt door het langstzittende raadslid. In volgorde van leeftijd zijn dat 1. Dhr B. Jansen, 2. Dhr W. van Stockum en 3. Dhr A. Oldenkamp.

 

Uitvoering/Communicatie/Vervolgtraject


De aanwijzingen zullen bekend gemaakt worden aan de betrokkenen en aan de instellingen waarin zij zijn benoemd.

Bijlagen

Ontwerp

Besluit

Griffienummer: 2014-0113

De raad van de gemeente zutphen,


gelezen het voorstel van het college van burgemeester & wethouders van 4 juli 2014 met nummer 32144


gelet op het overzicht zoals dat door het college is opgesteld;


b e s l u i t :

  1. Te belasten met de waarneming van het ambt van burgemeester bij verhindering of ontstentenis van alle wethouders: de heer J.G.A. la Rose
  2. De volgende gemeentelijke vertegenwoordigers aan te wijzen:
    1. de heer E.P.M. Gründemann. als lid van de regioraad van de regio Stedendriehoek;
    2. de heer J.A. Gerritsen. als lid van de regioraad van de regio Stedendriehoek;
    3. de heer O.W. Bosch. als plaatsvervangend lid van de regioraad van de regio Stedendriehoek;
    4. de heer O.W. Bosch. als lid van het Algemeen bestuur van het recreatieschap Achterhoek en Liemers;
    5. mevrouw A. de Jonge, als plaatsvervangend lid van het Algemeen bestuur van het recreatieschap Achterhoek en Liemers.

Aldus besloten in de openbare vergadering van

de raad van de gemeente zutphen,

gehouden op:



de voorzitter, de griffier,

Behandeld in Raad 8 juli 2014 (19:00 - 23:00) Naar boven

 
Datum 08-07-2014 Tijd 19:00 - 23:00
Zaal
Raadzaal
Openbaarheid
Openbaar
Voorzitter
J.A. Gerritsen
Griffier
mr. G.A.J. Winters

Verslag van de vergadering

Zie de bijlage.

Bijlagen

Besluit

Aangenomen
Geen amendementen ingediend

Behandeld in Technisch Blok 7 juli 2014 (21:30 - 22:00) Naar boven

Toelichting griffie

Met de komst van een nieuw college moeten er ook diverse benoemingen van gemeentelijke vertegenwoordigers in besturen en dergelijke van verbonden partijen plaatsvinden. Vanuit een oogpunt van dualisme –dus om rolvermenging van raadsleden in hun controlerende rol te voorkomen- treden collegeleden als zodanig op. De meeste benoemingen worden door het college gedaan. Voor de aanwijzingen die in dit besluit worden voorgesteld is de raad het bevoegde bestuursorgaan. Daarnaast is het gewenst gebruik te maken van de wettelijke mogelijkheid om een raadslid aan te wijzen als waarnemer van het ambt van burgemeester bij afwezigheid van alle collegeleden.

Raadsadviseur: G Pletzers

Datum 07-07-2014 Tijd 21:30 - 22:00
Zaal
Commissiekamer
Voorzitter
A.IJ. Pepers
Griffier
G.J.J.M. Pletzers