Pagina delen

Begrotingswijziging Cleantech Starters Fonds Zutphen

Het college van burgemeester & wethouders stelt voor :

  1. Een budget van € 400.000 beschikbaar te stellen voor het stimuleren van cleantech innovaties en werkgelegenheid en dit te dekken uit de reserve energieneutrale maatregelen.
  2. De begroting 2017 dienovereenkomstig te wijzigen.

Inhoud

Inleiding/aanleiding

Aanleiding:

De oorspronkelijke inzet was om middelen beschikbaar te stellen voor het versnellen van de energietransitie. Overweging was dat een verandering in mindset bij inwoners en ondernemers hieraan een bijdrage zou leveren. Onder andere met initiatieven van onderop kan een bijdrage worden geleverd aan het realiseren van de duurzaamheids- en energietransitiedoelen. Hiervoor zijn eenmalige middelen gereserveerd.

Met het focustraject en de speerpunten is er prioriteit gekomen voor het realiseren van economische groei, werkgelegenheid en een goed ondernemersklimaat en een inhoudelijke focus op "cleantech".

Daarom wordt een deel van de middelen die gereserveerd waren voor een duurzaamheidsfonds nu ingezet voor een "CleanTech Starters Fonds Zutphen" (CTSFZ); een fonds voor innovatieve starters gericht op cleantech en groei werkgelegenheid. Ook Rabobank Noord Oost Achterhoek (NOA) stelt middelen voor dit fonds beschikbaar, te weten € 240.000.

Een onafhankelijke stichting zal dit fonds beheren en vanuit dit fonds leningen beschikbaar stellen aan innovatieve cleantech starters uit Zutphen.

Door middelen weg te zetten in een fonds dat beheerd wordt door een onafhankelijke stichting heeft het gemeentebestuur geen directe sturing op en zeggenschap meer over de inzet van de middelen (anders dan vooraf de bepalingen van de subsidievoorwaarden en de controle op de verantwoording). Daarom is er een lid van de raad van toezicht voorgedragen die vertrouwen van de gemeente geniet, met ervaring in/ met het gemeentelijk bestuur en netwerk in overheidsland, maar (nu) niet politiek actief is in Zutphen.

Context:

- Gemeente Zutphen en Rabobank NOA willen de economie versterken.

- De gemeente wil de energietransitie versnellen

- De gemeente zet met het speerpunt cleantech in op drie hoofdlijnen (plan van aanpak speerpunt cleantech):

1. Het creëren, met het bedrijfsleven en kennisinstellingen van een “cleantech cluster Zutphen” omdat steden en regio’s met sterke verbindingen tussen bedrijven, maatschappelijke organisaties en kennisinstellingen rond een thema economisch succesvoller zijn.

2. Het versterken van het cleantechimago van Zutphen want wie kiest, wordt gekozen. Steden met een duidelijk profiel komen eerder in beeld bij (potentiële) bedrijven en krachtige Zutphenaren dan steden die zo’n profiel niet hebben.

3. Het stimuleren van concrete projecten die bijdragen aan een schoner en energiezuiniger Zutphen. Dit draagt bij aan de leefbaarheid en aantrekkelijkheid van Zutphen.

Beoogd effect

Investeren in het Cleantech Starters Fonds draagt niet alleen bij aan de groei van meer, gezonde business ideeën en daarmee aan meer- en sterkere bedrijven en werkgelegenheid voor Zutphen. Doordat er met het fonds meer cleantech innovaties worden ontwikkeld draagt het ook bij aan de gestelde duurzaamheidsdoelen en gewenste energietransitie.

Argumenten

1. Start-ups in innovatieve technische toepassingen zijn noodzakelijk voor de realisatie van cleantech ambities en het verwezenlijken van duurzaamheidsdoelen en de gewenste energietransitie. Zonder innovaties uit het bedrijfsleven zullen we niet in staat zijn om onze duurzaamheids-, milieu- en energiedoelen te bereiken. Een deel van deze innovaties komt van het gevestigde bedrijfsleven, maar een deel zal ook moeten komen van start-ups. Dit fonds geeft aan deze innovatieve start-ups meer mogelijkheden om te komen tot innovaties die moeten helpen onze duurzaamheidsdoelen te bereiken.

2. Middelen wegzetten in een goed bestuurd fonds is een effectieve wijze om het beoogd effect te bereiken.
Het fonds wordt beheerd door een stichting met een bestuur, een raad van toezicht en een kredietcommissie. Deze functies worden ingevuld door mensen met uitgebreide expertise en ervaring die bereid zijn dit onbezoldigd te doen. Hierdoor kunnen alle middelen van de gemeente worden aangewend voor het wegzetten van leningen en niet voor overhead of andere kosten. Met deze expertise is er bovendien een solide basis om kansen te benutten en gewenste ontwikkelingen aan te jagen, omdat het fonds en fondsbestuur ervoor zorgen dat:

- er meer goede business ideeën worden opgespoord;

- er meer keuze is uit goede ondernemersideeën, dat maakt scherpere selectie mogelijk en scherpere selectie leidt tot betere start-ups;

- start-ups een vliegende start maken door o.a. begeleiding en het openen van het netwerk. Dat leidt tot snellere start en hogere slagingskans en meer kwaliteit in bedrijven;

- een succesvol fonds heeft een magnetische aantrekkingskracht op andere, nieuwe bedrijven, initiatieven en ideeën; een vliegwiel voor innovatie.

De precieze invulling van een groot aantal van deze zaken zal worden geregeld in een nog op te stellen huishoudelijk reglement.

3. Door middelen uit het fonds weg te zetten als lening wordt het mogelijk om incidentele middelen in enige mate revolverend te maken en daardoor langduriger te laten renderen.
De leningen die vanuit het fonds worden weggezet hebben een hoog risico-profiel. Hierdoor zullen niet alle leningen (volledig) terugvloeien in het fonds. Een deel van de leningen zal wel terugvloeien en vanuit het fonds zal er op worden toegezien dat waar het mogelijk is middelen terug te halen, dit ook gebeurt. Op deze wijze krijgen gemeentelijke middelen die incidenteel beschikbaar zijn toch een meer structureel karakter en renderen dus meer. Het is hierbij van belang op te merken dat het college geen lening verstrekt, maar een eenmalige subsidie verleent van maximaal € 250.000,- voor de periode van 2017-2026. De leningen worden door het fonds verstrekt en ook weer door het fonds geïnd en vloeien dus niet terug naar de gemeente.

4. Start-ups en jonge scale-ups zorgen voor groei van bedrijven die ook bedrijfsruimte nodig hebben.
In Zutphen zijn er op bedrijventerreinen nog leegstaande kavels en panden. Het fonds helpt het ontstaan van start-ups en scale ups die op termijn mogelijk ook panden of kavels in Zutphen gaan gebruiken. Dit is een belangrijke strategie om panden en kavels gevuld te krijgen aangezien acquisitie van bestaande bedrijven over grote afstand moeilijk is; onderzoek laat namelijk zien dat grote bedrijven amper over grotere afstand verhuizen.

Kanttekeningen

  1. De middelen zijn gereserveerd voor een duurzaamheidsfonds van waaruit ook burgerinitiatieven gefinancierd kunnen worden, deze kunnen echter geen aanspraak maken op het fonds als ze niet tot een uitgewerkte businesscase kunnen komen.
    Er is reeds geïnvesteerd in dergelijke initiatieven en er is al winst geboekt als het gaat om de mindset van mensen en ondernemers. Bovendien blijven er voor dergelijke initiatieven middelen beschikbaar; vanuit andere budgetten en indien die niet toereikend zijn vanuit het restant budget dat beschikbaar was voor het duurzaamheidsfonds (restant nog € 150.000,-).
  2. Het gemeentebestuur heeft geen controle meer over hoe de middelen worden ingezet, op het moment dat deze in het fonds zijn gestort.
    Dat klopt. Er wordt bewust voor gekozen om de middelen in het fonds te storten en vervolgens de RvT, het bestuur en de kredietcommissie van de stichting de vrijheid te geven om deze middelen zo goed mogelijk weg te zetten. Hiermee wordt voorkomen dat de gemeente een partij wordt in het wegzetten van de middelen voor individuele initiatieven. Ook wordt hiermee de maximale ruimte gegeven aan de experts die binnen de stichting actief worden om deze middelen zo goed mogelijk weg te zetten en zo objectief mogelijke keuzes te maken. Dit voorkomt dat andere argumenten of overwegingen een rol gaan spelen bij het wegzetten van de middelen. Bovendien moet de stichting zich verantwoorden over de inzet van de middelen en wordt niet het totale beschikbare budget voor duurzaamheid(sfonds) in 1 x weggezet, maar wordt een deel van het budget dat beschikbaar is gereserveerd om evt. bij goed functioneren, op een later moment een nieuwe bijdrage te kunnen doen. Door of namens het college worden uiteraard wel verplichtingen aan het beschikbaar stellen van de middelen verbonden. Zo moet de stichting zich jaarlijks verantwoorden over hoeveel middelen zijn weggezet en teruggevloeid en een inschatting maken van hoe de middelen hebben bijgedragen aan het realiseren van duurzaamheidsdoelstellingen en werkgelegenheidsgroei.

  3. Ondernemers moeten zelf investeren en risico’s nemen. Daar is publiek geld niet voor bedoeld.
    Het beoogd effect is niet het financieren van individuele ondernemers, maar het maatschappelijke effect van het behalen van duurzaamheidsdoelen en het creëren van meer (cleantech) werkgelegenheid. Probleem is dat financiering voor start-ups lastig is in m.n. de onzekere (Pre-)Seed fase. Er is in die fase nog niet voldoende tastbare materie om voor de meeste financieringsvormen in aanmerking te komen en subsidie vereist vaak co-financiering die een uitvinder/pre-starter lang niet altijd heeft. Hierdoor komen belangrijke innovaties niet tot stand en wordt de kans op cleantechinnovaties en het ontstaan van werkgelegenheid gemist. Dit rechtvaardigt het investeren in het fonds niet alleen met privaat geld van de Rabobank NOA, maar ook met publieke middelen van de gemeente Zutphen.

Risico’s

  1. Onvoldoende kansrijke innovatieve businesscases
    Het risico bestaat dat er onvoldoende initiatieven zijn die leiden tot kansrijke businesscases. In dat geval zal het fonds maar weinig leningen uitkeren en zal de gemeente een deel van de subsidie niet definitief vaststellen en zullen de middelen terugvloeien naar de gemeente. Deze middelen hebben in de tussentijd niet op andere wijze voor de gemeente kunnen renderen.
  2. Onvoldoende afgeloste leningen
    Indien de leningen die uit het fonds worden verstrekt onvoldoende worden afgelost dan is het fonds niet revolverend. Het streven om de beschikbare incidentele middelen meer structureel te laten renderen, wordt dan niet gehaald.
  3. Maatschappelijke discussie over inzet middelen
    Het risico bestaat dat het fonds initiatieven zal steunen waarover maatschappelijk of politieke discussie ontstaat. Of dat er vanuit de maatschappij druk wordt uitgevoerd op de gemeente om een bepaald initiatief vanuit het fonds gesteund te krijgen. Helder moet dan zijn dat de gemeente geen inspraak heeft over de initiatieven die vanuit het fonds worden gesteund. Het fondsbestuur maakt hierin een eigenstandige afweging, waar de gemeente geen directe invloed op heeft. Wel zal er een lid van de RvT worden benoemd met ervaring in de gemeentelijke politiek en bestuur, zodat er in het toezicht voldoende aandacht is voor gemeentelijke belangen en risico's.

Communicatie/Vervolgtraject/Uitvoering

Het fondsbestuur moet de volgende stappen zetten:

- Andere relevante partijen, m.n. provincie en cleantech regio, benaderen en de mogelijkheid bieden om aan te haken.

- Opstellen werkwijzen/processen fonds dmv een vast te stellen huishoudelijk reglement.

- Opstellen documentatie: leenovereenkomsten, aanvragenformulieren, flyers (voor zover nodig) met uitleg en criteria etc.

- Opstellen communicatiecampagne

- Uitrol Communicatiecampagne

Rapportage/evaluatie

De stichting moet jaarlijks vóór 1 maart van het opvolgende kalenderjaar verslag uitbrengen van de activiteiten in het voorgaande kalenderjaar. In dit verslag moet minimaal inzicht worden gegeven in:

  1. het aantal leningen dat is uitgezet en tegen welke bedragen;
  2. het totaal aan middelen dat is toegevoegd aan het fonds (afbetaling leningen en toevoegingen derden);
  3. de stand van het fonds;
  4. een inschatting van de gerealiseerde werkgelegenheid door de inzet van het fonds;
  5. een beschrijving van de gerealiseerde duurzaamheidswinst door de inzet van het fonds;
  6. de uitgevoerde PR-activiteiten ten behoeve van de promotie van het fonds.

Financiën

In 2013 is het programma “Zutphen energieneutraal” vastgesteld. Ter uitvoering van het programma is de reserve energieneutrale maatregelen gevormd. De stand van de reserve per 31 december 2016 is € 1.827.266. In deze reserve is een bedrag opgenomen van € 400.000 voor de uitvoering van een duurzaamheidsfonds. Van de € 400.000 aan middelen voor een duurzaamheidsfonds wordt nu € 250.000 ingezet voor het cleantech startersfonds. Het restant blijft beschikbaar voor het cleantech startersfonds.

Naast de gemeente stelt de Rabobank Noord Oost Achterhoek ook middelen beschikbaar, te weten € 240.000. Er wordt op ingezet om op termijn ook nog van andere (overheids)partijen middelen voor het fonds aan te trekken.

Bijlagen

Programmabegroting.

 

Bijlagen

Ontwerp

Besluit

Griffienummer: 2017-0022

De raad van de gemeente zutphen,


gelezen het voorstel van het college van burgemeester & wethouders van 15 februari 2017 met nummer 98446



b e s l u i t :

  1. Een budget van € 400.000 beschikbaar te stellen voor het stimuleren van cleantech innovaties en werkgelegenheid en dit te dekken uit de reserve energieneutrale maatregelen.
  2. De begroting 2017 dienovereenkomstig te wijzigen.

Aldus besloten in de openbare vergadering van

de raad van de gemeente zutphen,

gehouden op:



de voorzitter, de griffier,

Behandeld in Forum van 13 maart 2017 Naar boven

Toelichting griffie

De raad wordt voorgesteld een budget van € 400.000 beschikbaar te stellen voor het stimuleren van cleantech innovaties en werkgelegenheid en dit te dekken uit de reserve energieneutrale maatregelen en hiertoe de begroting overeenkomstig te wijzigen.

Met het focustraject en de speerpunten is er prioriteit gekomen voor het realiseren van economische groei, werkgelegenheid en een goed ondernemersklimaat en een inhoudelijke focus op "cleantech". Daarom wordt een deel van de middelen die gereserveerd waren voor een duurzaamheidsfonds nu ingezet voor een "CleanTech Starters Fonds Zutphen" (CTSFZ).

Investeren in het Cleantech Starters Fonds draagt niet alleen bij aan de groei van meer, gezonde business ideeën en daarmee aan meer- en sterkere bedrijven en werkgelegenheid voor Zutphen. Doordat er met het fonds meer cleantech innovaties worden ontwikkeld draagt het ook bij aan de gestelde duurzaamheidsdoelen en gewenste energietransitie.

Door middelen weg te zetten in een fonds dat beheerd wordt door een onafhankelijke stichting heeft het gemeentebestuur geen directe sturing op en zeggenschap meer over de inzet van de middelen (anders dan vooraf de bepalingen van de subsidievoorwaarden en de controle op de verantwoording). Daarom is er een lid van de raad van toezicht voorgedragen die vertrouwen van de gemeente geniet, met ervaring in/ met het gemeentelijk bestuur en netwerk in overheidsland, maar (nu) niet politiek actief is in Zutphen.

Het beschikbaar stellen van krediet en hiertoe de begroting overeenkomstig wijzigen is een bevoegdheid van de raad op grond van artikel 189 en volgende van de Gemeentewet.

Raadsadviseur: M van den Berg-Platzer

Datum 13-03-2017 Tijd 19:00 - 19:30
Zaal
Warnsveldzaal
Behandeling
Oordeelsvormend
Openbaarheid
Openbaar
Voorzitter
A.J.A. Putker
Griffier
U Post
Aanwezig namens Naam
BurgerbelangM.G.S. Siemes
SPG.J.N. Müller
D66R.G.M. Rutten
PvdAF.J.M. Heitling
GroenLinksS. Uenk
StadspartijC.R.L. van Toor
VVDH. Hissink
CDAA.R. Nijenhuis
ChristenUnieR.A. Klein Bennink
BewustZWA.W. Jansen
Lijst van Vliet

Verslag van de vergadering

De voorzitter opent het forum. Hij geeft aan dat het college het op prijs zou stellen als het voorstel vanavond nog in de raad behandeld kan worden.

Burgerbelang: Wordt het dan een hamerstuk?

Voorzitter: Dat bepaalt de raad zelf.

GroenLinks: Wij vinden het een sympathiek voorstel. Wij hebben drie vragen:

  1. Welke criteria gaan gelden bij verstrekking van de bijdragen?
  2. Hoe controleert de gemeente het fonds? Wij willen graag rapportages en afspraken zien.
  3. Het budget voor dit fonds komt uit burgerinitiatieven. Daar is een business-case voor nodig.

College:

  1. Jaarlijks komt er een verslag van de werkgroep.
  2. Er komen reglementen en regelingen.
  3. Burgerinitiatieven blijven gewoon, die lijden hier niet onder.

SP: Wij hebben een vraag over 2. Waarom heeft het college voor deze financiële vorm gekozen?

College: De gemeente heeft op dit vlak onvoldoende kennis, die kennis is meer aanwezig buiten de gemeente.

GroenLinks: In het voorstel staat dat een groot deel van het geld voor burgerinitiatieven naar het Cleantechfonds gaat. Hoe zit dat?

College: Burgerinitiatieven vallen buiten deze subsidievorm. Er blijft voldoende geld over voor burgerinitiatieven.

PvdA: Hoe is het financieel gezien nu geregeld?

College: Er is in totaal vier ton vrijgemaakt. Er is € 150.000,- beschikbaar als een soort reserve voor andere ideeën.

D66: Wij vinden dit een goed initiatief. Als kanttekening willen wij het rapport van Van Netten plaatsen. Dat spreekt over samenwerking in de Stedendriehoek. Daar zien wij niets van terug in het voorstel.

College: Dat is wel de bedoeling. Inmiddels zijn wij met de Cleantechregio en de provincie in gesprek. Het doel daarvan is meer geld in het fonds te krijgen.

D66: Wij stellen op het prijs als het voorstel vanavond in de raad behandeld wordt.

College: Dat gaat gebeuren.

ChristenUnie: Wij zijn hier heel blij mee. Wij vinden de samenwerking met de Rabobank prima. Wij steunen dus dit voorstel.

VVD: Ook wij vinden dit voorstel een sympathieke geste. Goed dat private ondernemingen erbij zijn betrokken. Heeft de Rabobank eisen gesteld aan deelname? Hoe meet je de bevordering van de werkgelegenheid?

College: De Rabobank werkt net als wij: het geld is een schenking. Een stichting gaat ermee aan het werk op basis van vooraf vastgelegde voorwaarden.

VVD: Zit de Rabobank in de commissie?

College: Nee, in de Raad van Toezicht.

Voorzitter: Uit welk stuk citeert u?

College: Uit een bijlage bij het raadsvoorstel, met de titel “concept-subsidiebeschikking”.

Er ontstaat vervolgens discussie over een nieuw stuk dat eerst niet en vervolgens wel op de schermen van de laptops verschijnt. De conclusie is: de stukken stonden tijdig op de site van de raad en het overleg kan worden voortgezet.

SP: Wij hebben twee vragen:

  1. Wat is het belang van de Rabobank?
  2. Het budget voor het fonds komt uit energiemaatregelen. Wat gaat verloren? Welke maatregelen kunnen niet genomen worden?

College:

  1. Start-ups kunnen hulp gebruiken bij de 1e stap op de markt.
  2. Daar waren nog geen concrete plannen voor.

PvdA: Wij vinden het een goed voorstel, een mooi initiatief. De Rabobank geeft geld weg en wil er niets voor terug. Waarom is voor een kleine subsidie gekozen? Wat zijn de verwachtingen?

College: Dat is nét nodig voor een eerste aanzet; de financiering kan daarna overgenomen worden via de reguliere weg.

Voorzitter: Kan dit voorstel vanavond in de raad behandeld worden?

SP: Wat ons betreft wel.

Voorzitter: Ik adviseer dit voorstel als bespreekstuk op de agenda van de raad te zetten.

Daarna sluit de voorzitter het overleg.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Advies

Voldoende besproken. Verder debat in de raad

Behandeld in Raad 13 maart 2017 (21:30 - 23:00) Naar boven

 
Datum 13-03-2017 Tijd 21:30 - 23:00
Zaal
Raadzaal
Openbaarheid
Openbaar
Voorzitter
A. Vermeulen
Griffier
G.A.J. Winters

Verslag van de vergadering

Zie de bijlage.

Bijlagen

Besluit

Aangenomen
Geen amendementen ingediend