Begroting 2015 van de gemeenschappelijke regeling Het Plein, zienswijze raad

Onderwerp Begroting 2015 van...

Zoekresultaten

Wordt geladen...

Begroting 2015 van de gemeenschappelijke regeling Het Plein, zienswijze raad

Onderwerp Begroting 2015 van de gemeenschappelijke regeling Het Plein, zienswijze raad
Programma13. Sociale Zaken
ForumOordeelsvormend
Portefeuillehouder Patricia Withagen
Inlichtingen bij R. Schuurman
0575-587309 r.schuurman@zutphen.nl
Soort bevoegdheidControlerend
BeleidsvrijheidBeperkt
ProgrammabegrotingswijzigingNee
Het college van burgemeester & wethouders stelt voor :

De zienswijze zoals verwoord in de bijgaande conceptbrief aan het dagelijks bestuur van de gemeenschappelijke regeling Het Plein over de begroting 2015 te verzenden.

Inhoud

Inleiding/aanleiding

Wettelijk voorgeschreven procedure voor de begroting van een gemeenschappelijke regeling (GR).

De begroting van een gemeenschappelijke regeling wordt vastgesteld door het algemeen bestuur van de gemeenschappelijke regeling (niet de door de raden van de aangesloten gemeenten).

Ieder jaar moeten de dagelijkse besturen van alle gemeenschappelijke regelingen waarvan de gemeente Zutphen deel uitmaakt hun ontwerpbegrotingen voor het komende jaar aan uw raad toezenden. Dit moet zes weken voordat de begroting door de gemeenschappelijke regeling wordt vastgesteld.

De gemeente heeft op grond van de Wet gemeenschappelijke regeling (artikel 35  lid 2 en 3) en de Gemeentewet (artikel 190 lid 2 en 3) in dit verband een aantal rechten en plichten.

  1. Het bestuur van de gemeente moet het volgende doen.
    1. de begroting van de GR moet openbaar ter inzage worden gelegd en, tegen betaling van kosten, algemeen verkrijgbaar worden gesteld;
    2. van de terinzagelegging en verkrijgbaarstelling moet openbaar kennis worden gegeven.
  2. Verder kan uw raad aan het dagelijks bestuur zijn zienswijze over de begroting naar voren brengen. De raad mag pas minimaal twee weken na de openbare kennisgeving van de terinzagelegging (zie onder b.) over de begroting beraadslagen.

De zienswijzen van de aangesloten gemeenten moeten door het dagelijks bestuur van de GR worden gevoegd bij de begroting zoals die aan het algemeen bestuur van de GR wordt aangeboden.

Dit raadsvoorstel

Dit raadsvoorstel heeft betrekking op het naar voren brengen van de zienswijze van uw raad over de begroting 2015 van Het Plein.

Wij hebben de begroting beoordeeld en adviseren uw raad de hierbij voorgestelde zienswijze ter kennis van het algemeen bestuur van de gemeenschappelijke regeling te brengen.

 

Beoogd effect

Het geven van een zienswijze op de begroting 2015 van Het Plein en daarmee een correcte uitvoering van de GR bewerkstelligen.

 

Argumenten

1.1.Aan de formele vereisten is voldaan

Op grond van artikel 35 lid 2 van de WGR moeten de deelnemende gemeenten de ontwerpbegroting ter inzage leggen en besluit de raad op zijn vroegst twee weken na de ter inzagelegging. De ontwerpbegroting ligt ter inzage.

1.2  Het Plein heeft zich bij het opstellen van de begroting gebaseerd op de werkelijke uitgaven 2013, de verwachte ontwikkelingen op basis van nieuwe wetgeving, de economische ontwikkelingen en inschattingen van de rijksbudgetten voor 2015.

  1. Decentralisaties

De begroting 2015 wordt in belangrijke mate beïnvloed door de decentralisaties, die vooralsnog per 1 januari 2015 ingaan (Participatiewet, WMO, Jeugdwet). Over gevolgen van de decentralisaties voor de uitvoering en de organisatie heeft nog geen besluitvorming plaatsgevonden. In afwachting daarvan continueert Het Plein de huidige taken.

Participatiewet

Per 1 januari 2015 treedt naar verwachting de Participatiewet in werking. De Participatiewet zal grote invloed hebben op de gemeenten en hun uitvoeringsorganisaties Het Plein en Delta.

De toegang tot de WSW wordt per 1 januari 2015 afgesloten en de toegang tot de Wajong wordt beperkt tot volledig en duurzaam arbeidsongeschikten. Dit leidt tot de instroom van een nieuwe doelgroep in de bijstand. Landelijk wordt becijferd dat hierdoor het uitkeringsbestand met 3% zal toenemen.

WMO

Het regeerakkoord bevat eveneens een groot aantal maatregelen met financiële consequenties voor de uitvoering van de WMO. De financiële vertaling daarvan naar gemeenten is nog niet bekend. Deze zal in de meicirculaire duidelijk worden. Vooralsnog baseert Het Plein zich in deze begroting op de macrobudgetten die in het Regeerakkoord genoemd worden. Deze is op basis van inwonertal doorgerekend naar Het Plein (Lochem/Zutphen).

  1. Economische en maatschappelijke ontwikkelingen

Voor 2015 voorspelt het Centraal Planbureau dat de vraag naar arbeid weer wat zal aantrekken en de werkloosheid enigszins zal dalen. Op basis van deze prognoses verwacht Het Plein voor 2014 nog een forse stijging van het aantal BUIG-uitkeringen (10%), maar deze stijging zal in 2015 zijn afgevlakt (6%). Daarnaast is er in 2015 een stijging te verwachten van 3% van het aantal BUIG-uitkeringen, als gevolg van de nieuwe klantengroepen.

  1. Financiële gevolgen

De kosten van de BUIG-uitkeringen heeft Het Pleinet  voor 2015 berekend op basis van de werkelijke

uitgaven uit de Jaarrekening 2013, de verwachte toename van het aantal uitkeringen als gevolg van

de economische ontwikkelingen, en de nieuwe doelgroep. Een en ander leidt tot een verwacht overschot voor Zutphen van € 105.000 in 2015 (2014: € 97.000 overschot).

1.3  De ontwerpbegroting geeft aanleiding tot het indienen van een zienswijze op een aantal punten.

  1. Gedeelde zorgen

Het Sociale Domein staat aan de vooravond van grote veranderingen. De drie transities/decentralisaties (Participatie, WMO en Jeugdzorg) hebben enorme financiële en organisatorische impact voor gemeenten in het algemeen en Het Plein en Delta in het bijzonder. In de begroting noemt Het Plein een aantal risico’s die worden herkend en gedeeld. Zo is er onvoldoende compensatie van het Rijk, omdat de invoering van de Participatiewet een nieuwe doelgroep oplevert. Het risico bestaat dat het budget dat vanuit het Rijk beschikbaar komt, niet overeenkomt met de werkelijke toename als gevolg van de nieuwe doelgroep.

De zorgen over de economische en maatschappelijke ontwikkelingen worden gedeeld. Het Ministerie van SZW heeft op basis van berekeningen van het Centraal Planbureau aangekondigd dat de definitieve macrobudgetten voor 2014 mogelijk met 8% worden verminderd ten opzichte van de voorlopige macrobudgetten 2014. Voor Zutphen betekent dit een korting van afgerond € 1,5 miljoen (8% van
€ 19 miljoen). Deze kortingen hebben al betrekking op het jaar 2014, maar staan nog niet vast. In juni wordt het voorlopig budget vastgesteld; in september of oktober het definitieve budget.

De voorgaande economische ontwikkelingen en de transities  illustreren de indrukwekkende dynamische  omgeving waarin Het Plein haar taken moet verrichten. Dat vereist veel creativiteit, slagkracht en anticiperend vermogen van de organisatie.

  1. Formatie-uitbreiding

De toename van het klantenbestand is voor Het Plein aanleiding om 2,7 fte extra formatie op te nemen. Dat geldt ook voor de nazorg van ex-gedetineerden (0,25 fte). Een uitbreiding van de formatie bij een stijging van het klantenbestand is conform de afspraak met Het Plein, mits de formatie wordt verminderd als het klantenbestand afneemt (het zogenaamde trap op-trap af principe).

  1. Kaderstellende en controlerende verantwoordelijkheid van de raad

De sturingsmogelijkheden vanuit de raad komen onvoldoende uit de verf en de sturingscycli van het Plein en de gemeente Zutphen zijn onvoldoende op elkaar afgestemd. Tot die conclusie komt ook de gezamenlijke Rekenkamercommissie in haar rapport ‘Stellen, Tellen en Vertellen’.

De raad ziet graag dat er stappen worden ondernomen om de sturing op verbonden partijen zoals Het Plein te verbeteren, door verschillende (bestuurlijke) sturingsarrangementen uit te werken. Het College van B&W van Zutphen heeft aangegeven te werken aan een nota verbonden partijen. Ook het Rekenkamerrapport geeft aanleiding om  onze kaderstellende en controlerende verantwoordelijkheid verder en beter vorm te geven. De sturing op verbonden partijen kan verbeterd worden. De rapportage bevat voldoende bevindingen die de gemeente de spiegel voorhouden om zo in de toekomst in de relatie met Het Plein scherper de eigen rollen – zowel ambtelijk, bestuurlijk als politiek – te kunnen nemen.

In de begroting anticipeert u op veranderingen en maakt u keuzes over onder meer het minimabeleid, maatwerkvoorziening voor chronisch zieken en gehandicapten en de korting op huishoudelijke hulp. Dit initiatief is begrijpelijk gezien het vroege stadium waarin de begroting gereed moet zijn. De afweging en de besluitvorming  daarover in de raad moeten echter nog plaatsvinden en kunnen leiden tot aanpassingen van de huidige begroting. Goede afspraken daarover maken deel uit van de sturing van de raad op Het Plein.

Ook de invoering van de Participatiewet en de nieuwe WMO, waarvoor de raad in de loop van 2014 de kaders zal vaststellen, kunnen leiden tot wijzigingen op de huidige begroting. Deze kaders zijn van invloed op de toedeling van taken en bijbehorende budgetten op het gebied van participatie en WMO aan uw organisatie.

 

Kanttekeningen

  1. Bij de raming van de inkomsten BUIG is Het Plein uitgegaan van het voorlopige macrobudget 2014.

Mogelijk gaat het Ministerie van SZW op het macrobudget 2014 een korting toepassen van 8%. Het Plein heeft deze mogelijke korting, in overleg met de gemeenten, opgenomen in de risicoparagraaf. Afhankelijk van de daadwerkelijke cijfers zullen er wijzigingen op de begroting voorgesteld worden. In juni wordt het voorlopig budget vastgesteld; in september of oktober het definitieve budget.

NB de begroting voor 2015 gaat uit van stijging van de BUIG-uitkering voor 2015. Hierboven gaat het echter om een aanpassing van het macrobudget voor 2014 (en dus voor de definitieve uitkering voor 2014).

  1. De begroting van Het Plein is op hoofdlijnen.

De begroting die voorligt, is een begroting op hoofdlijnen. Er zijn nog veel onzekere factoren, zoals

de onduidelijkheid over de wettelijke kaders, de beschikbare rijksbudgetten en de economische

ontwikkelingen, die het lastig maken om een goede inschatting te maken van de situatie in 2015.

De bestuursrapportage in het najaar zal een nauwkeuriger beeld geven van de verwachtingen over 2015. Als het nodig is wordt op basis daarvan een begrotingswijziging voorgesteld. Op basis van nieuwe voorstellen, politiek debat en besluitvorming en het jaarplan 2015 zullen de komende maanden wijzigingsvoorstellen de begroting Het Plein 2015 gaan veranderen.

  1. De Participatiewet vraagt om samenwerking Het Plein en Delta.

Met ingang van 2015 is er door de invoering van de Participatiewet, geen sprake meer van een kostendekkende rijksbijdrage Wsw die via de gemeenten volledig wordt doorbetaald als subsidie aan GR Delta. In plaats daarvan komt er één Participatiebudget voor (voorheen) beschut werk, bijstandsgerechtigde werkzoekenden met een afstand tot de arbeidsmarkt en jonggehandicapten.

De verdeling van het ontvangen budget aan GR Het Plein en GR Delta moet op grond van kaderstelling door de raad en in goede afstemming met beide GR’s plaatsvinden. Binnen het programma Sociaal Domein worden hier afspraken over gemaakt.  Bij het opstellen van de begrotingen is hierover afstemming gezocht. Beide GR’s hebben de opdracht tot een kostendekkende exploitatie. Zodra de gevolgen van de Participatiewet bekend zijn, zullen wijzigingen op de begrotingen van Delta en Het Plein voorgesteld worden.

 

Uitvoering/Communicatie/Vervolgtraject

Zodra uw raad met de conceptbrief heeft ingestemd, wordt deze aan het dagelijks bestuur van de gemeenschappelijke regeling verzonden waarna vervolgens het dagelijks bestuur zich zal buigen over de zienswijzen van Lochem en Zutphen om vervolgens een eventueel bijgestelde begroting ter vaststelling voor te leggen aan het  algemeen bestuur van Het Plein. De planning is als volgt:  reacties van de beide gemeenteraden uiterlijk op 10 juni a.s.; bespreking door DB op 11 juni a.s. en vaststelling van de begroting door AB op 19 juni a.s.

Vanwege de vroege voorbereiding op de begroting 2015 en de actuele ontwikkelingen zullen er naar verwachting in de komende periode de nodige keuzenotities en bestedingsvoorstellen komen, inclusief afgeleide begrotingswijzingen.

 

Rapportage/evaluatie

Overeenkomst artikel 23 van GR Het Plein zal het Algemeen Bestuur de begroting 2015 vaststellen en terstond een afschrift aanbieden aan gemeenten.

 

Financiën

De uiteindelijk vastgestelde begroting Het Plein 2015 wordt verwerkt in de gemeentebegroting 2015. 

 De financiële kaders voor de komende jaren zijn nog onduidelijk. Pas in de loop van dit jaar zal duidelijk worden wat de betekenis van de transities en de aanpassing van de BUIG-uitkeringen is. Zodra er meer duidelijkheid is, zal gezamenlijk gewerkt worden aan een vertaling in de begrotingen. Daarbij kan ook de Reserve WWB/WMO een rol spelen.

 

Bijlagen

Conceptbrief aan het dagelijks bestuur van de gemeenschappelijke regeling.

 

Stukken die ter inzage liggen

 - De begroting 2015 van GR Het Plein

- Concept jaarverslag 2013

- Gewaarmerkte jaarrekening 2013

Bijlagen

Begroting Het Plein 2015
Brf gericht aan het Dagelijks Bestuur Het Plein
conceptbegroting 2015 GR Het Plein
memo college CR Het Plein
Advies begroting 2015 (2) GR Het Plein

Ontwerp

Besluit

Griffienummer: 2014-0065

De raad van de gemeente zutphen,


gelezen het voorstel van het college van burgemeester & wethouders van 7 mei 2014 met nummer 25343;



b e s l u i t :

De zienswijze zoals verwoord in de bijgaande conceptbrief aan het dagelijks bestuur van de gemeenschappelijke regeling Het Plein over de begroting 2015 te verzenden.

Aldus besloten in de openbare vergadering van

de raad van de gemeente zutphen,

gehouden op:



de voorzitter,de griffier,

Forum van 19 mei 2014


Toelichting griffie:
De procedure voor de begroting van een gemeenschappelijke regeling (GR) is vastgelegd in de Wet gemeenschappelijke regelingen en de Gemeentewet. De begroting van een gemeenschappelijke regeling wordt vastgesteld door het algemeen bestuur van de gemeenschappelijke regeling (niet de door de raden van de aangesloten gemeenten). Ieder jaar moeten de dagelijkse besturen van alle gemeenschappelijke regelingen waarvan de gemeente Zutphen deel uitmaakt hun ontwerpbegrotingen voor het komende jaar aan de raad toezenden. De raad kan aan het dagelijks bestuur zijn zienswijze over de begroting naar voren brengen. Om die reden is de begroting nu geagendeerd. De zienswijzen van de aangesloten gemeenten moeten door het dagelijks bestuur van de GR worden gevoegd bij de begroting zoals die aan het algemeen bestuur van de GR wordt aangeboden.
Raadsadviseur: G Pletzers

Datum: 19-05-2014
Tijd: 20:00 - 21:00
Zaal: Shrewsburykamer
Behandeling: Oordeelsvormend
Openbaarheid: Openbaar
Voorzitter: E.C.L. Verhoog
Griffier: S.R. van Galen

Aanwezig namensNaam
BurgerbelangAranka Verwoort
SPEngbert GrĂ¼ndemann
D66Huibert Brouwer
PvdAJasper Bloem
GroenLinksPatrick Reeuwijk
StadspartijGerard Pelgrim
VVDWillem van Stockum
CDAHein Brunsveld
ChristenUnieAndré Oldenkamp

Portefeuillehouder(s): P Withagen
Ondersteuners: R. Schuurman
Pers: nee
Publiek: 11 personen
Insprekers: geen

Verslag van de vergadering

De voorzitter opent de vergadering over de begroting 2015 van de gemeenschappelijke regeling het Plein, zienswijze raad, heet iedereen welkom en geeft het woord aan het college.

Het college geeft aan dat zij –ondanks dat het rapport Stellen, tellen en vertellen van de Rekenkamer pas morgen openbaar is- het nodig heeft geacht in de zienswijze al op het rapport in te gaan, omdat om een reactie is gevraagd en omdat het rapport veel met de begroting te maken heeft. Vanwege de planning adviseert het college de raad de zienswijze over veertien dagen te behandelen zodat deze door het algemeen en dagelijks bestuur van het Plein meegenomen kan worden, voordat zij deze moeten vaststellen en bij de provincie moeten indienen. Dit staat verdere discussie naar aanleiding van het Rekenkamerrapport en aanscherping op de gemeenschappelijke regeling het Plein later in het jaar, niet in de weg. Als de zienswijze te laat wordt ingediend, dan heeft het geen nut meer.

De ChristenUnie vraagt of de raad over veertien dagen de discussie kan voeren met het rapport.

Het college geeft aan dat de Rekenkamercommissie het rapport en de reactie van het college daarop, morgen aan de raad toestuurt. De raad kan de conclusies en aanbevelingen over twee weken meenemen bij het bepalen of de zienswijze voldoende is.

De VVD is verbaasd dat de zienswijze lijkt op de aanbiedingsbrief van het Plein, hij had dit anders verwacht, want hij dacht dat de raad de afgelopen tijd voldoende zorgen en wensen had geformuleerd. De VVD mist de bron van het geld en het beoogde maatschappelijk rendement bij de loonkostensubsidie. Bij het minimabeleid wordt 1,2 miljoen meer uitgetrokken voor het minimabeleid plus 800.000 euro voor de organisatie. Graag een toelichting hierop. In het concept jaarverslag van de jaarrekening van de gemeente wordt in programma 12 over de WMO gesproken over structureel 1,5 miljoen euro minder lasten, terwijl dit in de begroting van het Plein niet terug te vinden is. Graag een reactie hierop.

De PvdA reageert op de opmerking van de VVD over de structurele meevaller, want hij heeft de concept begroting van het Plein doorgerekend en hij kwam op een structurele tegenvaller van 1,35 miljoen vanaf 2015. Vallen deze twee dan tegen elkaar weg? De PvdA wil daarnaast weten hoeveel de 8% korting op het BUIG macrobudget voor Zutphen betekent. Hij kan zich in de rest van de zienswijze vinden.

Het college geeft aan dat de korting van 8% neerkomt op 1,5 miljoen euro. Met het BUIG budget is het altijd lastig, omdat gedurende het jaar prognoses worden gedaan en het budget later pas bekend is. Het is gebruikelijk dat de raad wordt geïnformeerd bij grote afwijkingen.

Het college geeft aan dat we in 2014 van alles aan het voorbereiden zijn voor wat er in 2015 anders wordt en waar nog veel onduidelijk over is. Om dat te relateren aan rekeningen en uitspraken over structurele mee- en tegenvallers: we kunnen op dit moment heel lastig jaren vooruit kijken, zoals bij de macrobudgetten voor de BUIG, omdat die meebewegen met de situatie op de arbeidsmarkt. Daar lopen het aantal WW-uitkeringen vaak achter op de economische trend.

Een aantal dingen ligt nog open, en een aantal kaders gaat later dit jaar door de raad gesteld worden. Voor het Plein was het heel lastig om de begroting te maken voor wat betreft de beleidsruimte die in de participatiewet zit, zoals de inzet van de loonkostensubsidies, het extra armoedebeleid wat ingevuld kan gaan worden, en de veranderingen in de WMO. Daarom zitten er nog veel niet ingevulde zaken in en voor een deel lopen ze vooruit op kaders die nog door de raad gesteld moeten worden. Daarom zeggen we in de zienswijze ook dat dit later in het jaar tot wijzigingen in de begroting van het Plein kan leiden.

De VVD geeft aan dat je twee kanten uit kunt: je volgt de open-eindvoorzieningen die het Plein nodig denkt te hebben om de verwachtte tegenvallers op te kunnen vangen, of je maakt een begroting op basis van wat wel goed in te schatten is, de reguliere werkwijze en de prognoses. En op het moment dat er tegenvallers komen in het kader van die open-eindregeling, vul je de gaten via begrotingswijzigingen. Anders leg je het helemaal bij het Plein en krijg je anderhalf jaar later de verantwoording over het geld.

Het college geeft aan dat het college het Plein heeft gevraagd om een realistische begroting op te stellen op basis van wat je werkelijk verwacht. Daar zijn wij allen bij gebaat. Er zitten nog veel onzekerheden in, maar als je op voorhand toerekent naar de budgetten waar we rekening mee hebben gehouden, dan hou je je zelf een beetje voor de gek.

D66 vraagt of er is nagedacht over alternatieven voor het geval er grote gaten in de begroting van het Plein vallen, wordt dat een open einde verhaal?

Het college antwoordt dat minimaregelingen inderdaad wettelijk open einderegelingen zijn. Dat betekent dat je een aantal dingen niet goed bij kunt sturen, omdat je afhankelijk bent van trends in de samenleving.

Volgens de Stadspartij zijn er geen extra kosten opgenomen voor de bedrijfsvoering, wel voor formatie. Hij vraagt of de transitie niet extra kosten met zich meebrengt. Daarnaast vraagt hij om extra aandacht voor de sturingsmogelijkheid van de raad.

De VVD gaat in op de opmerking van de Stadspartij dat de kosten van bedrijfsvoering niet omhoog gaan. Hij wijst op pagina 22 van de begroting waarin staat dat de formatie plus overhead voor de gemeente Zutphen van 5,6 naar 6,9 miljoen euro gaat.

De Stadspartij verwijst naar pagina 8, daar staat dat er voor bedrijfsvoering geen stijging van huisvesting, ict en overige kosten is.

De ChristenUnie vindt het wat warrig dat op pagina 17 staat dat besloten is de formatie met 1 fte te verminderen en vervolgens gaat deze van 81 naar 97 fte en daar komt die 800.000 euro aan formatiekosten vandaan. Het lijkt hier te gaan over een toename van 16 of 17 fte, terwijl in de toelichting wordt gesproken over 2,7 fte. Graag een verduidelijking.

Het college legt uit dat eind vorig jaar naar aanleiding van een formatieonderzoek bij het Plein het totaal aantal fte van 101 naar 97 is gebracht. Dit is een optelsom van een aantal formatieplaatsen die uit de bedrijfsvoering en een aantal formatieplaatsen die uit het participatiebudget worden betaald.

De ChristenUnie verwijst naar het onderzoek van Stimulans waarin wordt aangegeven dat de primaire formatie naar 81 is gegaan en niet 97. Hij kwam niet van 101, maar van 82 naar 81.

Het college geeft aan dat 101 het totaal aantal formatie was. De getallen die de ChristenUnie noemt, komen uit de bedrijfskosten die de gemeente aan het Plein bijdraagt. Gezien de toename in het klantenbestand hebben we afspraken met het Plein gemaakt dat de WWB-formatie mag meestijgen en dalen op basis van het extra werk. Dat is waar die 2,7 fte vandaan komt. Dit betekent niet dat er geen formatie uit het participatiebudget wordt betaald, we mogen dit budget inzetten voor re-integratie uitgevoerd door mensen in dienst bij het Plein.

Omdat participatie sterk is geslonken en nog meer gaat slinken, moeten we kritisch gaan kijken hoe we dit budget inzetten. Daarom is gekozen om iets meer fte uit de bedrijfskosten te betalen en een kleiner deel uit het participatiebudget.

Het college geeft aan dat de meeste voorbereiding van de transitie in 2014 plaats vindt en als het goed is, landt dit in 2015 in de organisatie. In de loop van het jaar kun je zien wat voor organisatie je nodig hebt. De voorbereiding in 2014 kost veel tijd en knelt bij het Plein.

De Stadspartij vraagt of er rekening is gehouden met kosten die voortvloeien uit een mogelijke vertraging in de voorbereiding.

Het college geeft aan dat dit klopt, de kosten lopen in 2015 door. Nu is alleen een zo realistisch mogelijke inschatting mogelijk, later in het jaar is bijstelling mogelijk.

Het CDA vraagt wanneer de nota Verbonden partijen komt.

De ChristenUnie wil weten hoeveel banen er gerealiseerd zijn, hoeveel mensen er gere-integreerd zijn met het re-integratiebudget.

Het college geeft aan dat de nota Verbonden partijen volgens de planning in het najaar door de raad kan worden vastgesteld. De raad wordt in het voortraject actief betrokken. Het college heeft de uitstroomcijfers niet paraat. Het is lastig om de relatie te leggen, want uitstroom hangt van veel meer zaken af, zoals het aantal banen dat er is. Dit is meer aan de orde in de buraps en jaarverslagen.

De ChristenUnie vraagt of in de burap komt te staan wat er met de inzet van het participatiebudget is gebeurd, hoeveel trajecten daarvoor zijn verzorgd en hoeveel daarvan succesvol zijn geweest.

Het college geeft aan dat de informatie in de buraps en jaarverslagen bij het Plein al steeds beter en gedetailleerder is geworden, maar dat er nog steeds slagen te maken zijn. Het college vindt het een goede zaak als de raad, het Plein en het college de komende tijd gaan bepalen wat zij in de buraps gerapporteerd willen zien. Dit gebeurt in eerste in instantie in de gemeentelijke burap en de strategische agenda, waarin je goed moet verwoorden wat je gerapporteerd wil hebben, dus welke opdracht je als raad aan het Plein meegeeft en waar je op wilt controleren. De buraps van het Plein zijn al wat gedetailleerder dan de gemeentelijke buraps, er staat al steeds meer informatie in over ondermeer hoeveel trajecten hebben we.

De ChristenUnie vraagt wanneer de burap van het eerste kwartaal wordt verwacht.

Het college geeft aan dat de concept burap van het Plein er is en dat de gemeentelijke burap in de afrondende fase zit.

De SP wil weten waarom er geen advies van de cliëntenraad bij ligt en of er nog steeds loonkosten uit het re-integratiebudget betaald worden.

Het college geeft aan dat de cliëntenraad een advies heeft opgesteld dat wordt betrokken bij het advies dat het dagelijks bestuur aan het algemeen bestuur voorstelt.

De ChristenUnie vraagt of de raad mag beschikken over het advies van de cliëntenraad.

Het college zegt toe het advies van de cliëntenraad over de begroting 2015 van het Plein zo spoedig mogelijk aan de raad toe te toezenden, als deze er is.

Het PvdA geeft aan dat op pagina 15 staat dat in 2013 het uitgavenniveau voor huishoudelijke hulp 4,5 miljoen euro bedroeg. Wil dit dalen naar 3,16 miljoen, dan is nieuw beleid nodig. Wanneer verwacht het college dit nieuwe beleid te kunnen presenteren? Een andere vraag: de begroting kan aangepast worden als de kaders veranderen, op welk moment is dit?

Het college antwoordt dat aanpassing van de begroting het meest logisch is in de buurt van de vaststelling van de gemeentebegroting, voor het eind van het jaar. Dat loopt aardig in de pas met het beleid voor de participatiewet en WMO. Voor augustus 2014 overwegen we of we het contract voor huishoudelijke hulp met een jaar willen verlengen, of dat we het opnieuw gaan aanbesteden. Dit laten we afhangen van de nieuwe taken die op ons afkomen. In 2015 zullen de budgetten voor huishoudelijke hulp minder zijn, maar als we ervoor zouden kiezen om het voordeel uit 2014 in te zetten voor 2015, hebben we iets meer tijd om nieuw beleid en een goede afweging te maken.

De VVD heeft wat moeite met het niet beschikken over de burap van het eerste kwartaal en dat de jaarrekening nog niet besproken is. Er gaat wel meer geld naar het Plein, maar er is geen inzicht in de dekking in de gemeentelijke begroting. Het beoogde maatschappelijke rendement zien we onvoldoende terug. Graag aandacht hiervoor.

Het college is het er mee eens dat het heel belangrijk is om betere afspraken te maken wat de raad aan informatie wil ontvangen. Het Rekenkamer rapport geeft aanknopingspunten om daar verder met elkaar over in gesprek te gaan. Hij begrijpt dit, maar er is nu een begroting nodig, want 15 juli moet deze bij de provincie liggen.

De ChristenUnie vraagt naar de reden van de verhoging van 500.000 euro aan formatie aan overhead Zutphen, want deze gaat van 1,2 naar 1,7 miljoen euro. Zie bijlage 1 pagina 21 van de meerjarenraming voor 2015. Is dit een voorsortering op extra uitkeringen die we verwachten?

Het college zal de beantwoording meenemen in het verslag van deze forumvergadering: In de vorige begrotingen was het onderdeel Bedrijfsvoering als één van de vier programma’s opgenomen. In de begroting 2015 is ervoor gekozen Bedrijfsvoering als afzonderlijk hoofdstuk op te nemen in plaats van als een inhoudelijk programma. Het verschil van 500.000 euro is geen verhoging, maar een verschuiving van formatie uit de inhoudelijke programma’s naar het hoofdstuk Bedrijfsvoering.

De voorzitter vraagt of het onderwerp rijp is voor de raad.

De ChristenUnie vindt het rijp voor de raad, met de aantekening dat we nog wel een volwaardige discussie in de raad hebben.

De voorzitter dankt alle aanwezigen en sluit de vergadering.


Advies

Voldoende besproken. Verder debat in de raad


Raad 2 juni 2014 (21:30 - 23:00)

Verslag van de vergadering

Zie de bijlage.


Bijlagen:
Handelingen raad 2 juni 2014

Besluit

Aangenomen
Geen amendementen ingediend


Deze pagina

  • a
  • a
  • a
  • tekstgrootte

Behandeld in

  • Bezoekadres: 's Gravenhof 2, 7201 DN Zutphen
  • Postadres: Postbus 41, 7200 AA
  • Telefoon: 140575
  • Email: info@zutphen.nl