Pagina delen

Forumverslag 27-05-2021

Zienswijzen op de ontwerpbegrotingen 2022 van de gemeenschappelijke regelingen waar de gemeente Zutphen aan deelneemt (27-05-2021)

Datum 27-05-2021 Tijd 19:00 - 22:00
Zaal
Behandeling
Hamerstuk
Openbaarheid
Openbaar
Voorzitter
G.J.N. Müller
Griffier
M.J.E. van den Berg-Platzer
Aanwezig namens Naam
GroenLinksH Krans
SP
PvdAF.J.M. Heitling
BurgerbelangH.J.M Verschure en M.G.S. Siemes
D66P Van der Hammen en R.G.M. Rutten
VVDA. van Dijk en G. Peteroff
CDAH Haringsma en M. Purperhart
StadspartijG.J.H. Pelgrim
BewustZWA.W. Jansen
ChristenUnieA. van Dijken
Kies Lokaal Zutphen WarnsveldA Menkveld

Verslag van de vergadering

De voorzitter opent het Forum en heet de aanwezigen welkom. Tijdens dit Forum liggen de zienswijzen voor op de ontwerpbegrotingen 2022 van de gemeenschappelijke regelingen, waarin de gemeente Zutphen participeert.

D66 kan op hoofdlijnen instemmen met voorliggende begrotingen. Weliswaar heeft de fractie enkele vragen en opmerkingen, maar die zijn niet van dien aard dat dit een aanpassing op de zienswijze noodzaakt.

De fractie denkt dat het toevoegen van een lijst met afkortingen de leesbaarheid van de stukken zou kunnen bevorderen.

De PvdA sluit zich aan bij de inbreng van D66 en ziet ook geen aanleiding om de stukken te amenderen. De fractie heeft wel enkele vragen op deelonderwerpen. Als de informatie per item wordt gestandaardiseerd, komt dit de presentatie ten goede.

Burgerbelang is het in hoofdlijnen met voorgaande sprekers eens. De fractie vraagt hoe de verrekening van de jaarrekening 2020 van de gemeenschappelijke regelingen heeft plaatsgevonden. De positieve saldi worden in 2020 bij de gemeenten geboekt, terwijl ze pas 2021 daadwerkelijk in de kas komen. Spreker vraagt of dit boekhoudkundig gebruikelijk is.

De Stadspartij kan zich vinden in de geformuleerde zienswijzen, maar heeft nog wel een vraag bij de zienswijze voor de GGD. Daarin wordt gesproken over een eerste begrotingswijziging voor 2022. De vraag is hoe er al een eerste wijziging kan liggen als de begroting voor 2022 nog moet worden opgesteld. Voor het overige spreekt de fractie waardering uit voor de zienswijzen zoals deze zijn opgesteld.

De VVD dankt voor de heldere presentatie. Op enkele onderwerpen zal de fractie bij de bespreking van de betreffende jaarrekening nader ingaan.

De voorzitter geeft de fracties vervolgens gelegenheid om per gemeenschappelijke regeling vragen te stellen en opmerkingen te maken.

* Cleantech Regio

De PvdA geeft aan, dat in de stukken wordt gesproken over vertraging op een aantal projecten. Spreker vraagt welke projecten dat betreft en waarom vertraging is ontstaan. Voorts wordt gesproken over herijking van de koers en professionalisering. Wat dit betreft, vraagt de PvdA om een nadere toelichting. In de stukken wordt voorts ingegaan op de rol ten aanzien van de woningbouwambitie van de Cleantech regio. Onlangs is door de gemeenten Apeldoorn, Deventer en Zwolle een woondeal met het Rijk afgesproken. Spreker vraagt of Zutphen hierin ook een rol heeft. Tot slot, stelt spreker vast dat er geen kadernota ligt.

* GGD Noord Oost Gelderland

De PvdA constateert dat een bedrag van € 69.000,= terugvloeit naar de gemeenten. De fractie acht het voorstelbaar dat de GGD daar zelf een bestemming voor zoekt, aangezien het geen groot bedrag is.

* Veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland (VNOG)

De VVD vindt het prima dat de VNOG op de huidige voet doorgaat. Wel vindt de fractie het opvallend dat er minder geld lijkt te gaan naar risico- en crisisbeheersing. De fractie wil weten wat de visie van het College is op het nieuwe beleid van de VNOG. De vraag is of dit nieuwe beleid financieel kan worden gedekt uit bestaande middelen.

De Stadspartij heeft via de nieuwsberichten vernomen dat er een Europese richtlijn komt, waarin is opgenomen dat vrijwilligers op een andere manier moeten gaan werken en uitsluitend deeltaken mogen uitvoeren. De vraag is of hier binnen de VNOG ook discussie over bestaat. Immers, binnen de VNOG is sprake van een groot deel vrijwillige medewerkers.

* Basismobiliteit Plus OV

De VVD constateert dat bij Plus OV wordt gejubeld over het positieve resultaat. De VVD constateert echter dat dit met name wordt veroorzaakt door incidentele meevallers, terwijl in de begroting sprake is van druk op de kosten. De vraag is wat daarvoor de redenen zijn, alsmede of Plus OV op de goede weg is.

De PvdA constateert dat de gemeente Zutphen in 2022 alleen nog maar het vraagafhankelijke vervoer afneemt. De kosten daarvan worden begroot op € 604.000,=. Spreker stelt vast dat hiervan een derde deel, ad € 192.000,=, organisatiekosten betreft en acht dit in verhouding veel.

In de zienswijze wordt blijvende aandacht gevraagd voor kostenreductie met behoud van kwaliteit. Spreker vraagt hierop een nadere toelichting.

BewustZW vindt het vanuit Plus OV opvallend stil momenteel. Dit hoeft niet te betekenen dat er goed nieuws volgt. BewustZW vraagt de Raad mee te nemen in het proces van verbetering en verandering naar een toekomstmodel.

Kies Lokaal is blij dat de gemeente voor een deel uit Plus OV is gestapt, want dit kostte de gemeente heel veel geld. Wellicht zou het nog beter zijn om ook het vraagafhankelijke vervoer uit Plus OV te halen. Dit zou vele malen voordeliger kunnen, want Plus OV is een organisatie met veel overhead.

D66 constateert dat Plus OV min of meer op orde is. Er ligt nog wel een efficiencyslag voor de nabije toekomst. Omdat Plus OV betrekking heeft op mobiliteit, is het belangrijk om op korte termijn ook naar het aspect ‘duurzaamheid’ te kijken. Het zou mooi zijn als een duurzaamheidsparagraaf kan worden ingevoerd.

De Stadspartij wijst op het geschil van Plus OV met een vervoerder. De vraag is in hoeverre de gemeente er rekening mee houdt dat een deel van die claim uiteindelijk bij de gemeente terechtkomt.

* Omgevingsdienst Achterhoek (ODA)

De VVD vraagt wat er wordt gedaan met de verklaring van beperkingen in relatie tot de rechtmatigheid. Ook over 2020 is een vergelijkbare verklaring afgegeven. De vraag is waarom deze controleverklaring niet in de (toelichting op de) jaarrekening is opgenomen.

BewustZW sluit zich aan bij de reactie van de VVD en voegt toe dat vandaag bekend is geworden dan de Omgevingswet per 1 juli 2022 wordt ingevoerd, zijnde een half jaar later dan gepland. De vraag is hoe dit zich verhoudt tot de begroting, waarin is uitgegaan van invoering per 1 januari 2022. De fractie vraagt zich af of dientengevolge de begroting naar beneden kan worden bijgesteld. Dit zou een gunstige invloed kan hebben op de gemeentelijke financiën.

De Stadspartij constateert dat de provinciale bodemtaken bij de invoering van de Omgevingswet bij de gemeenten komen te liggen en daarmee indirect naar de ODA gaan. De vraag is of de gemeente zich daarop voorbereidt, of dat dit volledig aan de ODA wordt overgelaten. In het verlengde daarvan is het de vraag of de ODA hiervoor voldoende kennis en expertise in huis heeft. Een actueel onderwerp is de bestrijding van milieu- en drugscriminaliteit. De vraag is hoe de handhaving door de ODA en de samenwerking met de gemeentelijke BOA’s in dezen is geregeld.

* Tribuut belastingsamenwerking

GroenLinks verwijst naar de formulering in de tweede alinea, waar wordt gesproken over “gebrek aan functionele fijnmazigheid”. De fractie roept het College op hier snel en kritisch naar te kijken.

De VVD constateert dat de financiën er bij het Tribuut een stuk beter voor staan. Wat opvallend is, is het grote aantal ingediende bezwaren, waarvan er opvallend veel gegrond zijn verklaard. De vraag is of op dat punt iets is veranderd, want de getallen komen grotendeels overeen met die van vorig jaar.

De Stadspartij wijst op het opstartbudget van het Tribuut. Vanaf 2021 kan het Tribuut daar geen gebruik meer van maken, maar de structurele uitgaven zijn nog niet afgedekt in de begroting. Het is belangrijk dat het Tribuut het proces goed gaat organiseren, zodat er geen incidentele kosten ontstaan.

De voorzitter biedt het College gelegenheid om te reageren op de vragen en opmerkingen.

Het College gaat in op de technische vragen en geeft aan, dat bij de Cleantech regio de zoektocht naar nieuwe huisvesting voor het regiobureau vertraging heeft opgelopen. Het pand in Voorst wordt verbouwd en de regio heeft besloten om een andere locatie te gaan zoeken. Voorts is vanwege corona vertraging opgelopen op een aantal projecten. Vanwege veranderende subsidieregels zijn ook de projecten op het gebied van mobiliteit enigszins vertraagd.

In 2020 is de organisatie van de Cleantech regio afgerond. De regionale opgaven, waaronder de woonopgaven, zijn scherper geformuleerd. Er is een start gemaakt met actualisering van de Cleantech agenda en dat leidt tot een perspectief voor 2030. In het najaar komt er een uitgangsprogramma naar de Raad. Er is geïnvesteerd in de communicatie naar de raden.

Namens vier burgemeesters is een brief naar de Raden gestuurd, waaronder de gemeenteraad van Zutphen. In deze brief wordt een pleidooi gehouden voor de Woondeal.

Het College bevestigt dat er geen Kadernota bij de stukken is gevoegd. Het is de bedoeling om dat vanaf volgend jaar wel te doen. Dit wordt in het proces opgenomen.

In reactie op de vragen over de GGD Noord Oost Gelderland, meldt het College dat de begroting 2022 in concept beschikbaar is. De eerste begrotingswijziging, waarop werd gewezen, heeft betrekking op deze conceptbegroting. De wijziging heeft te maken met de keuze om voor 2022 bestaand beleid voort te zetten. De wijziging maakt inzichtelijk welke invloed nieuw beleid zou hebben op de begroting. Daarnaast heeft de wijziging betrekking op het rijksvaccinatieprogramma en is logisch en verklaarbaar.

Het resultaat over 2020 is niet naar de reserve van de GGD gegaan. De reserve van de GGD is op orde. Er is dus een goede reden om het bedrag aan de gemeenten uit te keren.

Het College licht vervolgens toe, dat de VNOG de afgesproken lijn volgt, conform de toekomstvisie die in 2020 in de Raad is besproken. In de praktijk gaat er niet minder geld naar risico- en crisisbeheersing. Van nieuw beleid is op dit moment geen sprake.

De VNOG is druk bezig met de Wet Normalisering Rechtspositie Ambtenaren, WNRA. Daartoe is een werkgeversvereniging opgericht.

Het College bevestigt dat het positieve resultaat over 2020, bij Plus OV, inderdaad door eenmalige meevallers wordt veroorzaakt, maar dat is niet de enige oorzaak. Er is ook duidelijk sprake van meer grip op de kosten en een betere kostenbeheersing. Aan de beheer- en regiekant zijn grote verbeterslagen gemaakt. Het College suggereert om de nieuwe directeur van Plus OV op een later moment een keer uit te nodigen voor een Raadsvergadering of tijdens een Forum. Dat de organisatiekosten relatief hoog zijn ten opzichte van de vervoerskosten is een terechte constatering, maar dat is kenmerkend voor dit type vervoer. De kosten bij Plus OV zijn in lijn met die van vergelijkbare uitvoeringsorganisaties. Er worden momenteel nog steeds verbeterslagen gemaakt, die zien op kostenbesparing met behoud van kwaliteit. Een recent voorbeeld hiervan heeft te maken met software, waardoor de planners beter in staat worden gesteld om goed te plannen. Hierdoor kunnen de uitvoeringskosten naar beneden worden bijgesteld. Bij het afsluiten van de contracten en in de aanbestedingen is - via de normeringen voor de voertuigen - aandacht besteed aan het aspect ‘duurzaamheid’. Duurzaamheid blijft ook in de komende tijd een punt van aandacht.

De PvdA begrijpt dat de complexiteit van de aangeboden diensten tot de hoge kosten leidt. In reactie op de opmerking van het College over software, wijst de fractie erop, dat de organisatie die software al vier jaar heeft.

Het College licht toe, dat Plus OV met meerdere softwaresystemen werkt. Genoemd systeem heeft betrekking op de planning. Hierdoor is minder personeel nodig.

In de lopende rechtszaak met één van de vervoerders, is nog geen definitieve uitspraak gedaan. Wel zullen de gemeenten rekening moeten houden met het risico van de uitspraak in deze rechtszaak. Dit betekent dat zij een voorziening moeten treffen.

Het College gaat in op de verklaring van beperkingen inzake de rechtmatigheid, wat betreft de ODA. Het is het College niet bekend dat deze verklaring ook over 2020 is afgegeven. De beperking wat betreft de rechtmatigheid heeft betrekking op overschrijding van het bedrag van € 84.000,= waar de accountant de materialiteit op heeft vastgesteld. Er is een fouttolerantie van 1 procent. Alles wat daarboven komt, komt direct voor een beperkende verklaring in aanmerking. Het gaat in dit geval over inhuur, die plaats zou moeten vinden conform Europese aanbestedingsregels. Het gaat daarbij om een bedrag van € 116.000,=. Op een bedrijfsbudget van 8,4 miljoen euro is dit een beperkte overschrijding, maar omdat de tolerantiegrens door de accountant heel strak is vastgesteld, is een beperkende verklaring afgegeven. De ODA heeft aangegeven dat de aanbesteding met betrekking tot inhuur dit jaar niet opnieuw plaatsvindt. Dat betekent dat deze verklaring dan achterwege kan blijven.

De invoering van de Omgevingswet is inderdaad tot 1 juli 2022 uitgesteld. Dat geeft wat extra tijd om samen met de ODA te kijken naar wat er op de gemeenten en de ODA afkomt met deze nieuwe wet en hoe de taakverdeling wordt. De raad kan daarover ook nog een standpunt innemen.

Als het gaat om de controle op wet- en regelgeving door omgevingsdiensten, blijkt het in het algemeen zeer lastig om geschikte medewerkers hiervoor te vinden. De ODA ondervangt dat enerzijds met inhuur, maar ook die mogelijkheden blijken beperkt. Daarom is de ODA voornemens deze expertise zelf te gaan organiseren middels interne scholing en opleiding, om zodoende aan de kwaliteitsnormen te kunnen gaan voldoen.

BewustZW stelt, dat voor inhuur vaak gecertificeerde bureaus worden gekozen. Deze bureaus zijn echter ook vaak werkzaam aan de indienerskant. Dan bestaat de kans dat de indiener tevens de toetser wordt hetgeen niet wenselijk is. BewustZW vraagt het College erop toe te zien dat een dergelijke situatie niet ontstaat.

Het College antwoordt dat dit soort risico’s zeker dient te worden voorkomen. Mede daarom is het lastig om de expertise in huis te halen. Het College stelt voor om de specifieke inhoudelijke vragen te laten beantwoorden door de directeur van de ODA tijdens een Forum, waarvoor zij kan worden uitgenodigd.

BewustZW is blij met dit antwoord en met het voorstel om de directeur uit te nodigen. Daarmee laat de raad ook zien dat zij hier een focus op legt en kijkt hoe hier op een verstandige manier invulling aan kan worden gegeven.

De Stadspartij wijst op het belang van controle en handhaving. Het is belangrijk dat de samenwerking op dat gebied goed verloopt. Daarom juicht hij het voorstel toe om daarover met de directeur van de ODA in gesprek te gaan.

D66 merkt op, dat de ODA twee maanden geleden een informatieavond voor raadsleden heeft georganiseerd, waar deskundigen aanwezig waren om allerlei vragen te beantwoorden. Het is zinvol om als raadslid bij dit soort activiteiten aan te sluiten.

BewustZW zegt dat het – naast de inhoudelijke vragen – ook de vraag is hoe de raad strategisch kan sturen en op afstand doelen kan bereiken. Het lijkt spreker verstandig om het Forum daartoe in twee delen te knippen – een handhavingsonderdeel, wellicht in beslotenheid – en een onderdeel voor de overige onderwerpen.

Het College geeft aan, dat het Gelders stelsel, waarbinnen met de omgevingsdiensten van heel Gelderland wordt samengewerkt, tot een interessante manier van werken leidt. Het is interessant om daar meer over te weten te komen.

Als het gaat om handhaving, hoeft niet altijd over specifieke casuïstiek te worden gesproken. Het College wil hierin graag tegemoetkomen zodat er een kwalitatief goed Forum kan plaatsvinden.

In reactie op de vragen over het Tribuut, licht het College toe, dat de functionele fijnmazigheid met name betrekking heeft op de post ‘Algemene kosten’. De nieuwe directeur heeft gezegd dat deze wordt gerubriceerd in nieuwe posten.

Het aantal bezwaren is al meerdere jaren een probleem. De ‘no cure no pay’ bureaus hebben met de nieuwe wetgeving een lucratief businessmodel ontdekt. Dat is een groot probleem voor alle tributen in Nederland. Het Tribuut scoort op het landelijk gemiddelde, als het gaat om het totaal aantal bezwaren ten opzichte van het totaal aantal woningen en niet-woningen en het aantal toegekende bezwaren. Dat wil echter niet zeggen dat het niet beter kan.

De PvdA vraagt of een bezwaar tegen een OZB-beschikking inhoudt dat het Tribuut iets fout heeft gedaan. Spreker meent dat het probleem eerder bij de gemeenten ligt, want zij stellen de OZB-waarden vast.

Het College licht toe, dat het bepalen van de OZB-waarde wel een verantwoordelijkheid van het Tribuut is. Om die reden is gekozen voor een waardering per vierkante meter in plaats van een waardering per kubieke meter; dat heeft een gunstig effect op het aantal bezwaren. Overigens neemt het aantal bezwaren licht toe, maar de bedragen waar de bezwaren betrekking op hebben, zijn vrij laag.

De werkwijze van het Tribuut is eveneens aangepast. Het Tribuut verstuurt in februari de brief en nodigt degenen die het niet eens zijn met de waardering uit voor een gesprek. Vervolgens wordt contact gelegd met degene, die de waardering heeft uitgevoerd. Met een deskundige van het Tribuut worden één voor één de punten doorgenomen, waarvan de potentiële bezwaarmaker vindt dat deze niet juist zijn. Deze werkwijze leidt tot een behoorlijke vermindering van het aantal bezwaren. Het Tribuut doet dus haar best, maar het echte antwoord ligt in andere wetgeving.

Het College erkent dat structurele uitgaven niet met incidentele middelen mogen worden gedekt, maar het Tribuut doet dat wel; met name op ICT-gebied. Daardoor is het opstartbudget nu volledig besteed. Dat doet het Tribuut om te voorkomen dat de deelnemende gemeenten worden geconfronteerd met een tekort. Dit betekent dat er nu een kleine ophoging moet worden verwacht.

Het College legt uit dat wordt gewerkt conform het baten- en lastenstelsel. Dat betekent dat lasten, die op 2020 betrekking hebben, conform wet- en regelgeving ook in 2020 moeten worden geboekt. De jaarrekeningen van de gemeenschappelijke regelingen komen echter later dan de jaarrekening van de gemeente. Daarom kunnen deze bedragen feitelijk pas in 2021 worden geboekt.

De ChristenUnie leest in voorliggende stukken dat er taken overgaan van de ODA naar de gemeenten. De vraag is of dit betekent dat ook de benodigde middelen naar de gemeenten overgaan.

Het College stelt dat er in het kader van de Omgevingswet taken van de Provincie overgaan naar de gemeenten; daarin kan de ODA mogelijk een rol gaan spelen. Hierover vindt overleg plaats. Dit is wellicht een goed onderwerp om met de directeur van de ODA te bespreken, wanneer zij de raad of het Forum bezoekt.

D66 brengt een punt van orde in. De fractie stelt voor om de vragen met betrekking tot de portefeuille van de burgemeester door te schuiven naar de raadsvergadering van maandagavond.

Het College stelt voor om de openstaande vragen vóór de raadsvergadering schriftelijk te beantwoorden.

De voorzitter gaat over tot het inventariseren van de vragen, die nog niet aan de orde zijn geweest.

De ChristenUnie refereert aan de nieuwe wetgeving ten aanzien van differentiatie bij de vrijwillige brandweer. Spreker is benieuwd hoe dit zich binnen de regio gaat ontwikkelen.

BewustZW wijst op landelijke berichtgeving, dat brandweerkorpsen steeds minder ondersteuning krijgen van vrijwilligers. Dit betekent dat steeds meer beroep moet worden gedaan op beroepsbrandweer. Dat kan grote gevolgen hebben. De fractie hoort graag de reactie van de portefeuillehouder op deze ontwikkeling.

De voorzitter geeft aan, dat de genoteerde vragen zullen worden doorgestuurd naar de burgemeester, zodat zij deze maandagavond mondeling kan beantwoorden. Een schriftelijke reactie kan achterwege blijven.

De griffier meldt dat gisteren in het Presidium is besloten dat een aantal vragen aanstaande dinsdagavond tijdens een besloten digitale raadsvergadering zal worden behandeld.

De voorzitter dankt de aanwezigen voor hun deelname en sluit de vergadering om 20.06 uur.

 

 

Advies

Voldoende besproken. Verder debat in de raad

Agenda's 27-05-2021

Behandeld in

Forumverslagen {{ actiefJaar }}